Toen Michael Jackson in 2009 overleed, was hij 50 jaar. 44 jaar daarvan had hij op een podium gestaan. Voor zijn leven in de spotlights betaalde hij een hoge prijs. Maar het maakte van hem ook de bekendste artiest van de vorige eeuw. Hij is nog altijd een van de meest geportretteerde personen. Toch is het de eerste keer dat ov...

Toen Michael Jackson in 2009 overleed, was hij 50 jaar. 44 jaar daarvan had hij op een podium gestaan. Voor zijn leven in de spotlights betaalde hij een hoge prijs. Maar het maakte van hem ook de bekendste artiest van de vorige eeuw. Hij is nog altijd een van de meest geportretteerde personen. Toch is het de eerste keer dat over hem een kunstexpo wordt gemaakt. On the Wall, een knipoog naar Off the Wall, een album uit 1979, was al te zien in de National Portrait Gallery in Londen. De werken tonen de culturele invloed van de King of Pop. Hij inspireerde onder meer Andy Warhol en fotograaf David LaChapelle. Maar die inspiratie was geen eenrichtingsverkeer. Jackson was zelf enorm geboeid door beeldende kunst. Als tiener schuimde hij al musea af. In de catalogus staat dat kunst voor Michael Jackson "een deur naar andere werelden was en tegelijk een manier om onze wereld beter te begrijpen". Als hij naar kunst keek, had hij drie criteria: ze moest mooi zijn, theatraal zijn én een verhaal vertellen. Nagenoeg alle werken op de expo voldoen aan die drie eisen. Neem het immense ruiterportret: het is geïnspireerd op Rubens' portret van koning Filips II van Spanje uit 1628. De popster bestelde het bij de Nigeriaans-Amerikaanse artiest Kehinde Wiley, die ook het officiële portret van president Obama schilderde. Het werk was nog maar half af toen Jackson stierf, waarna Wiley het postuum afwerkte. Andy Warhol maakte in 1984 een portret van de wereldster. De kunstwerken maken van Michael Jackson een nog meer ambigue en raadselachtige figuur.