Brussel verbergt grootstedelijke geheimen, zoals het restaurant Les Jardins de Bagatelle, gelegen in een verborgen achterstraatje dat uitgeeft op de Steenweg naar Elsene.
...

Brussel verbergt grootstedelijke geheimen, zoals het restaurant Les Jardins de Bagatelle, gelegen in een verborgen achterstraatje dat uitgeeft op de Steenweg naar Elsene. Op deze verlaten plek, op een boogscheut van de Naamse Poort, openden Marie-Louise Borremans en haar zoon Dany Neuret in 1992 een bijzonder restaurant. Plaats van gebeuren is het eeuwenoude huis en de bijbehorende opslagplaatsen van een wijnkoopman. De mooie vertrekken werden met smaak heringericht. Geglazuurde Wedgewood-muurtegels, afgezet met bontgekleurde fresco's, gemaakt door een Tibetaanse monnik, dikke pluchen gordijnen en objecten met een ziel - zoals kitscherige spiegels, een napoleontische canapé en parmantige Spaanse stoelen bekleed met synthetische luipaardhuid - vormen het decor voor een exotisch getint tafeltheater. Er is een privé-salon en een centraal gelegen ommuurde binnentuin waar u bij tropische hitte in de schaduw van een honderd jaar oude boom sfeervol buiten kunt eten. In het achterhuis bevindt zich een met kussens, sofa's en grote fauteuils bemeubelde evenementenzaal, waar op geregelde tijdstippen thema-avonden plaatsvinden rond muziek en film. Les Jardins de Bagatelle is in de eerste plaats Marie-Louse Borremans. Zij stamt uit een Afro-Europese familie, baatte in Zaïre een Frans restaurant uit en kwam naar België om een multicultureel restaurant te openen. De keukenprinses was haar tijd vooruit toen zij in 1992 haar eigen versie van de wereldkeuken presenteerde. Les Jardins de Bagatelle valt in de gratie van een beschaafd kosmopolitisch publiek. Het zijn meestal in België gestrande wereldreizigers, die komen uit nostalgie naar in den vreemde geproefde gerechten. De spijskaart is zo divers als de cliënteel en staat borg voor een bonte mengeling van geuren en kleuren. Marie-Louise Borremans heeft de leiding over de keuken en presenteert exotische evergreens, afkomstig van Azië tot Afrika, sinds kort aangevuld met enkele uitgesproken Belgische bereidingen. Of het nu een Thaise eendenborst is in groene curry- en kokossaus (18 euro), een Zaïrese moambe van kip gebakken in pulp van palmpit (17 euro) of een Argentijns lendenribstuk van de grill met frieten en bearnaisesaus (20 euro), alle gerechten zijn met toewijding en eerbied voor de tradities en gebruiken uit iedere cultuur bereid. Wij werden vriendelijk onthaald door zoon Dany Neuret en kregen een tafel naast die van twee Afrikaanse ambassadeurs en hun familie. Wij kozen twee verschillende voorgerechten: Antilliaanse accras of lekkere vis- en groentebeignets met salade en zoetzure saus (11 euro) en geprijsde scampi in zachte saus van room, appel en curry (16,70 euro). De twee hoofdgerechten waren: Afrikaanse liboke van gebakken bultkopvis in bananenblad (17,50 euro) en filet van bultkopvis met tomaten en uien en tweemaal opgewarmde palmolie (17,50 euro). Beide hoofdgerechten kregen saka saka en bakbanaan als Afrikaanse groenten en rijst als verzorgde garnituur. Om exotisch af te sluiten, was er vers fruit en in huis gedraaid kokosijs (6,50 euro). Pieter van Doveren