SUBSIDIES.
...

SUBSIDIES.In zijn lichte bestelwagen toert Klaus-Jürgen Koch rond op de site van Buna Sow Leuna Olefinverbund ( BSL of Buna). Zijn naamkaartje leest technical manager Value Park: sinds 1995 is hij verantwoordelijk voor het lokken van investeerders naar een 54 hectare groot industrieterrein op het 500 hectare grote BSL-terrein. "In 1976 begon ik als ontwerper op het studiebureau van BSL. Begin jaren negentig werd ik projectingenieur, en nu probeer ik investeerders naar Value Park te brengen." En daarin slaagt de Ossi aardig: de helft van de oppervlakte is vandaag gevuld, goed voor 5,7 miljard frank investeringen en 300 jobs. Manuli, een Italiaanse producent van verpakkingsmateriaal, investeert een miljard frank en creëert 50 jobs; het Duitse European Vinyls Corporation ( EVC), pompt 2200 miljoen frank in Value Park en bouwt een PVC-plant met een capaciteit van 180.000 ton. 123 werknemers kunnen er aan de slag; Ook de Belgische nv Ravago Plastics is er actief, met haar Duitse dochter RP Compounds. De investering van 1400 miljoen frank zorgt voor een productiecapaciteit van 60.000 tot 65.000 ton polypropyleen en polyethyleen. Zeventig mensen kunnen aan de slag. Ravago, met hoofdkwartier in Arendonk, is één van de belangrijkste spelers in de verwerking, recyclage en behandeling van plastics. Wereldwijd werken 1500 mensen in 60 bedrijven. De Belgische afdeling haalde in 1997 een omzet van 6512 miljoen frank, en een winst na belastingen van 193 miljoen frank;De Duitse transportreus Hoyer investeert een miljard frank in reinigingsinstallaties voor tanks, opslagfaciliteiten en logistieke dienstverlening. Schkopau wordt voor Hoyer de centrale site voor de expansie naar Oost-Europa. In een eerste fase worden 20 mensen aangeworven; Kurotec ten slotte, de Duitse producent van pijpleidingen en opslagtanks, investeert 80 miljoen frank en creëert 45 arbeidsplaatsen. Treuhand.Al deze investeerders blijven in de schaduw van de centrale speler op de BSL-site: de Amerikaanse multinational Dow Chemical. Dow beheert BSL sinds medio 1995 en nam in 1997 een participatie van 80% in de grootste petrochemische site van de ex-DDR. Daarmee slaakte de Bundesanstalt für vereinigungsbedingte Sonderaufgaben ( BVS) een zucht van verlichting. De BVS is de opvolger van de Treuhand, het publiek-particuliere orgaan dat de overheidsbedrijven van de ex-DDR privatiseerde. Buna was één van de moeilijkste dossiers: Dow Chemical investeert tot 2000 40 miljard frank in de site, de Duitse overheid doet daar nog eens 190 miljard frank bovenop. Dat overheidsgeld vloeit vooral naar de Altlasten: het opruimen van verontreinigde grond, het demonteren van milieubelastende productie-eenheden en de sanering van schulden uit het verleden. Die hoge subsidies lokten ook de aandacht van Europees commissaris voor het Concurrentiebeleid Karel Van Miert ( SP). Maar einde mei werd het dossier zonder gevolg - en in het voordeel van Dow - afgesloten. Dow Chemical produceert op de site een tiental plastics en chemische stoffen, op basis van ethyleen. BSL wordt de uitvalsbasis voor de beloftevolle Midden- en Oost-Europese markt, met haar 400 miljoen consumenten. Dow Chemical behoudt 2200 van de ooit 25.000 werknemers.Want Buna was een begrip achter het IJzeren Gordijn. In 1916 start in Leuna de eerste chemische plant. In 1937 begint de productie van rubber in Schkopau. "Het hele dorp is rond de site gecreëerd," herinnert zich Klaus-Jürgen Koch. "Ook uit Halle Neustadt pendelden de werknemers." De wijk met torenhoge appartementen werd eveneens grotendeels voor BSL gebouwd. "In het begin van mijn carrière bij Buna heb ik even in zo'n appartement gewoond. Niets voor mij," zucht Klaus-Jürgen Koch. "'s Morgens vertrokken drie barstensvolle treinen richting BSL, 's avonds keerden die drie terug. We hebben nog steeds een station op de BSL-site. Het is voor 1300 miljoen frank volledig gerenoveerd. Maar vandaag zijn er nog nauwelijks pendelaars." Want aan de streng gecontroleerde in- en uitgangen van Buna schuiven vandaag de Ossi's aan in de file. Niet in Trabbis, maar wel gloednieuwe vierwielers van het West-Duitse Wirtschaftswunder. Wolfgang Riepl