De Belgische regering maakt wetten zonder er eerst goed over na te denken. Het resultaat is juridische kaas met gaatjes. Lekker voor een luchtig beschuitje, maar dodelijk voor de rechtstaat. Naar analogie met de fiscale amnestie uit 2004 blijkt de permanente fiscale regularisatie ook met haken en ogen aan elkaar te hangen. Je zou denken dat een ezel zich geen tweemaal aan dezelfde steen stoot. Helaas. Alle goede voornemens ten spijt, vertoont de huidige maatregel grote gebreken. In plaats van de fiscale fraude te bestrijden, institutionaliseert de regering als het ware de belastingontduiking. Iedere burger of rechtspersoon kan namelijk een cascadesysteem opzette...

De Belgische regering maakt wetten zonder er eerst goed over na te denken. Het resultaat is juridische kaas met gaatjes. Lekker voor een luchtig beschuitje, maar dodelijk voor de rechtstaat. Naar analogie met de fiscale amnestie uit 2004 blijkt de permanente fiscale regularisatie ook met haken en ogen aan elkaar te hangen. Je zou denken dat een ezel zich geen tweemaal aan dezelfde steen stoot. Helaas. Alle goede voornemens ten spijt, vertoont de huidige maatregel grote gebreken. In plaats van de fiscale fraude te bestrijden, institutionaliseert de regering als het ware de belastingontduiking. Iedere burger of rechtspersoon kan namelijk een cascadesysteem opzetten, waarbij telkens een deel van zijn zwart kapitaal door de jaren heen geregulariseerd wordt. Het volstaat om wat stromannen of vennootschappen in te schakelen om het eenmalige karakter te omzeilen. Een fictief voorbeeld. Ondernemer Peter Peeters heeft in de loop van de geschiedenis 15 miljoen euro verduisterd. Via zijn vijf familieleden en tien dochtervennootschappen kan hij vijftien keer een fiscale regularisatie aanvragen, al naargelang van zijn behoeften aan kapitaal op dat ogenblik. Wegens het gebrek aan fiscale controle - zelfs de topman van de administratie Jean-Marc Delporte schreeuwt publiekelijk zijn onmacht uit - blijft de pakkans gering. Ook kan de berouwvolle zondaar telkens onmiddellijk over zijn geld beschikken, zonder met ingewikkelde en tijdrovende technieken te hoeven werken. Nochtans waren de doelstellingen van de fiscale amnestie nobel. Na eeuwenlang een gedoogbeleid te hebben gevoerd, ging de paarse coalitie eindelijk de ethiek in de fiscaliteit herstellen. Wie vroeger in België geen belastingen ontdook, werd voor een gek gehouden. Fiscale fraude was niet alleen een nationale volkssport, maar zelfs een 'recht' van de burger als zalf tegen de huizenhoge belastingdruk. Maar tijden veranderen, ook in België. Sinds de vloedgolf van financiële schandalen - zoals Lernout & Hauspie en Enron - klinkt de roep naar transparantie en rechtvaardigheid steeds luider. De jonge generatie wil met schone handen ondernemen en geen vergiftigd geschenk erven. Tegelijkertijd wordt de overheid onder druk van de internationale witwaswetgeving verplicht de economische beroepsbeoefenaars aan een strengere deontologie te onderwerpen en financiële gegevens uit te wisselen. Als overgangsmaatregel krijgt de berouwvolle zondaar eenmalig de kans op fiscale amnestie. Daarna zal elke misstap streng bestraft worden. Bovendien kan met de extra opbrengsten van de operatie de belastingdruk op arbeid verlaagd worden, zodat iedereen tevreden is. Maar dat was buiten het gestuntel van de regering gerekend. In sneltreinvaart joeg minister van Financiën Didier Reynders (MR) het ontwerp van de maatregel, inclusief alle vraagtekens en kinderziektes, door het parlement. Voor de heilige koe van paars - het kunstmatige evenwicht in de begroting - moest alles wijken. Vandaag staat alles in functie van het onmiddellijke geldgewin. Zelfs Gerrit Zalm, de Nederlandse minister van Financiën, ergert zich aan de eenmalige operaties van zijn zuiderburen. Il Duro, zoals de Italianen hem noemen, heeft gelijk. Op termijn brengen die losse flodders geen zoden aan de dijk. Integendeel. Door de slechte en snelle constructie dreigt het hele gebouw in te storten. Eric Pompen