Ook in de filmwereld geldt de wet van Murphy. Ooit kwam een film in een verkeerd ontwikkelingsbad terecht, vertelt makelaar Patrick De Mayer van het kantoor Almaver, Devos, Devriese, en hij legt meteen uit hoe hij zich de voorbije tien jaar toelegde op de verzekering van audiovisuele producties. Het accent legt hij op langspeelfilms. Samen met collega ...

Ook in de filmwereld geldt de wet van Murphy. Ooit kwam een film in een verkeerd ontwikkelingsbad terecht, vertelt makelaar Patrick De Mayer van het kantoor Almaver, Devos, Devriese, en hij legt meteen uit hoe hij zich de voorbije tien jaar toelegde op de verzekering van audiovisuele producties. Het accent legt hij op langspeelfilms. Samen met collega Olivier Héger, die de Franstalige markt voor zijn rekening neemt, heeft hij naar eigen zeggen 80% van de Belgische markt in handen. "Een echte people's business," verklaart De Mayer het ruime marktaandeel. "Het is een gesloten wereld, je moet de mensen kennen. En de knowhow vergaarden we doordat we ook de technische kennis onder de knie hebben. Ook in deze sector hollen de producenten de razendsnelle technische ontwikkeling achterna." Eén van de jongste referenties van Patrick De Mayer is Father Damien. "Een goede zaak," glimlacht de makelaar. Het verzekeringspakket bedraagt één procent van het totale budget, begroot op tien miljoen dollar. "Maar een echt winstgevende sector is het niet," vindt Olivier Héger. "De premie is niet in verhouding tot de prijs bij eventuele schade. Want als er zich een probleem voordoet, is het uit te keren bedrag meteen zeer hoog." Het gemiddelde premiebedrag schommelt rond de 1,5% van het totale budget, met uitersten van 0,5 tot 5%. Doorgaans beslaat de verzekering twee onderdelen: de cast (naast acteurs kunnen dat ook dieren zijn), en de "beeld- en geluidsdragers". De verzekering dekt ook de kosten voor het herdraaien, stel dat beeld of geluid verloren gaan door een verkeerde handeling. Ook de film completion bond behoort tot het gamma, een polis die de afwerking van de productie garandeert. Jaarlijks halen Héger en De Mayer een omzet van tien miljoen frank. Hun referenties: Oesje, Gaston's War, Terug naar Oosterdonk, Lisa. De helft van de omzet van Olivier Héger is afkomstig uit Frankrijk, voornamelijk via Belgisch-Franse coproducties. Daarvoor sloot hij een partnership met de Franse makelaar Rubini & Associés, naar eigen zeggen goed voor 70% van de Franse markt. Hooguit 5% van de films wordt niet verzekerd. "Maar de markt groeit jaarlijks met 30%," weet Olivier Héger. "Ik neem een steeds groter marktaandeel in Frankrijk. En de budgetten voor de films worden steeds groter."