1 Cashforce kleurt oranje

Net voor Koningsdag kleurt Cashforce oranje, of toch een beetje. De deals in Nederland zijn in een stroomversnelling gekomen. Cashforce sloot in april drie overeenkomsten in Nederland. Twee van de drie zijn een uitvloeisel van contacten die begin dit jaar gelegd werden op een beurs georganiseerd door de Dutch Association of Corporate Treasurers. "We hebben zwaar ingezet op dat evenement en zijn blij dat we daar nu de vruchten van plukken", zegt zaakvoerder Nicolas Christiaen.
...

Net voor Koningsdag kleurt Cashforce oranje, of toch een beetje. De deals in Nederland zijn in een stroomversnelling gekomen. Cashforce sloot in april drie overeenkomsten in Nederland. Twee van de drie zijn een uitvloeisel van contacten die begin dit jaar gelegd werden op een beurs georganiseerd door de Dutch Association of Corporate Treasurers. "We hebben zwaar ingezet op dat evenement en zijn blij dat we daar nu de vruchten van plukken", zegt zaakvoerder Nicolas Christiaen. Bovendien gaat een nieuwe Nederlandse sales & business development manager vanaf mei aan de slag. Dit om in te pikken op de groeiende interesse voor het softwareplatform van Cashforce, dat bedrijven inzicht geeft in hun werkkapitaal en in de huidige en toekomstige kasstromen. Christiaen: "Een echte voet aan de grond op Nederlands grondgebied is welkom, zo iemand kent de lokale markt nog altijd net iets beter." De commerciële successen zijn mee toe te schrijven aan de productaanpassingen die Cashforce de voorbije maanden uitvoerde. Christiaen: "Onze software vertrekt van de relatie tussen het cashbeheer en de business, met een focus op werkkapitaal, cashmanagement en -forecasting. Daar hebben we klassieke treasury-functionaliteiten aan toegevoegd, waardoor het platform nu ook gebruikt kan worden voor onder andere dealmanagement en leningadministratie. Dat al die functies met elkaar verbonden zijn in één pakket, heeft de interesse van klanten alleen maar doen toenemen." Ook in eigen land breidt het ecosysteem van Cashforce uit. Zo woonde Christiaen afgelopen week een evenement van Capitant bij. Dat is een organisatie voor studenten met interesse in de financiële wereld. "Twee oud-leden van Capitant werken bij ons, en hadden mij gevraagd op een event van de organisatie te spreken", zegt Christiaen. "Ik was positief verrast door de interesse van die jongeren voor alle fintechontwikkelingen. Enkele studenten hebben al gevraagd of ze bij ons stage kunnen lopen." Bij Icometrix heeft Wim Van Hecke zijn eerste maand als CEO achter de rug. Hij wisselde in maart van petje met medeoprichter en COO Dirk Loeckx. "Veel heeft dat niet veranderd", zegt Van Hecke. "De strategische beslissingen nemen we samen. Het was eerder een signaal voor de buitenwereld dat we de fase van commercialisering ingaan." De wereld lijkt stilaan klaar voor de rapporteringssoftware voor multiple sclerose (MS) die Icometrix aanbiedt. De helft van de inkomsten zou dit jaar al komen van de verkoop van het softwarepakket. Vooral de Amerikaanse markt speelt een belangrijkere rol sinds in augustus de FDA goedkeuring tot terugbetaling gaf. "Sindsdien worden we sneller opgepikt in de VS. We hebben er nu vijftien klanten. De contracten met referentiespelers als het Mount Sinai-ziekenhuis in New York en met Stanford aan de oostkust werken als een katalysator." Het multiplicatoreffect speelt vooral in de VS, maar Icometrix verkoopt ook in landen zoals Spanje en Brazilië. Bovendien levert de start-up contractonderzoek voor de farma-industrie en werkt het aan de volgende generatie eigen producten. "We bouwen onze software voor alzheimer en hersenaandoeningen uit, maar we willen eerst het marktaandeel in MS vergroten", aldus Van Hecke. Daarom trekt Van Hecke dezer dagen ook naar de VS om deel te nemen aan een neurologiecongres. "Ik heb er veertig meetings in vier dagen", zegt hij. "We geloven in rechtstreekse contacten met dokters omdat we denken dat het beter is goed te luisteren naar hun noden, dan in een kamertje iets te ontwikkelen." "Het geld op de rekening van de eerste deal", was het beste moment de afgelopen maand, zegt Willem Drijver. De werknemers van het jonge Antwerpse bedrijf Taglayer wachten in spanning af welke resultaten hun software zal opleveren bij hun eerste twee klanten, een webwinkel en een uitzendkantoor. Taglayer verkoopt software waarmee bedrijven hun website beter kunnen aanpassen aan de interesses van de bezoekers. De analyse van de big data die Taglayer verzamelt, biedt heel wat bijkomende mogelijkheden. Een uitzendkantoor zou zo bijvoorbeeld op voorhand kunnen weten hoe populair een bepaalde vacature zal zijn. "De samenwerking en de technologie lopen zoals verwacht", zegt medeoprichter Willem Drijver over de eerste klanten. "Alleen de snelheid was een probleempje." De softwareontwikkelaars van de start-up gebruiken de reacties die ze krijgen om bijkomende functies te ontwikkelen. Wie zegt dat andere klanten die functies ook nodig zullen hebben? "We merken dat wat bedrijven extra willen heel sterk gerelateerd is aan de sector. Je kunt zeggen dat we een standaardproduct hebben en daar dan bijkomende opties voor maken", legt Willem Drijver uit. Taglayer zit nog maar in het tweede jaar van zijn bestaan en staat voor de taak meer structuur aan te brengen in hun manier van werken. Taglayer, waar acht mensen werken, wil zijn adviesraad uitbreiden, spreekt met investeerders en verhuist. Begin juni trekt Taglayer weg uit de Boerentoren, het Antwerpse kantoor van KBC waar de startersgemeenschap Start it@kbc huist op de bovenste verdiepingen. "We blijven in Antwerpen en hebben twee à drie locaties op het oog", zegt Willem Drijver. "We letten vooral op prijs, bereikbaarheid en ruimte. Er moeten genoeg uitbreidingsmogelijkheden zijn." Een tegenvaller was het missen van een Europese onderzoekssubsidie. "Vorig jaar hadden we een eervolle vermelding gekregen, maar helaas geen geld", zegt Loeckx. "Dit jaar hebben we dat opnieuw geprobeerd, maar helaas is dat nu evenmin gelukt. Maar omdat op de Europese subsidies wel wat ruis zit, bekijk je zo'n subsidie als een nice to have, maar betekent het wegvallen niet meteen een drama." Heidi Rakels, CEO van de mobieleappbeveiliger GuardSquare, trok enkele weken geleden naar Londen om haar bedrijf te verdedigen op een pitchwedstrijd, waar je in weinig tijd je bedrijf moet voorstellen. Het publiek was de reden waarom Rakels zich inschreef, want de wedstrijd vond plaats op de Londense Innovate Finance Global Summit, de grootste Europese conferentie voor financiële technologie. "In dat mooie gebouw - een kerk - spreken voor mensen die aan innovatie doen in de financiële wereld, was fantastisch", zegt Heidi Rakels. "Aan winnen had ik niet gedacht omdat beveiligingsbedrijven niet hip zijn." In de eerste ronde haalde Heidi Rakels het van twee andere fintechbeveiligers, waarna ze naar de finale met acht mocht. Ook die won ze. Dat leverde 10.000 pond op, maar vooral veel zichtbaarheid en contacten. Vooral de contacten met mogelijke investeerders zijn meegenomen voor het moment waarop GuardSquare een bedrijf wil overnemen. Kan de ex-topjudoka tijdens zo'n wedstrijd terugvallen op haar ervaring in de sport? "Ook in judo vond ik het al fantastisch de underdog te zijn. Vechten om te overleven doe ik graag. Ik was heel goed voorbereid. Ik was bijvoorbeeld klaar met mijn presentatie drie seconden voor mijn tijd op was. Andere bedrijven, die ook uitstekend zijn, waren niet zo goed voorbereid." De cultuur om op alles voorbereid te zijn, zit ook in het Leuvense bedrijf. Zo brainstormden de medewerkers van GuardSquare over de vraag wat het bedrijf zou doen als het heel veel geld zou hebben. "Je merkt dat je die plannen sowieso begint uit te voeren", zegt Heidi Rakels. "Zo organiseren we de verkoop nu meer vanuit België en de VS in plaats van in elk land een verkoper te hebben. Dat werkt beter omdat ze elkaar sterker maken door bij elkaar te zitten. We gaan toch zo goed als nooit ter plaatse bij de klant om te verkopen." Roeland Byl, Patrick Claerhout & Benny Debruyne, fotografie Debby Termonia