De auteur van deze tweewekelijkse column is directeur van de denktank VKW Metena.
...

De auteur van deze tweewekelijkse column is directeur van de denktank VKW Metena.Centrale bankiers staan in deze sombere winterperiode behoorlijk in de belangstelling. Begin december voerde de Europese Centrale Bank (ECB) de lang verwachte rentestijging met 0,25 % door. De basisrente van de ECB komt daarmee op 2,25 %. Met een inflatie die op jaarbasis in de buurt van de 3 % hangt, betekent dit dat de reële basisrente van de ECB (de nominale gecorrigeerd voor inflatie) nog altijd duidelijk negatief blijft. Omdat voor orthodoxe centrale bankiers - een ras waar de ECB van president Jean-Claude Trichet zeker toe behoort - een reële rente van 1 à 2 % een evidente doelstelling vormt, behoren nieuwe renteverhogingen in de eerste maanden van 2006 tot de (zeer) reële mogelijkheden. Als de conjuncturele heropleving in euroland niet zwaar aan het slabbakken slaat, krijgen we ze zelfs gegarandeerd. Zegt hij echt wat hij zegt? Met het nakende vertrek van voorzitter Alan Greenspan staat de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve Board (Fed), zo mogelijk nog meer in de belangstelling dan de ECB. Greenspans opvolger Ben Bernanke liet tijdens de hoorzittingen in het Amerikaanse Congres alvast niet in zijn kaarten kijken. De gewezen hoogleraar van Princeton University beperkte zich tegenover zijn ondervragers eigenlijk tot de vaak zeer omzwachteld geventileerde stelling dat de Greenspan-lijn zou doorgetrokken worden onder zijn bewind. Bernanke maakte één ding wel duidelijk. Net als Alan Greenspan lijkt ook Bernanke het uitstoten van heel geleerd klinkende maar uit weinig substantie bestaande frasen tot een kunst te willen verheffen. Fed -watchers zullen de komende periode dan ook meer dan hun hartje kunnen ophalen aan het liplezen van Bernanke. Zegt de man echt wat hij zegt of zegt hij dingen waarmee hij andere dingen wil zeggen dan wat er via de geuite woorden over zijn lippen stroomt? Bij wie dezer dagen alvast geen liplezen moet worden toegepast om te achterhalen wat er bij hem leeft, is Roger W. Ferguson, de vice-voorzitter van de Fed. Ferguson maakte wereldwijd diepe indruk door zijn efficiënte en doortastende aanpak in de uren na de aanslagen van 11 september 2001, toen een tijdlang de vrees leefde dat het financiële centrum van New York met de torens van het WTC in elkaar gedonderd was. Greenspan vertoefde in die uren immers in het buitenland. Diverse bronnen binnen de Fed verwachten dat Ferguson zeker in de beginperiode van het Bernanke-tijdperk binnen de Fed een erg belangrijke rol zal gaan spelen. Twee basisopties. In diverse recente speeches liet Roger Ferguson weinig twijfel bestaan over twee basisopties die de Fed in de komende periode zal lichten. Op 3 november sprak hij op de jaarlijkse monetaire conferentie van het Cato Institute in Washington. De allereerste prioriteit van de Fed, aldus Ferguson, is de bestrijding van inflatie. Dat klinkt voor de hand liggend, maar vergeet niet dat de Fed, in tegenstelling tot de ECB, statutair én prijsstabiliteit én volledige werkgelegenheid dient na te streven. Onder Greenspan nam de Fed geregeld serieuze inflatierisico's om de economische groei niet in de wielen te rijden. Volgens Roger Ferguson kan er geen twijfel bestaan over de juiste volgorde van de prioriteiten: eerst stabiliteit op het inflatiefront, dan eventueel aandacht voor de noden van de economische groei. Op 15 november nam diezelfde Ferguson het woord op een internationale conferentie in Mexico City, georganiseerd door de Banco de México. Het onderwerp van zijn uiteenzetting daar was het verband tussen monetair beleid en de zogenaamde asset prices, zoals de koersen van aandelen en de prijzen van huizen. Onder Alan Greenspan kleefde de Fed impliciet de stelling aan dat de evolutie van die prijzen geen fundamentele invloed mocht hebben op haar beleid. Voor Ferguson liggen de kaarten vandaag blijkbaar anders want, zo besloot hij zijn Mexico-speech, "we moeten vandaag meer aandacht hebben voor de financiële markten omdat asset prices een grotere impact uitoefenen op de bestedingen dan voorheen en omdat die asset prices ons meer tijdige informatie bezorgen om het beleid te helpen uitstippelen". Zeer expliciete stellingen. Het wordt alvast uitkijken of deze (naar de gangbare normen binnen de wereld van de centrale bankiers zeer expliciete) stellingen van de blijvende nummer twee binnen de Fed zich ook in het concrete beleid van de Fed onder de supervisie van de nieuwe nummer één gaan vertalen. Johan Van OvertveldtVolgens Roger Ferguson is dit de juiste volgorde van de prioriteiten van de Fed: eerst stabiliteit op het inflatiefront, dan eventueel aandacht voor de noden van de economische groei.