Tot voor kort reikte de aktieradius van Jan Drijvers niet verder dan Diest en Leuven. Hij woonde in beide gemeenten zeventien jaar, engageerde zich in de Diestse stadskrant, de jeugdbeweging en de jeugdraad, studeerde kommunikatiewetenschappen aan de KU-Leuven, deed zijn eerste marktonderzoek-ervaring op als PR-man bij de Alma-universiteitsrestaurants en was zeven jaar assistent op het departement kommunikatiewetenschappen. En toeval of niet, maar de twee uitersten van het arrondissement Leuven bakenen ook het zendgeb...

Tot voor kort reikte de aktieradius van Jan Drijvers niet verder dan Diest en Leuven. Hij woonde in beide gemeenten zeventien jaar, engageerde zich in de Diestse stadskrant, de jeugdbeweging en de jeugdraad, studeerde kommunikatiewetenschappen aan de KU-Leuven, deed zijn eerste marktonderzoek-ervaring op als PR-man bij de Alma-universiteitsrestaurants en was zeven jaar assistent op het departement kommunikatiewetenschappen. En toeval of niet, maar de twee uitersten van het arrondissement Leuven bakenen ook het zendgebied af van de regionale televisie ROB, het televisiestation dat Drijvers in 1987 samen met onder andere Achiel Selleslach en Walter Leirman mee hielp oprichten. Toch begint ook Brussel geleidelijk een prominente plaats in het leven van Jan Drijvers in te nemen. Sinds twee jaar doceert hij nationaal en internationaal mediabeleid aan de KU-Brussel. En afgelopen zomer werd hij als senior project leader aangetrokken bij het onderzoeksbureau Dimarso. De mediaspecialist wordt bij Dimarso, dat sinds vorig jaar voor 85 % in handen is van de Franse groep Sofres, verantwoordelijk voor... media-onderzoek. Met zijn engagement binnen Dimarso bewijst Drijvers dat hij geen ivoren-torengeleerde is, wel een man van evenwichten. Evenwichten tussen teorie (zijn akademische specializatie is de organizatie, struktuur en werking van de media, het mediabeleid en vooral de lokale media) en praktijk (zijn journalistieke ervaring bij de stadskrant en bestuursfunktie bij ROB), tussen onderwijs en onderzoek, tussen vragen stellende klanten en studenten.Maar de 34-jarige Brabander komt bij Dimarso ook in een wereld terecht die geen geheimen meer in petto heeft. Hij kent de mediakontekst, weet welke vragen er gewoonlijk worden gesteld en wat de beleidsimplikaties zijn. Wat is dan het boeiende aan de job ? Drijvers : "Mijn grootste probleem met marktonderzoek in het mediabeleid is niet dat de antwoorden niet deugen, wel dat niet altijd de meest pertinente vragen worden gesteld. Media-onderzoek gebeurt vooral op vraag van adverteerders. En die zijn voornamelijk geïnteresseerd in vragen als : Heeft de potentiële klant mijn boodschap kunnen zien of horen ? Hoeveel tijd brengt iemand door voor zijn televisietoestel... Even belangrijk echter zijn de waarom-vragen : wat doet een lezer, kijker, luisteraar met zijn krant, televisie, radio ? Ik zie het als mijn opdracht binnen Dimarso om dat soort vragen te helpen losweken en ondersteunen. "JAN DRIJVERS (DIMARSO) Socrates wist het al : de vragen zijn het belangrijkst. Jan Drijvers maakteen moderne toepassing hiervan in het media-marktonderzoek.