Als je met Zweedse managers praat, dan lijken ze vrij relax. Ze behoren tot de rustigste personen die ik ken in de managementwereld. Toch is het opvallend hoe Zweedse onderzoekers af en toe de pers halen met hun onderzoek naar stress op de werkplek. Of zorgen ze vooral goed voor hun public relations, door hun onderzoeksprojecten leuke namen te geven? De 'marktleider' noemt zijn onderzoek Sheep (Stockholm Heart Epidemiology) en de concurrent heeft zich dan maar Wolf (Work, Lipids, and Fibrinogen Stockholm study) genoemd. Het onderzoek van deze laatste groep was nog maar nauwelijks gepubliceerd in de online versie van een academisch tijdschrift (*) of de studie haalde al de pers, met ronkende titels als 'Boos zijn op je baas is goed voor je gezondheid'.
...

Als je met Zweedse managers praat, dan lijken ze vrij relax. Ze behoren tot de rustigste personen die ik ken in de managementwereld. Toch is het opvallend hoe Zweedse onderzoekers af en toe de pers halen met hun onderzoek naar stress op de werkplek. Of zorgen ze vooral goed voor hun public relations, door hun onderzoeksprojecten leuke namen te geven? De 'marktleider' noemt zijn onderzoek Sheep (Stockholm Heart Epidemiology) en de concurrent heeft zich dan maar Wolf (Work, Lipids, and Fibrinogen Stockholm study) genoemd. Het onderzoek van deze laatste groep was nog maar nauwelijks gepubliceerd in de online versie van een academisch tijdschrift (*) of de studie haalde al de pers, met ronkende titels als 'Boos zijn op je baas is goed voor je gezondheid'. In de periode 1992-1995 werden 2755 mannelijke Stockholmers met een gemiddelde leeftijd van 41 jaar gerekruteerd voor een langetermijnstudie. Geen van hen had cardiovasculaire problemen. Mannen krijgen tien jaar vroeger dan vrouwen een hartinfarct, en dus zijn ze beter geschikt om werkstress mee in rekening te brengen. Als vrouwen een hartinfarct krijgen, zijn ze vaak al met pensioen... Na tien jaar werd onderzocht wie van de heren een hartinfarct had gekregen. Er werden 47 slachtoffers geteld. Vervolgens werd gecontroleerd voor de bekende risicofactoren: roken, lichaamsbeweging, jobstress, erfelijkheid. Wat bleek? Mannen die bij conflicten of onfaire behandeling gewoonweg 'slikten', hadden tweemaal meer kans op een hartinfarct. In stilte lijden, binnenvetten, opkroppen of welke naam je ook aan deze strategie wil geven, is dus verre van gezond. Maar 'slikken' kan ook eenvoudigweg betekenen 'wegwandelen', 'het niet aan je hart laten komen' (letterlijk). De onderzoekers probeerden daarom een heel ondubbelzinnige maat van opkroppen of binnenvetten op te stellen, waarbij dus geen rekening wordt gehouden met zuiver vermijdingsgedrag. Dan worden de resultaten pas echt spectaculair. De echte binnenvetters hebben tot vijfmaal meer kans op een hartinfarct. Dat is de rechtstreekse band. Maar diezelfde binnenvetters hebben ook een aantal problemen die de voorbode zijn van het nakende hartinfarct: hoger cholesterolgehalte, meer kans op diabetes. De onderzoekers staan nauwelijks stil bij een ander belangwekkend gegeven: wie leiding geeft, gebruikt de techniek van binnenvetten veel minder. Het zoveelste bewijs dat niet zozeer leiding geven, maar wel leiding krijgen erg stresserend is. En ook weer een aanduiding dat 'macht' ons expressiever maakt. Lijden in stilte geldt voor onderaan de piramide. Bovenaan de piramide lijd je met meer gedruis, al was het bij je coach, je therapeut of bij je zakennetwerk. Het advies in de populaire media zit er dus wel wat naast. Je moet niet zozeer op de baas roepen en tieren, maar je moet gewoonweg baas worden. In tegenstelling tot de rapportering in de populaire pers wordt er overigens nergens gewag gemaakt in het artikel van de beste manier van emotie uiten. Moet je nu echt roepen en tieren? Dat lijkt niet nodig; je kunt je gevoelens op veel beschaafder manieren delen dan door te briesen. Dit is een boeiend onderzoek. Maar we willen er toch even op wijzen (ere wie ere toekomt) dat Johan Denollet van Antwerpen al in 1996 in The Lancet analoge resultaten heeft gepubliceerd met krachtige evidentie dat binnenvetten heel ongezond is. Binnenvetters (het zogenaamde type D: vele negatieve emoties en ze niet uiten) vormen een echte risicogroep. De auteurs hebben toch (ook al zijn ze met zes) hun huiswerk niet al te goed gedaan, want in de lange bibliografie is Denollet niet opgenomen. En dat voor iemand die met zijn inzichten zelfs de cover van Newsweek (in 2005) heeft gehaald. Wat kan je als praktische lessen uit dit soort studies afleiden? Leidinggevenden zijn wel degelijk medeverantwoordelijk voor de lichamelijke gezondheid van hun medewerkers; unfaire behandeling, herhaalde waanzinnige deadlines kunnen ernstige problemen veroorzaken. In ieder geval moet de medewerker de kans krijgen te ventileren, en goed aan te geven wat hij denkt en vooral wat hij voelt rond de situatie. Zwijgen en verbijten is zelden een teken van sterkte. Trouwens, chefs doen dit zelf relatief weinig. Krop niet op. Deel uw frustraties, met uw omgeving. Maar doe dit rustig en beschaafd, want anders ben jij de oorzaak van nieuwe stress bij je omgeving. DE AUTEUR DOCEERT MANAGEMENT AAN DE VLERICK LEUVEN GENT MANAGEMENT SCHOOL (*) CONSTANZE LEINEWEBER, HUGO WESTERLUND, TöRES THEORELL, MIKA KIVIMäKI, PETER WESTERHOLM, LARS ALFREDSSON: COVERT COPING WITH UNFAIR TREATMENT AT WORK AND RISK OF INCIDENT MYOCARDIAL INFARCTION AND CARDIAC DEATH AMONG MEN: PROSPECTIVE COHORT STUDY ONLINE VERSIE (24 NOVEMBER 2009) VAN The Journal of Epidemiology and Community HealthMarc BuelensHet zoveelste bewijs dat niet zozeer leiding geven, maar wel leiding krijgen erg stresserend is.