De Nationale Bank van België ( NBB) is geen vennootschap zoals alle andere. Gouverneur Guy Quaden en minister van Financiën Didier Reynders ( MR) hebben daar al tot vervelens toe op gehamerd. Dat speciale statuut wordt extra in de verf gezet door de boekhoudprincipes die de Nationale Bank erop nahoudt. Zo schrijft ze de gebouwen volledig af in het jaar van aanschaf in plaats van over de gebruikelijke twintig jaar. Door zich rigoureus aan dit prin...

De Nationale Bank van België ( NBB) is geen vennootschap zoals alle andere. Gouverneur Guy Quaden en minister van Financiën Didier Reynders ( MR) hebben daar al tot vervelens toe op gehamerd. Dat speciale statuut wordt extra in de verf gezet door de boekhoudprincipes die de Nationale Bank erop nahoudt. Zo schrijft ze de gebouwen volledig af in het jaar van aanschaf in plaats van over de gebruikelijke twintig jaar. Door zich rigoureus aan dit principe te houden, weerspiegelt de balans niet echt de reële waarde van de activa van de vennootschap. Deminor, het juridisch kantoor dat erop toeziet dat de rechten van zowat 250 minderheidsaandeelhouders niet worden geschonden, heeft een hele kluif aan het doorploegen van de jaarrekening. Zo ontdekten de juristen een jaarlijkse transfer van 24,4 miljoen euro van de Nationale Bank naar de schatkist. Volgens de jaarrekening van de NBB vindt de transfer zijn oorsprong in een operatie van begin 1991. Toen werd de geconsolideerde schuld van de overheid bij de NBB omgezet in vrij verhandelbare effecten. De meeruitgaven die deze operatie voor de staat meebracht, werden sindsdien gecompenseerd door een jaarlijkse tegemoetkoming. Wat die meeruitgaven echter precies inhouden, laat het jaarverslag in het midden. Deminor vindt het alvast merkwaardig dat een eenmalige conversie jaarlijkse meeruitgaven voor de overheid teweegbrengt. Het is trouwens niet de eerste keer dat de onduidelijke communicatie in het jaarverslag van de NBB voor verwarring zorgt. Ook de stelling van Quaden en Reynders dat de deviezen die op de balans van de NBB staan aan de staat toebehoren, wordt in datzelfde jaarverslag letterlijk tegengesproken.Na het nodige opzoekwerk slaagt Kristin Bosman, woordvoerster van de NBB, er uiteindelijk in om klaarheid te scheppen. "Ter gelegenheid van de hervorming van de monetaire beleidsinstrumenten in 1991 heeft de Belgische staat zijn geconsolideerde schuld ten opzichte van de NBB omgezet in effecten, die tegen marktvoorwaarden verhandelbaar zijn. Die schuld bedroeg toen ruim 840 miljoen euro. De impact van de conversie was niet onbelangrijk voor de NBB, want tot dan kreeg ze een jaarlijkse vergoeding van 0,10% op deze som. Na de conversie lag die vergoeding hoger, aangezien de eerste 3% van de intrest die de NBB op haar beleggingen int, aan haar toekomt. Door de conversie zou de NBB dus 2,9% van 840 miljoen euro méér innen dan vroeger en dit ten nadele van de staat. Om de gevolgen van de conversie voor beide partijen financieel neutraal te houden, heeft de wetgever beslist dat de NBB de extra inkomsten die ze ten gevolge van die conversie verwerft, jaarlijks aan de schatkist moet terugstorten." D. V. T.