Het huwelijk tussen burger en staat verloopt allesbehalve rimpelloos. De affaire- Dutroux zet het onbehagen extra in de verf. Het vertrouwen is geschokt. Veiligheid is niet gegarandeerd, de meeste falende politici ontlopen sancties, her en der doemt corruptie op. Maar ook de staat lijkt redenen tot klagen te hebben: inciviek gedrag zoals belastingontduiking en zwartwerk wordt door bijna iedereen getolereerd. De ene partner verschanst zich hooghartig in zijn ivoren toren, de andere vlucht verkrampt in ...

Het huwelijk tussen burger en staat verloopt allesbehalve rimpelloos. De affaire- Dutroux zet het onbehagen extra in de verf. Het vertrouwen is geschokt. Veiligheid is niet gegarandeerd, de meeste falende politici ontlopen sancties, her en der doemt corruptie op. Maar ook de staat lijkt redenen tot klagen te hebben: inciviek gedrag zoals belastingontduiking en zwartwerk wordt door bijna iedereen getolereerd. De ene partner verschanst zich hooghartig in zijn ivoren toren, de andere vlucht verkrampt in de catacomben van het cynisme. De symptomen van de malaise zijn gekend. Geneuzel over een Nieuwe Politiek Cultuur brengt geen zoden aan de krakkemikkige dijk. Maar welke zijn de oorzaken? Zeven professoren van de KU Leuven spitten een (bijwijlen wat troebel en wijdlopig, bijwijlen scherp en accuraat) antwoord naar boven. Bart Raymaekers (Hoger Instituut voor Wijsbegeerte) wijst op een bredere achtergrond voor de kloof tussen burger en politiek. De mens heeft zich losgerukt uit de verbanden van religie en traditie. Hij treedt nu op als een autonoom wezen dat zijn eigen weg wil uitstippelen. In die context moet alles, ook de politiek, zich legitimeren. Om dan nog tot een maatschappij te komen, moet er (meer) werk gemaakt worden van het sociale contract. Precies op wat de burgers bindt, gaat moraalfilosoof en politoloog André van de Putte nader in. De gemeenschappelijke en wederzijdse erkenning van een wettensysteem waaraan de burgers zich willen (en moeten) houden, maakt de band waar. Zonder respect voor de wet of het afdwingen ervan, is er dus geen sprake van een burgerlijke samenleving. Het boek is als liber amicorum opgedragen aan Bertrand de Clercq, die sinds oktober 1997 emeritus hoogleraar is. Hij nam ook zelf een belangrijk hoofdstuk op zich, waarin hij Kant en Machiavelli herleest om onze politici te wikken en te wegen. Zijn zij politieke moralisten (die in naam van de politiek een loopje nemen met de moraal) of morele politici (die eerlijkheid prefereren boven het politieke getouwtrek)? Vergeet alvast niet dat de moraal van de politici in belangrijke mate bepaald wordt door de kwaliteit van de moraal van hun burgers. Drie eigenzinnige hoofdstukken ronden de bundel af. Patrick Develtere focust op het spanningsveld tussen burger en staat in ontwikkelingslanden, Paul Schotsmans spitst het debat toe op de gezondheidszorg en Toon Vandevelde taxeert het belang van arbeid en werkloosheid. Bertrand de Clercq, Patrick Develtere, Frans Dewachter, André van de Putte, Bart Raymaekers, Paul Schotsmans & Toon Vandevelde, De burger en zijn staat. Davidsfonds, 135 blz., 595 fr.LDD