1 Shape bouwt team uit

Alexandre Wayenberg van Shape heeft het geld van zijn nieuwe investeerders gekregen en is volop bezig om zijn intelligente weegschaal en bodyscanner nog dit jaar te laten produceren. Daarvoor moet hij eerst het team van Shape voort uitbouwen. "Mijn werkweek bestaat nu niet langer uit vergaderingen en conferencecalls met kandidaat-investeerders, maar uit honderden telefonische screenings van potentiële werknemers", zegt de naar San Francisco geëmigreerde Belg. "Op korte termijn moet het team verdubbelen. Daarom verhuizen we binnenkort ook naar een nieuw kantoor. We hebben stilaan een prototype dat in grote hoeveelheden geproduceerd kan worden. Daarom verschuift onze focus steeds meer van de hardware en de interne programma's, naar de software waarmee de mensen met hun toestel kunnen communiceren. Dat bepaalt de gebruikerservaring. We ontwerpen die software aan de hand van scenario's. We stellen ons voor hoe mensen hun toestel uitpakken en koppelen met hun telefoon, en of dat een gemeenschappelijk toestel in de fitness is of een privétoestel thuis."

Parijs groeit uit tot de derde techscene in Europa, na Londen en Berlijn" Jean-charles velge, Qover

2 Qover aangenaam verrast door Parijse techscene

Jean-Charles Velge, co-oprichter van Qover, pendelde de afgelopen weken heen en weer tussen Brussel en Parijs. De Belgische verzekeringsstart-up opent een vestiging in de Franse hoofdstad, waar een lokaal team aan de slag kan. "Ik ben aangenaam verrast door de sterke startersmentaliteit in Parijs", vertelt Velge. "Je merkt dat veel jonge Fransen zich aangetrokken voelen tot de techscene, en zeer open staan voor een baan bij een start- of scale-up. Er heerst een positieve vibe. Talentvolle jongeren starten een eigen bedrijf of gaan voor een jong techbedrijf werken, terwijl ze tot enkele jaren geleden de voorkeur gaven aan een baan als zakenbankier of consultant."

Dat maakt het voor Qover gemakkelijker jong talent te rekruteren. "Als start-up kun je in Parijs heel goede mensen met al wat ervaring aantrekken. Er is een goed ontwikkeld ecosysteem van ondernemers en investeerders in de techsector, en daar wil iedereen deel van uitmaken. Parijs groeit uit tot de derde techscene in Europa, na Londen en Berlijn."

Dat ecosysteem biedt Qover ook commerciële kansen. Velge: "We focussen in de zoektocht naar klanten op bedrijven uit de nieuwe digitale economie. We spreken dezelfde taal en zij zien sneller de mogelijkheden van onze technologie. We hopen tegen eind maart een of twee klantendeals te realiseren." Qover wil in Frankrijk doorbreken om de internationalisering te versnellen. De onderneming heeft al klanten in België, Nederland, Frankrijk, Italië, Spanje, Ierland en Duitsland, vooral dankzij de pan-Europese deal die het vorig jaar sloot met de maaltijdleverancier Deliveroo. Het doel blijft satellietkantoren in Europa te openen.

3 Mealhero ontdekte nieuwe doelgroep

Op een bedrijventerrein in Erpe-Mere heeft de jonge start-up Mealhero bij zijn kantoor ook zijn diepvries staan. Daarin staan zowat op elk moment 4000 à 5000 maaltijden klaar. Hier vertrekken twee dagen per week de maaltijden die mensen bestellen. Die maken ze thuis klaar in de stoomkoker die ze van Mealhero hebben gekocht. De koker bestaat uit een plat vlak dat je met water vult, en drie bakjes om de porties die je krijgt, te stomen. De klant hoeft enkel op de knop te drukken. Door de verpakking weet de stomer automatisch hoelang de portie bloemkool en de portie kip nodig hebben. "Onze eerste diepvries leek groot, maar was na drie maanden al te klein", zegt medeoprichter en CEO Jeroen Spitaels. "Het was een hele operatie die diepvries leeg te maken en de voeding met diepvriestransporten elders op te slaan. We hadden twee dagen om de oude diepvries af te breken en de grotere te plaatsen. In ijltempo moest al het eten er dan weer in. Alles is goed verlopen, al heb ik heb de indruk dat we opnieuw wat te klein hebben gekocht."

Driehonderd klanten tekenden meteen in op de crowdfundingcampagne van Mealhero op Kickstarter. Intussen zijn dat er zeshonderd, en tegen eind dit jaar moeten het er duizend worden. Die klanten kunnen online kiezen uit vijftig menu's. "We hebben elk van onze klanten tien minuten opgebeld", zegt Jeroen Spitaels. Zo leerde het oprichterstrio hoe het zijn aanbod kon verbeteren, maar ontdekte het tot zijn verbazing ook dat het er een tweede doelgroep bij had. "Toen Anton, Steven en ik begonnen met Mealhero, dachten we dat wij zelf onze modelklant waren: jonge gasten tussen 25 en 35 jaar, die bij een consultancybedrijf, een boekhoudkantoor of noem maar op werken en na hun werk geen tijd hadden om lekker en gezond te koken. Maar we merkten dat veel klanten jonge gezinnen zijn. Daar hadden we eerst niet aan gedacht. Door die nieuwe inzichten hebben we nu bijvoorbeeld meer kindvriendelijke maaltijden aan ons aanbod toegevoegd."

4 Fibricheck twijfelt tussen het westen en het oosten

Vorige maand was Fibricheck op Arab Health in Dubai. Als gevolg van de FDA-goedkeuring leverde dat dit jaar nog meer interesse op dan een jaar eerder. "Vooral uit het Midden-Oosten en India", vertelt CEO Lars Grieten. "Voor een medisch bedrijf is elke markttoegang onderworpen aan een aantal voorwaarden. Onze FDA-goedkeuring helpt, maar we moeten nog wel aan de lokale regels voldoen. Dat kost tijd en geld. Dat leidt tot interne discussies over waar we onze mankracht moeten inzetten, in het oosten of het westen. De kwestie is uit te maken waar het meeste laaghangende fruit hangt."

Er zijn ook intrinsieke verschillen tussen die afzetmarkten. "In de Verenigde Staten bijvoorbeeld is de markt meer consumentgedreven", vertelt Lieten. "Het is er meer aanvaard dat een individu zelf zijn gezondheid in handen neemt. In het oosten komt de vraag vooral van medtechbedrijven en farmadistributeurs. Zij beschouwen onze app als een manier om zich te differentiëren. Willen we op beide markten inzetten, dan moeten we op zoek naar partners. Partnerschap wordt ons codewoord voor 2019. "

Intussen blijft Fibricheck de vingers kruisen om in eigen land terugbetaling te krijgen. De verwachting is dat in 2019 een eerste mobielegezondheidstoepassing door het Riziv wordt vergoed. "Hopelijk is dat onze app", zegt Lieten. "In elk geval zal dat dossier de komende maanden aandacht vergen. Zo'n terugbetaling is cruciaal voor onze geloofwaardigheid in het buitenland. Het is een kwaliteitslabel dat erbij komt."

Fibricheck bouwt zijn businessmodel steeds duidelijker op drie pijlers. Een consumentgedreven kanaal, een op de arts gerichte aanpak en verspreiding via bedrijven. "Die laatste tak groeit het snelst", zegt Grieten. "We zien de drie modellen naast elkaar staan in de toekomst, maar niet noodzakelijk in alle landen. In Groot-Brittannië merken we bijvoorbeeld dat een farmaceutisch bedrijf een paar duizend voorschriften voor Fibricheck heeft gekocht om aan artsen aan te bieden, terwijl in een ander land hetzelfde bedrijf een screening sponsort. In België zullen we de drie modellen naast elkaar uitproberen, maar in andere landen willen we inspelen op de marktkarakteristieken en kiezen voor het model dat het beste past in de lokale gezondheidsmarkt."

De komende weken staan in het teken van het personeel. Fibricheck is nog op zoek naar software-engineers. Die blijken moeilijk te vinden. Maar de spanning groeit vooral over de skivakantie voor het personeel. Lieten: "Omdat 2018 zo'n succesvol jaar was, trekken we begin april met de hele ploeg naar Italië om een week te skiën en te ontspannen."