Volgens de Waalse socialisten, gesteund door professoren als Paul De Grauwe van de London School of Economics, heeft het geen zin dat ons land zich kapot bespaart. De besparingen wegen volgens hen op de economische groei, waardoor de overheidsinkomsten tegenvallen, en er dus nog meer besparingen nodig zijn om het gat in de begroting te dichten. Een neerwaartse en helse spiraal.
...

Volgens de Waalse socialisten, gesteund door professoren als Paul De Grauwe van de London School of Economics, heeft het geen zin dat ons land zich kapot bespaart. De besparingen wegen volgens hen op de economische groei, waardoor de overheidsinkomsten tegenvallen, en er dus nog meer besparingen nodig zijn om het gat in de begroting te dichten. Een neerwaartse en helse spiraal. Gert Peersman, professor economie aan de Universiteit Gent, relativeert deze redenering. "Het heeft inderdaad geen zin dat landen met gezonde overheidsfinanciën, bijvoorbeeld Nederland en Duitsland, vandaag zo zwaar op de rem staan. Hun besparingen brengen de landen van de eurozone met ongezonde overheidsfinanciën nog extra in de problemen. België hoort bij die laatste groep en moet voort besparen", zegt Peersman. De economische malaise in ons land is geen gevolg van de besparingen van de Belgische overheid, maar van de malaise in de rest van de eurozone en de onzekerheid over de houdbaarheid van de Belgische overheidsfinanciën. Als open en exportgerichte economie is ons land afhankelijk van wat er gebeurt in de buurlanden, omdat het grootste deel van onze productie geëxporteerd wordt en het grootste deel van onze consumptie geïmporteerd wordt. Een daling van het Europese bruto binnenlands product (bbp) met 1 procent leidt tot een daling van het Belgische bbp met 0,75 procent. Door harde en onnodige besparingen in bijvoorbeeld Nederland en Duitsland, met een dalende economische activiteit in die landen als gevolg, komt ook ons land in de problemen. Peersman pleit ervoor dat landen die structureel gezonde overheidsfinanciën hebben, hun begrotingsdoelstellingen bijstellen. Dat zal hun economische toestand verbeteren en de landen die moeten besparen extra ademruimte geven. Boven op de impact van de economische malaise bij onze handelspartners komt de penibele toestand van de Belgische overheidsfinanciën. Ons land torst een torenhoge overheidsschuld van 100 procent van het bbp en ziet de hoogste vergrijzingskosten van alle Europese landen op zich afkomen. Tegen 2060 zouden die kosten 10 procent van het bbp bedragen, wat twee keer zo hoog is als de federale uitgaven buiten de sociale zekerheid. De grote onzekerheid over de houdbaarheid van de financiën en de mogelijke nieuwe belastingen die dat met zich brengt, ligt volgens Peersman mee aan de basis van de malaise in ons land. Gezinnen sparen meer omdat ze hogere belastingen verwachten en bedrijven stellen investeringen uit door de lagere consumptie. Dat laatste wordt ook geconfronteerd met onzekerheid op de arbeidsmarkt door bijvoorbeeld de discussie over het statuut van arbeiders en bedienden. Bovendien weegt de onzekerheid over de overheidsfinanciën ook op de financiële markten, wat zich uit in het renteverschil tussen Belgische en Duitse overheidsobligaties. Peersman schat dat een daling van de overheidsuitgaven met 1 procent de Belgische tienjarige rente met 0,2 procent doet zakken. Een lagere rente betekent minder intrestlasten, wat leidt tot een verbetering van het begrotingstekort. Dat leidt op zijn beurt tot minder schulden en is een heilzame cyclus, het omgekeerde van een rentesneeuwbal. Maar de lage rente op Belgische staatsobligaties is meer het resultaat van de uitspraken van Mario Draghi, de voorzitter van de Europese Centrale Bank, dan van het werk van de Belgische overheid. De situatie blijft precair en er moet dringend werk gemaakt worden van een structurele verlaging van de overheidsuitgaven. Het is duidelijk dat de belangrijkste taak van de Belgische overheid erin bestaat de onzekerheid over de houdbaarheid van de overheidsfinanciën weg te nemen. Het uitstellen van de saneringen, wat de PS voorstelt, creëert alleen meer onzekerheid en doet de economische situatie niet verbeteren. Net omdat structurele ingrepen in de overheidsuitgaven de onzekerheid bij gezinnen en bedrijven verminderen, hebben ze een gunstig effect op de economie. Peersman pleit ervoor de overheidsuitgaven structureel te verminderen, bijvoorbeeld de uitgaven aan het overheidsapparaat. Een verhoging van de belastingen of een verlaging van de overheidsinvesteringen werkt contraproductief. Meer belastingen wil zeggen dat de gezinnen minder geneigd zijn meer te werken en dat bedrijven minder investeren. Minder overheidsinvesteringen in bijvoorbeeld infrastructuur brengen het langetermijngroeipotentieel van de Belgische economie in gevaar. De federale overheid kan dit niet alleen. Het feit dat de vergrijzingskosten al twee keer zo hoog zijn als de federale uitgaven buiten de sociale zekerheid (10 % van het bbp) betekent dat ook de gewesten hun bijdrage moeten leveren. Zij hebben geen reden om te besparen omdat de pensioenuitgaven federaal betaald worden. De overheveling van een groot deel van de vergrijzingskosten naar het regionale niveau zou die situatie rechtzetten. Tegelijk moet de schade beperkt worden door de vergrijzingskosten zo laag mogelijk te maken, bijvoorbeeld door de pensioenleeftijd op te trekken. Ter vergelijking, voor een land als Italië dat een nog hogere overheidsschuld torst (130 % van het bbp) bedragen de vergrijzingskosten door vroegere hervormingen maar 0,5 procent van het bbp. Volgens Peersman heeft Italië gezondere overheidsfinanciën dan België en kan het land zich veroorloven om besparingen meer te spreiden in de tijd. Het grote probleem is dat een deel van de Belgische politieke klasse schrik heeft van de pijnlijke maatregelen die genomen moeten worden. Ze konden hun kiezers jaren verwennen met extra overheidsuitgaven en willen zich niet onpopulair maken via een besparingsbeleid dat pas later gunstige effecten oplevert. Ze verkiezen het strenge Europa en zijn besparingen aan te vallen. MATHIAS NUTTIN, FOTOGRAFIE THOMAS LEGRÈVE"De Belgische overheid moet de onzekerheid wegnemen over de houdbaarheid van de overheidsfinanciën" Gert Peersman, UGent