De jonge Brusselse kunstenaar Jan De Cock stelt tentoon in het Gentse Museum voor Schone Kunsten én in het S.M.A.K. Weinig hedendaagse kunstenaars zullen het hem nadoen. Cinema, geschiedenis en architectuur zijn de drie pijlers die het werk van dit gedreven talent ondersteunen. In de ruimtes van het Museum voor Schone Kunsten (ook het gedeelte waar Jan Hoet zijn museum had vóór het S.M.A.K.) staan De Cocks maquettes en esthetische constructies broed...

De jonge Brusselse kunstenaar Jan De Cock stelt tentoon in het Gentse Museum voor Schone Kunsten én in het S.M.A.K. Weinig hedendaagse kunstenaars zullen het hem nadoen. Cinema, geschiedenis en architectuur zijn de drie pijlers die het werk van dit gedreven talent ondersteunen. In de ruimtes van het Museum voor Schone Kunsten (ook het gedeelte waar Jan Hoet zijn museum had vóór het S.M.A.K.) staan De Cocks maquettes en esthetische constructies broederlijk naast negentiende-eeuwse meesters opgesteld. Voor De Cock zijn het gedenktekens, een soort monumenten 'ter ere van'. Ze verbeelden utopieën of gebouwen die nog geconstrueerd moeten worden. De houten bouwwerken hebben iets van een altaar, een Griekse of Romeinse tempel of een archeologische site. De constructies zijn eigenlijk heel klassiek. De Cock wil aantonen dat er nooit een breuk tussen de hedendaagse en de (zogenaamde) schone kunsten is geweest. Jan De Cock citeert het classicisme en de romantiek als de twee kunststromingen die zijn werk hebben bepaald. De vrij strenge, bijna abstraherende vormen en contouren van het classicisme tekenen ook zijn werk. In zijn verheerlijking van de mens huldigt De Cock de romantiek. De mens staat namelijk centraal. De bezoeker wordt een figurant, maar krijgt ook de functie van camera-oog toebedeeld. De Cock houdt van de films van Jean-Luc Godard, David Lynch, Michelangelo Antonioni en Andrei Tarkovski. Niet toevallig filmmakers die de traditionele kijkgewoontes wilden doorbreken met hun beeldtaal. Jan De Cock 'bouwt' films. De bezoeker beweegt zich vrij rond in de verschillende constructies, maar krijgt een bepaald kader aangereikt van waaruit hij zijn eigen kadrering kan maken. De travellings uit de cinema - beweging, licht en kleur zijn belangrijke onderdelen van De Cocks constructies - worden vervangen door een soort looppaden waarop de bezoeker zich kan bewegen. De grote doorkijken maken deel uit van de kadrering, maar de toeschouwer die nieuwsgierig om het hoekje piept of door een opening gluurt, opent telkens opnieuw nieuwe perspectieven van waaruit het kunstwerk bekeken en de ruimte ervaren kan worden. Jan De Cock dwingt de kijker om in 'zijn' film te stappen: een filmruimte die intrigeert, uitdaagt en waar het aangenaam toeven is. Piet Goethals [{ssquf}]'Randschade fig.7' van Jan De Cock: t/m zo 18/8, alle dagen (behalve op ma) van 10.00 tot 18.00 uur in het Museum voor Schone Kunsten, Citadelpark, Gent. info: 09-240 07 00 ofhttp://finearts.museum.gent.beT/m za 6/7 in het S.M.A.K., alle dagen (behalve op ma) van 10.00 tot 18.00 uur, Citadelpark, Gent.Info: 09-221 17 03 ofwww.smak.be