Het Oost-Vlaamse Ontex, opgericht door de familie Van Malderen, keerde in juni 2014 terug naar de beurs. En hoe. In zowat anderhalf jaar klom de koers al 75 procent (de introductieprijs was 18 euro), waardoor de beurswaarde vlot boven 2 miljard euro steeg.
...

Het Oost-Vlaamse Ontex, opgericht door de familie Van Malderen, keerde in juni 2014 terug naar de beurs. En hoe. In zowat anderhalf jaar klom de koers al 75 procent (de introductieprijs was 18 euro), waardoor de beurswaarde vlot boven 2 miljard euro steeg. Ontex maakt producten voor de persoonlijke hygiëne van baby's, vrouwen en senioren. De herintroductie op de beurs (Ontex was al beursgenoteerd tussen 1998 en 2003) hielp de wereldwijde producent om de stevige schuldenlast af te bouwen. Zo werd ruimte gecreëerd voor de overname van de Mexicaanse Grupo Mabe. Ontex betaalt voor het nummer twee in Mexico 314 miljoen euro, in cash (187 miljoen) en in Ontex-aandelen (76 miljoen), en neemt 52 miljoen euro schulden over. Het prijskaartje kan tot 2017 nog met 86 miljoen euro oplopen, als bepaalde doelstellingen voor de bedrijfskasstroom (ebitda) worden gehaald. De overname werd gedeeltelijk met nieuwe aandelen gefinancierd (6,8 miljoen extra aandelen of een kleine 10 procent). Grupo Mabe verkoopt 60 procent van zijn producten in Mexico, de op vier na grootste markt voor hygiënische wegwerpartikelen. De rest wordt hoofdzakelijk verspreid over het Amerikaanse continent. De acquisitie maakt het mogelijk de sterke focus op West-Europa (66 procent van de groepsomzet in de eerste negen maanden) af te bouwen. In West-Europa beschikt Ontex in verkochte volumes een marktaandeel in de buurt van 40 procent. Het toenemende gebruik van hygiënische wegwerpproducten in de opkomende landen is een eerste belangrijke groeipool voor Ontex. Ook de vergrijzing in Europa, met daaraan gekoppeld de incontinentieproblemen en de groeiende aanvaarding van producten daarvoor, is een groeikans. De cijfers voor het derde kwartaal van 2015 bevestigen het groeipad, met 4,4 procent omzetgroei in het derde trimester, tot 415,9 miljoen euro. Dat brengt de groepsomzet na negen maanden op bijna 1,27 miljard euro, of 5 procent meer dan in de periode januari-september vorig jaar. In het derde kwartaal steeg de rebitda (bedrijfskasstroom uit gewone bedrijfsactiviteiten) met 4,3 procent tot 51,1 miljoen euro. In de eerste negen maanden is een verbetering van de rendabiliteit tot een rebitda-marge van 12,7 procent (+50 basispunten). Voor het volledige boekjaar blijft het management mikken op 4 à 6 procent omzettoename en een verbetering van de rebitda-marge met 30 basispunten. Tegen 20,5 keer de verwachte winst voor 2015, 17,5 keer die voor volgend jaar en een verwachte verhouding ondernemingswaarde ten opzichte van de bedrijfskasstroom van ruim 13 voor 2015 en ruim 11 voor 2016, is het aandeel niet het goedkoopste van de Brusselse beurs. Maar het gaat om een groeiverhaal, met mogelijk straks een plek in de Bel-20. Tussentijdse correcties bieden koopkansen. Danny Reweghs