Vorige week schreven we dat China een probleem had met de maandelijkse publicatie door het bureau Markit van de PMI (index van de aankoopdirecteuren of Purchasing Managers). Maar de eurozone had dat evenzeer. De Europese financiële markten gingen die 20 november zelfs duidelijk in het rood. Onder economen wordt de PMI toch gezien als een van de belangrijkste indicatoren voor de toestand van een economie. Het cijfer van 50 is cruciaal: daarboven is sprake van groei; een cijfer onder 50 wijst op het krimpen van een economie. Welnu, het cijfer voor de eurozone zakte voor de maand november tot 51,4, teg...

Vorige week schreven we dat China een probleem had met de maandelijkse publicatie door het bureau Markit van de PMI (index van de aankoopdirecteuren of Purchasing Managers). Maar de eurozone had dat evenzeer. De Europese financiële markten gingen die 20 november zelfs duidelijk in het rood. Onder economen wordt de PMI toch gezien als een van de belangrijkste indicatoren voor de toestand van een economie. Het cijfer van 50 is cruciaal: daarboven is sprake van groei; een cijfer onder 50 wijst op het krimpen van een economie. Welnu, het cijfer voor de eurozone zakte voor de maand november tot 51,4, tegenover nog 52,1 in oktober, terwijl economen gemiddeld op een lichte toename tot 52,3 hadden gerekend. Een nieuw bewijs van de moeilijke gang van zaken in de eurozone. En kijk, sinds vrijdag 21 november is het weer feesten geblazen op diezelfde Europese markten. Mario Draghi, de voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB), voelde de bui al enige tijd hangen. Hij zag zijn moment weer gekomen voor een belangwekkende toespraak. In juli 2012 had hij in Londen aangekondigd dat de ECB er alles aan zou doen om de euro (EUR) te redden, en dat het voldoende zou zijn. Dat verbale geweld miste zijn uitwerking niet. Dat de Belgische tienjaarsrente op overheidsobligaties bijvoorbeeld tot onder de historische drempel van 1 % is gezakt, is nog mede een gevolg van zijn toenmalige uitspraken. Deze keer verkondigde hij in Frankfurt dat de ECB er alles aan zal doen om opnieuw inflatie te creëren in de eurozone, en dat zo snel mogelijk. Dat kan enkel maar betekenen dat de ECB bereid is verder op te schuiven richting kwantitatieve versoepeling. Goed voor gemiddelde bonussen van 4 à 5 procent voor de Europese beurzen in één week tijd. Misschien had Draghi het opiniestuk van Andrew Balls van Pimco Europe gelezen, onder meer verschenen op de website van de Financial Times, waarin de ECB zwaar op de korrel werd genomen. De titel 'ECB Inflation Target Fails Credibility' ('De inflatiedoelstelling van de ECB mist geloofwaardigheid') loog er dan ook niet om. Op de Federal Reserve kan men vertrouwen, op de Bank of England kan men staat maken. Niet zo op de ECB, die in 2012 al vooropstelde om tegen 2015 weer de inflatiedoelstelling van 2 % voorop te stellen. Maar zoals iedereen kan Balls vaststellen dat eind 2014 de inflatie op 0,4 % ligt voor de eurozone (0,7 % onderliggende inflatie). Mijlenver weg van de doelstelling. De kans dat de centrale bankiers in de financiële pers snel van het voorplan verdwijnen, lijkt zo goed als nihil. Integendeel, voorspellen dat Janet Yellen en Mario Draghi prominent blijven in 2015 is een van de meer zekere prognoses voor volgend jaar. Voorlopig tot meerdere eer en glorie van de financiële markten. Als Draghi er volgend jaar in slaagt deflatie in de eurozone te vermijden en de economische motor weer aan de praat krijgt - zelfs maar een beetje - dan kroont hij zich, net als in 2012, tot de financiële Man van het Jaar.DE CENTRALE BANKIERS ZULLEN OP DE VOORGROND BLIJVEN IN 2015.