Honderd jaar geleden vestigde de Italiaan Ettore Bugatti het merk Bugatti in het toen Duitse Molsheim in de Elzas (tegenwoordig is Molsheim Frans). Bugatti had eerder ervaring opgedaan in de autosector bij De Dietrich, Mathis en Deutz AG. Hij ging voor zijn eigen wagens uit van een prototype dat hij bij Deutz in Keulen ontwikkelde. Bugatti spreekt als automerk tot de verbeelding, zeker in de wereld van de liefhebbers van klassieke auto's.
...

Honderd jaar geleden vestigde de Italiaan Ettore Bugatti het merk Bugatti in het toen Duitse Molsheim in de Elzas (tegenwoordig is Molsheim Frans). Bugatti had eerder ervaring opgedaan in de autosector bij De Dietrich, Mathis en Deutz AG. Hij ging voor zijn eigen wagens uit van een prototype dat hij bij Deutz in Keulen ontwikkelde. Bugatti spreekt als automerk tot de verbeelding, zeker in de wereld van de liefhebbers van klassieke auto's. Wat maakt Bugatti zo speciaal in een autowereld die toch al bol staat van grote merken? Niet alleen die leeftijd. Want met zijn 100 jaar is Bugatti niet eens het alleroudste merk. Het zijn vooral de naamgever en zijn kijk op het maken van auto's, van snelle auto's, die Bugatti onderscheiden van de andere merken, tenminste volgens de Bugatti-fanaten. Paul Grant, Bernard Marreyt en Paul Engelen worden haast lyrisch als je hun naar Bugatti vraagt. Paul Grant en Paul Engelen bezitten een vooroorlogse Bugatti, Bernard Marreyt heeft een speciaal exemplaar gebouwd en later verkocht, maar mag er nog altijd gebruik van maken. "Het is de spirit van Bugatti", zegt Paul Grant, een Brusselaar van Engelse afkomst die een autobedrijf runt in Sint-Lambrechts-Woluwe. "Als je teruggaat naar de tijd van Ettore Bugatti, had je wagens van Renault of Peugeot. Maar die waren langzaam. De Bugatti was de Golf GTi van zijn tijd. Met een Bugatti kon je ook racen. Die auto is gemaakt als een racewagen. Als je ernaar kijkt, dan is die van alle kanten gezien mooi. Die wagen rijdt goed en stuurt gemakkelijk." Paul Engelen, advocaat in Maasmechelen, roemt ook het racekarakter van het merk, vooral van de modellen van voor de Tweede Wereldoorlog. "Bugatti was de Formule 1-auto van die tijd, van de jaren twintig en dertig. Die wagen was onovertroffen en onoverwinnelijk. Je ziet dat ook aan de kwaliteit. Een Bugatti uit die tijd is een kunstwerk op wielen. Er is geen andere auto die zo mooi is, die zo in evenwicht is. Het koetswerk is een sculptuur. Alle verhoudingen kloppen", aldus Engelen. "Om te rijden, is die ook geweldig. De wagen lijkt wel een gocart. Hij is licht en heeft een geweldig optrekvermogen. Op een bochtig parkoers in de bossen van de Ardennen kun je de Bugatti zelfs met moderne wagens moeilijk bijhouden." Ook voor Bernard Marreyt, restaurateur en handelaar in oldtimers in Aalst, is een Bugatti een kunstvoorwerp. "Ettore Bugatti heeft een heel andere weg bewandeld dan de andere autodesigners in zijn tijd. Iedereen die toen een snelle en comfortabele auto wilde, vergrootte het volume van de motor en verhoogde het gewicht. Bugatti ging een andere weg op, hij maakte de auto lichter en aerodynamischer. Met een minimum aan materiaal maakte hij een heel performante auto. Dat kun je als liefhebber van techniek alleen maar appreciëren." Voor de liefhebber is het een evenement om een Bugatti in bezit te krijgen, in welke staat die dan ook mag verkeren. Paul Grant, wiens ouders een autosloopbedrijf hadden, herinnert zich uit zijn jeugdjaren dat er elke dag een Bugatti door de straat reed. "Vrooeemmm... Dat was zo'n mooi geluid. Ik wilde zo'n wagen", zegt hij. Aan het begin van de jaren tachtig kwam hij op het spoor van een Bugatti in Ieper. 500.000 frank was de vraagprijs toen. "Ik had dat bedrag niet en heb die wagen moeten laten gaan." Enkele jaren later sloeg hij zijn slag en kocht hij een type 37, een open racewagen met een 1500cc-viercilinderblok uit 1929. De prijs was een miljoen frank. "Het was niet gemakkelijk. Ik heb al mijn geld bijeengeraapt en een paar andere wagens verkocht. De Bugatti bleek evenwel niet in ideale staat. De achtercarrosserie was niet origineel. Grant vond de juiste achterkant en kon de Bugatti weer in zijn oorspronkelijke staat zetten. Dat nam nog zo'n twee jaar in beslag. Erg vond hij dat echter niet. "Ik had die wagen, ik hoefde niet meer te zoeken. Ik was gelukkig." De wagen mag op de gewone weg rijden. Grant neemt deel aan rally's voor oldtimers en rijdt er ook geregeld mee op circuits. Als hij er niet mee op de weg is, leent hij hem uit aan het automuseum in Stavelot. Overigens is zijn Bugatti nog altijd snel. De wagen uit 1929 is goed voor een topsnelheid van 150 kilometer per uur. Grant zegt als grap dat hij daar een certificaat van heeft. "Ik heb het bewijs: een pv voor 150 kilometer per uur!" Er is ook een geblazen versie van het type 37: de 37A. Die gaat ruim 170 kilometer per uur. Zo'n exemplaar is in handen van Paul Engelen, die een zwak heeft voor auto's van voor de Tweede Wereldoorlog. Die zijn volgens hem nog authentiek en ambachtelijk gemaakt met oog voor schoonheid en goede verhoudingen. Zijn voorkeur gaat uit naar racewagens uit die periode: met vrijstaande wielen, een zo licht mogelijke carrosserie en puur mechanisch. Die wagens laten je het pure gevoel van autorijden ervaren, vindt hij. In zijn kantoor heeft hij een enorme foto van de Fransman Henri Aubert in een Bugatti. Aubert was een molenaar uit Perpignan, die als privérijder in een Bugatti de Grote Prijs van Reims in 1931 won. Die wagen staat nu in de garage van Engelen. "Ik had al een Bugatti, een type 57. Ik heb daar lang voor moeten werken, eer ik het geld had om die te kunnen kopen. Daar stond een gesloten koetswerk op, maar ik heb er een sportcarrosserie op laten bouwen. Ik heb in de archieven ontdekt dat dat exemplaar ook een racewagen is geweest", zegt hij. Aan het begin van dit decennium kreeg hij telefoon van een lid van de Bugatti-club in Nijvel dat iemand zijn type 37A ging verkopen. Engelen deed zijn type 57 van de hand in 2003 om die wagen te kunnen overnemen. "Ik heb er een jaar aan gewerkt, samen met een gepensioneerde vriend. We hebben de motor uit elkaar gehaald, en nieuwe zuigers, tandwielen en kleppen gemonteerd. De onderdelen kun je soms nog op beurzen kopen en wat er niet meer is, kun je laten maken." Kennelijk passen in een type 37 perfect de zuigers van een hedendaagse VW-Polo. Als Engelen dat hoort is, zijnreactie: "Dat zou kunnen, maar dat is ketterij, dat is vilein overspel. Alles moet zoveel mogelijk origineel zijn en blijven." Dat geldt zelfs voor de lak. Vroeger werkte men met celluloselak, die snel dof werd. Die mag nu niet meer gebruikt worden, maar moderne lak erop spuiten is als vloeken in de kerk. Engelen heeft een verf gevonden die dicht het origineel benandert. "Een oud machien mag niet blinken als een moderne auto." Bernard Marreyt heeft een heel andere weg bewandeld om tot een Bugatti te komen. Hij heeft een type 57, een Stelvio 4-zits Cabriolet, uit de jaren dertig onder handen genomen. Marreyt had enkel een chassis, een stuurstang en een versnellingsbak. "Die wagen heb ik zo'n tien jaar geleden in Engeland gevonden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is die nog verstopt geweest voor de Duitsers. Van de carrosserie was weinig overgebleven," zegt hij. Het plaatwerk werd in die tijd op een frame van hout bevestigd en dat houtwerk was goeddeels verdwenen. De Stelvio's hadden een carrosserie van Gangloff die op bestelling voor Bugatti werkte. Marreyt zegt dat hij zijn type 57 in zijn oorspronkelijke staat kon restaureren, maar hij opteerde voor een ontwerp dat hij in de Gangloff-archieven had gevonden maar dat nooit gerealiseerd was (plan 4011). "Dat was getekend om ooit te bouwen", zegt Marreyt. "Ik vond die lijn zo mooi. Ik dacht: waarom zou ik die dan nu niet maken?" Op die manier zou hij geen kritiek op de restauratie kunnen krijgen. De wagen was immers nooit gemaakt. Meer dan een schets van de zijkant had hij echter niet. Achteraf moet hij zeggen dat hij het project wat onderschat heeft. "Ik ben veel Bugatti-Gangloffs gaan bekijken en heb het geheel daarop geënt. Ik heb de voor- en achterkant wel moeten veronderstellen", aldus Marreyt. "Ik denk dat de wagen heel goed gelukt is. Ik heb er vijf jaar aan gewerkt. Ik heb de wagen op een groot retrosalon in Parijs tentoongesteld - in het hol van de leeuw als het ware - en de reacties waren unaniem lovend. Het was een crazy maar geslaagd project." Marreyt heeft de wagen intussen verkocht aan een trouwe en enthousiaste klant. Marreyt kan over de wagen beschikken als hij dat wil. Hij moet achteraf toegeven dat vijf jaar aan één auto werken als zakenman verkeerd was. De startmotor bijvoorbeeld kostte hem veel op een beurs. "Je gaat naar zo'n beurs met een blanco cheque en je betaalt wat er gevraagd wordt. Je hebt geen keuze. Gelukkig was de passie groot genoeg om door te gaan", zegt hij. Daarmee raakt hij ook de waarde van die oude Bugatti's aan. Hij heeft er dit jaar drie verkocht en de prijzen voor de kleinere exemplaren liggen rond 250.000 euro. De grotere exemplaren gaan in de richting van een miljoen euro. Maar dan moeten ze 'mooie adelbrieven' hebben. Hoe origineler hoe beter. En als die gerestaureerd is, moet dat op de juiste manier zijn gebeurd. Overrestauratie met moderne middelen heeft zelfs een negatieve invloed op de waarde. Als de wagen geschiedenis gemaakt heeft (zoals races winnen in de handen van een befaamd coureur), kan de prijs eveneens weer omhoog gaan. En ook: hoe minder eigenaren er zijn geweest, hoe beter. Paul Engelen heeft weet van een recordbedrag van 1,35 miljoen euro bij een veiling voor een Bugatti die "helemaal niet in orde was". Hij vertelt ook dat in het Lago Maggiore een wrak van een Bugatti is gevonden en dat die auto bovengehaald en geveild zal worden. "Als er een Bugatti te koop komt, zijn er veel kandidaten", zegt Engelen. Hoe interessant zijn Bugatti's als belegging? Paul Engelen: "Ik heb nooit een auto gekocht vanuit het oogpunt van beleggen. Het is wel een prettige bijkomstigheid als je weet dat ze hun waarde niet verliezen." En Paul Grant zegt ook dat het niet gaat om beleggen. "De mensen kopen zo'n auto om iets speciaals te hebben. Maar het is wel een goede investering." Heeft hij al vragen gehad van mensen die zijn Bugatti willen kopen? Grant: "Ja, maar deze is niet te koop. De Bugatti is de enige wagen in mijn garage die niet te koop is." DE BUGATTI 100 EXPO - SPORT & ELEGANCE LOOPT VAN 18 DECEMBER 2009 TOT EN MET 17 JANUARI 2010 IN AUTOWORLD BRUSSEL. Door Ad van Poppel"De Bugatti was de Golf GTi van zijn tijd" Paul Grant"Er is geen andere auto die zo mooi is, die zo in evenwicht is" Paul Engelen