Belgische paradox

Het artikel 'Belgische paradox: brutolonen stijgen amper en nóg verzwakt de concurrentiekracht' (Trends, 15 december 2005, blz. 18) heeft onze aandacht getrokken. De paradox is bijna volledig te verklaren door het verschil tussen loonkosten en netto besteedbaar inkomen. Werkgevers zijn vooral bezorgd over de totale loonkosten. Dat is een vergoeding voor de arbeid die geleverd wordt door het personeel, maar onrechtstreeks ook via de aankoop van diensten voor de arbeid verricht in dienstverlenende bedrijven. Waar zit het echte probleem? Twee derde van die vergoeding komt niet ten goede aan hen die de arbeid verrichten, maar aan de overheid. ...

Het artikel 'Belgische paradox: brutolonen stijgen amper en nóg verzwakt de concurrentiekracht' (Trends, 15 december 2005, blz. 18) heeft onze aandacht getrokken. De paradox is bijna volledig te verklaren door het verschil tussen loonkosten en netto besteedbaar inkomen. Werkgevers zijn vooral bezorgd over de totale loonkosten. Dat is een vergoeding voor de arbeid die geleverd wordt door het personeel, maar onrechtstreeks ook via de aankoop van diensten voor de arbeid verricht in dienstverlenende bedrijven. Waar zit het echte probleem? Twee derde van die vergoeding komt niet ten goede aan hen die de arbeid verrichten, maar aan de overheid. De lonen spelen dus maar voor een derde mee in het bepalen van onze concurrentiepositie. Het grootste deel wordt bepaald door wat de overheid afroomt. Geen enkel sociaal overleg tussen werkgevers en werknemers zal daar veel aan kunnen veranderen. De enige ingrijpende verandering die niet alleen mogelijk maar ook noodzakelijk is, is het verhogen van de productiviteit van de overheid. De inning van de inkomstenbelasting alleen al kost zo'n 10 % van de ontvangsten, of 4 miljard. En dan spreken we nog niet van de consulenten die ingeschakeld worden. Als partijlid en econoom was ik betrokken bij de voorbereiding van het economische congres van het Vlaams Belang. In zijn artikel 'Vlaams Belang is Grand Bazar" (Trends, 1 december 2005, blz. 129) stelt Frans Crols dat in ons economische verhaal geen consequente lijn zit. Ik wens dat tegen te spreken. In de werkgroepen economische principes en economische ontwikkeling zijn wij zeer duidelijk vertrokken van de stelling van Joseph A. Schumpeter dat economische vooruitgang creatieve destructie is en dat we daardoor behoefte hebben aan een tweesporenbeleid met enerzijds creativiteit (zeg maar liberalisme) en anderzijds sociale begeleiding van de spontane afbraakprocessen (zeg maar socialisme). Wij hadden het over een gemengd economisch systeem van enerzijds een sociaal en ecologisch gecorrigeerd aanbodmodel (met andere woorden een moderne markteconomie) en anderzijds van openbare productie van noodzakelijke collectieve diensten. Wij zijn zeker niet tegen privatisering van een aantal overheidsdiensten, maar we weigeren blind te zijn voor de mislukkingen. Kijk maar naar het slecht functioneren van de geprivatiseerde spoorwegen in Nederland en het VK. Uw artikel 'Vlaams Belang is Grand Bazar' was magistraal. U vergeet misschien als subpartij de traditionele katholieken (zoals Alexandra Colen), die vóór alles de trouw aan de paus en de kerkelijk leer stellen, en die zeer ontgoocheld werden door zogezegde christelijke mandatarissen. Het komt erop aan iedereen wat te behagen en Frans Crols beschrijft hoe moeilijk dat is met een indrukwekkend electoraat. Essentieel lijkt mij het streven naar de onafhankelijkheid van Vlaanderen, zoals onlangs aangeprezen door een aantal toplui uit de economische wereld. Dat de Walen rustig het koningshuis bewaren en... betalen. Wilt u reageren op artikelen in Trends ? Mail dan uw reactie naar trends@trends.be, fax ons op het nummer 02 702 48 02 of stuur uw commentaar naar Trends Lezersbrieven, Raketstraat 50 bus 4, 1130 Brussel. Eric Verhulst, Eddy Van Buggenhout, Charly Vanhoof