Als de term 'budgetauto' valt, wordt doorgaans gedacht aan Dacia, het succesvolle zustermerk van Renault. Maar ook Fiat heeft heel betaalbare wielen in de catalogus. Zoals de Tipo, die in 2015 werd gelanceerd. Met 700.000 verkochte exemplaren is die gezinswagen een internationaal succes, hoewel het model in onze contreien nooit echt heeft kunnen overtuigen. Meer dan gelijk welk ander continent is Europa verslaafd aan de SUV of de cross-over, auto's die hoger van de grond staan.
...

Als de term 'budgetauto' valt, wordt doorgaans gedacht aan Dacia, het succesvolle zustermerk van Renault. Maar ook Fiat heeft heel betaalbare wielen in de catalogus. Zoals de Tipo, die in 2015 werd gelanceerd. Met 700.000 verkochte exemplaren is die gezinswagen een internationaal succes, hoewel het model in onze contreien nooit echt heeft kunnen overtuigen. Meer dan gelijk welk ander continent is Europa verslaafd aan de SUV of de cross-over, auto's die hoger van de grond staan. Het mag dan ook niet verbazen dat Fiat van de jongste facelift van het model heeft gebruikgemaakt om na de vierdeurs, de vijfdeurs en de break een nieuwe variant te lanceren: de Cross. Hij is net geen 4 centimeter hoger dan de andere versies en oogt daarmee als een cross-over: jonger, hipper en avontuurlijker. Uiteraard is ook de prijs iets hoger: de instapversie kost 22.050 euro. Dat is flink wat meer dan de 17.050 euro voor de klassieker - en saaier - ogende vierdeursversie. Het neemt niet weg dat je ook hier waar voor geld krijgt. We zien een digitaal instrumentenbord en in het midden van de boordplank een scherm van 10,25 inch voor het infotainment - Apple Carplay werkt meteen feilloos, wat niet van alle auto's kan worden gezegd. Bovendien heeft Fiat zich duidelijk ingespannen om het interieur er niet goedkoop te laten uitzien. Hoewel er behoorlijk wat hard plastic wordt gebruikt, zitten op heel goed gekozen plaatsen iets betere materialen, wat de indruk creëert dat het allemaal best behoorlijk afgewerkt is voor een scherp geprijsde auto met een binnenruimte die vergelijkbaar is met die van populaire middenklassers zoals de Ford Focus of de Renault Mégane. Onderweg maakt de kleine driecilinder van één liter snel duidelijk dat hij ruim voldoet voor dit model. Omdat het maximale koppel al beschikbaar is bij 1500 toeren, is het heel soepel rijden in stads- of ander traag verkeer. Op de autoweg rijd je moeiteloos mee met de meute en blijkt de benzinemotor ook opvallend stil, wat bijdraagt tot het akoestische comfort. Met een zesde versnelling was dat alleen nog maar beter geweest. Langs de minzijde noteren we de ophanging die op slechte wegen wel eens stug uit de hoek kan komen.