Kort nadat zijn vrouw aan kanker is bezweken, trekt kunsthistoricus Max Morden naar het dorp aan zee waar hij als kind de zomervakanties doorbracht. Zijn ouders huurden er een schamel houten vakantieverblijf. De oudere, rouwende, melancholische man wil er werken aan een monografie over een schilder, maar wordt onder meer in beslag genomen door herinneringen aan een onthutsende zomer uit zijn jeugd. De knaap raakte bevriend met een gefortuneerde familie, die er verbleef in een totaal andere, onbereikbare wereld. Max vond de vrouw weergaloos knap, maar zijn uiteindelijke ...

Kort nadat zijn vrouw aan kanker is bezweken, trekt kunsthistoricus Max Morden naar het dorp aan zee waar hij als kind de zomervakanties doorbracht. Zijn ouders huurden er een schamel houten vakantieverblijf. De oudere, rouwende, melancholische man wil er werken aan een monografie over een schilder, maar wordt onder meer in beslag genomen door herinneringen aan een onthutsende zomer uit zijn jeugd. De knaap raakte bevriend met een gefortuneerde familie, die er verbleef in een totaal andere, onbereikbare wereld. Max vond de vrouw weergaloos knap, maar zijn uiteindelijke verliefdheid op de dochter was wel wat praktischer. En het werd zomer, maar het verblijf aan zee liep dramatisch af. Met die hoofdlijnen van De zee doen we de schijnbaar bescheiden roman niet echt recht. De Ier John Banville won er vorig najaar de prestigieuze Man Booker Prize mee. Die bescheidenheid is een valstrik. In even gracieuze als precieze zinnen vertelt Banville niet zomaar een rechttoe-rechtaanverhaal, het is hem veeleer te doen om de stemming, de mijmeringen over leven en dood, en de zoektocht naar het ongrijpbare van het leven zelf. "Een meesterlijke studie van droefheid, herinnering en liefde," prijkt in het juryrapport van de Man Booker Prize. In een interview in NRC Handelsblad liet Banville zich ontvallen: "Ik streef ernaar mijn proza zo te maken, dat het poëzie wordt. Veel recensenten zien dat niet. Ze beschouwen mijn boeken als mislukte pogingen om romans te schrijven." De Brit Tim Parks, die al zowat de helft van zijn 52-jarige leven met zijn Italiaanse vrouw in Verona woont, zal je niet horen tegenspreken dat hij (onder meer) romans schrijft. Toch hecht ook hij niet zelden meer belang aan literaire thema's en vaak ook aan maatschappelijke commentaar dan aan het verhaal. In Buiten bereik wordt dat bevestigd: een notoir tv-journalist heeft een bikkelhard interview met de Amerikaanse president (Bush lijkt herkenbaar) en trekt zich daarna compleet onvoorbereid terug op een berg in Zuid-Tirol. Hij vlucht, vooral voor het boek dat zijn zoon uitgebracht heeft en waarin hij afgeschilderd wordt als een arrogante, egoïstische opportunist en ijdeltuit. Tegelijkertijd vlucht hij voor het alomtegenwoordige nieuws en de onontkoombare communicatiestroom. In zijn sjofele onderkomen op de berg is hij buiten bereik. Hij wordt er met zichzelf geconfronteerd. En met het verdriet waarvoor hij al jarenlang op de vlucht is: de dood van zijn dochter. Ruikt naar vreselijke clichés? Zeker, maar Parks brouwt met al die gemeenplaatsen wél een belangwekkende roman, waarin de portrettering van de protagonist ook aanleiding geeft tot tal van beschouwingen en prikken over de hedendaagse wereld. Kortom, deze roman is méér interessant dan sentimenteel. John Banville, De zee. Atlas, 223 blz., 19,90 euro. Tim Parks, Buiten bereik. Arbeiderspers, 284 blz., 19,95 euro. Luc De Decker