De ambities van Ajit Shetty (CEO Janssen Pharmaceutica)

In Trends van 8 juli 2004 (blz. 46) stelde Ajit Shetty, de topman van Janssen Pharmaceutica, dat duurdere medicijnen onontbeerlijk zijn als de farmaceutische industrie wil overleven. Nochtans lijken mij de winstcijfers van zijn farmabedrijf allesbehalve slecht: 7 miljard dollar winst op 41 miljard dollar omzet voor het Amerikaanse Johnson & Johnson (17 %), terwijl de vaderlandse farmaparel 355 miljoen euro winst behaalt op 2,9 miljard euro omzet (12 %).
...

In Trends van 8 juli 2004 (blz. 46) stelde Ajit Shetty, de topman van Janssen Pharmaceutica, dat duurdere medicijnen onontbeerlijk zijn als de farmaceutische industrie wil overleven. Nochtans lijken mij de winstcijfers van zijn farmabedrijf allesbehalve slecht: 7 miljard dollar winst op 41 miljard dollar omzet voor het Amerikaanse Johnson & Johnson (17 %), terwijl de vaderlandse farmaparel 355 miljoen euro winst behaalt op 2,9 miljard euro omzet (12 %). Moet de wereldburger dan instaan voor nog hogere dividenden aan de aandeelhouders? Kosten de CEO's dan zoveel? Misschien kan een deel van de winst worden gebruikt om de medicijnprijzen in de derde wereld drastisch te verlagen, bijvoorbeeld de aids-remmers in Zuid-Afrika. Een ziekte kent inderdaad geen grenzen, maar een tomeloze drang naar hogere winstcijfers botst wel met de muren van solidariteit en rechtvaardigheid. In het artikel over de ombouw van terreinwagens tot een fiscaal-vriendelijk voertuig (Trends, 8 juli 2004, blz. 82) schrijft u dat de BTW-aftrek voor terreinwagens met vier of vijf zitplaatsen beperkt is tot 50 %. Die zienswijze verbaast me: heeft het Europees Hof de Belgische BTW-administratie niet veroordeeld omdat die laatste strengere regels toepast inzake BTW-aftrekbaarheid en er een andere visie op nahoudt voor de definitie van lichte vrachtwagens? De zesde BTW-richtlijn bevat regels die moeten worden toegepast door elke EU-lidstaat. Daarin staat vermeld dat de definitie van een lichte vrachtwagen wordt opgesteld door de Dienst Inverkeersstelling. De BTW-administratie heeft, na de ratificatie van de zesde richtlijn in de Belgische wetgeving, tal van circulaires en beslissingen uitgevaardigd zodat onze BTW-administratie strenger optreedt dan voorzien door de zesde BTW-richtlijn. Met veel interesse heb ik het interview met Herman De Bode van McKinsey Benelux gelezen (Trends, 22 juli 2004, blz. 24). Ik beschik niet over het Prospero-document, maar twijfel geen ogenblik aan de glasheldere, professioneel hoogstaande analyse - hét handelsmerk van McKinsey. Waar ik wel aan twijfel, is of McKinsey in het rapport aangeeft op welke wijze de burger/gemeenschap kan worden gemobiliseerd in ingrijpende veranderingsprocessen die pijn zullen doen. En daar gaat het nu juist om. Analyses van het genre McKinsey zijn al veelvuldig gemaakt. Ik vind de uitspraak van Herman De Bode als zouden de studies van de Nationale Bank en het Planbureau eerder op hetverleden gericht zijn dan ook nogal goedkoop. Van MCkinsey had ik verwacht dat zij de weg zouden aangeven die moet worden gevolgd om de burger mee als belangrijkste stakeholder te laten optreden in het veranderingsgebeuren. Dit blijkt niet uit het interview en wellicht niet uit Prospero. De Lijn/Streep. In Trends van 22 juli 2004 (blz. 9) schreven we dat de Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn haar reclamecontract met Streep zou hebben verbroken. Een kleine nuance: De Lijn zegde inderdaad het contract op met Streep, maar verbrak het niet. Het contract met Streep neemt een einde op de voorziene einddatum: in 2006.