Wim De Prez is van opleiding industrieel textielingenieur. "Materiaalkennis, ruimtelijk inzicht en gevoel voor diepte en verhoudingen -- wat ik tijdens mijn studie leerde, gebruik ik nog elke dag." Nadat hij een tijdje voor een breigarenfabrikant en als zelfstandige verkoper van kunststoffen had gewerkt, zette hij zijn eerste stappen als schilder. "Ik begon als decoratieschilder, maar deed eerst vooral de afwerking. Op zekere dag waagde ik me zelf aan een ontwerp." Het werk van De Prez viel in de smaak en jarenlang liet hij zich inhuren om trompe-l'oeils, Toscaanse landschappen en andere idyllische taferelen te schilderen volgens de wensen van de opdrachtgever. "Tot 2008 was kunst op bestelling mijn fulltime baan. Toen nam de vraag af."
...

Wim De Prez is van opleiding industrieel textielingenieur. "Materiaalkennis, ruimtelijk inzicht en gevoel voor diepte en verhoudingen -- wat ik tijdens mijn studie leerde, gebruik ik nog elke dag." Nadat hij een tijdje voor een breigarenfabrikant en als zelfstandige verkoper van kunststoffen had gewerkt, zette hij zijn eerste stappen als schilder. "Ik begon als decoratieschilder, maar deed eerst vooral de afwerking. Op zekere dag waagde ik me zelf aan een ontwerp." Het werk van De Prez viel in de smaak en jarenlang liet hij zich inhuren om trompe-l'oeils, Toscaanse landschappen en andere idyllische taferelen te schilderen volgens de wensen van de opdrachtgever. "Tot 2008 was kunst op bestelling mijn fulltime baan. Toen nam de vraag af." "Ondertussen was ik een opleiding aan een kunstacademie begonnen. Daar ontwikkelde ik mijn eigen taal als schilder en begon ik abstract te werken. Ik maakte kleurrijke doeken en mijn eerste tentoonstellingen werden goed onthaald. In 2010 creëerde ik Chuck, mijn eerste beeld in polyurethaanschuim." Onder de noemer Chuck Family volgde een lange reeks van bizarre, kleurrijke wezens met namen als Happy Luke, Black Prince en Green Sucker. "Die beelden hebben iets naïefs en kinderlijks, maar er zit telkens een scherp kantje aan. Wie wil, kan er dieren in zien, maar ze hebben bijvoorbeeld zowel een pluimstaart als een rattenstaart, ze kijken scheel, ze hebben één klauw en één Donald Duck-poot, het aantal vingers klopt niet, of ze zien eruit alsof ze ergens tegenaan zijn gelopen." Het is De Prez' manier om het schoonheidsideaal te bekritiseren. "We kunnen blijkbaar niet meer leven met een vleugje imperfectie. En toch vinden mensen mijn beelden mooi, vertederend zelfs. Eigenlijk vinden we imperfectie charmanter dan we denken." Beeldhouwen is stoffig, vuil en ongezond werk. Daar zocht de ingenieur in De Prez een oplossing voor. "Ik wilde op een meer technologische manier werken en vond die in 3D-printtechnologie. Er zijn nog maar weinig kunstenaars die dat doen, omdat ze de printer niet hebben. Ik heb het geluk dat ik kan samenwerken met een technofreak, die zijn printer uittest met mijn beelden." Om de beelden mooi glad te krijgen en ze te kunnen beschilderen, worden ze afgewerkt in polyester. "Het voordeel van die techniek is dat je bij elke print iets kunt wijzigen, zodat de vorm uniek wordt. Een mooi verhaal voor de klant, die flipt bij het idee dat je tien beelden in dezelfde vorm zou maken. Hoewel ik ze telkens beschilder en ze dus altijd uniek zijn." Voor grote beelden lukt 3D-printen nog niet. "Een meter twintig is voorlopig het grootste formaat." Die grote beelden, die soms tot vijf meter hoog zijn, maakt De Prez nog eigenhandig. "Ze gladmaken met glasvezel en polyester is ongezond werk, dat ik aan specialisten overlaat. Zij hebben daarvoor maskers en afzuigsystemen. De beelden zijn even sterk als de romp van een boot. Dat moet, want meestal staan ze buiten." Voor de afwerking in het atelier heeft De Prez een medewerkster in dienst. "Ze is keramiste en kan heel fijn werken. Maar haar inbreng blijft daar niet toe beperkt: als je met z'n tweeën werkt, ga je onvermijdelijk in overleg, en daardoor beïnvloed je elkaar. Het is ook verrijkend om wat tegenwind te krijgen, tenslotte werk ik veel alleen." Voor zijn beeldhouwwerk moest De Prez een andere markt aanboren dan die van de muurschilderijen. "Het is een ander publiek, een groter publiek, dat wel. Ik kan me voorstellen dat de mensen waarvoor ik Toscaanse landschappen heb geschilderd, wat ongerust worden als ze een uitnodiging krijgen voor een van mijn tentoonstellingen. (lacht) Al zijn er die beide genres appreciëren." "Maar ik werk nog altijd in opdracht. Zo heeft een verzamelaar van schildpadden me gevraagd een beeld te maken. Je zult er wellicht nog wel een schildpad in herkennen, maar het draagt toch duidelijk mijn signatuur. Het verschil met vroeger is dat ik voordien voor 90 procent deed wat de opdrachtgever wilde, terwijl ze me nu vragen om 100 procent mijn zin te doen." Is De Prez dan nu een kunstenaar en vroeger niet? "Vroeger was ik veeleer een vakman. Je moet natuurlijk de techniek van het schilderen beheersen, maar ben je daarom een kunstenaar? Ik lig er niet wakker van, zolang ik maar mijn zin kan doen en werken verkocht krijg. Want ik ben naast kunstenaar ook verkoper. Dit is geen hobby. Meestal volstaat het enthousiast te vertellen over mijn werk. Maar niemand koopt kunst vanwege het verkooppraatje. Je moet altijd een beetje verliefd zijn." De karakteristieke kleuren zijn de rode draad door alles wat De Prez doet. "Ik werk graag met pastelkleuren, of met combinaties van roze en blauw, of van roze en groen. Kinderachtig, vinden sommigen, maar ik doe gewoon mijn zin." De Prez' onconventionele kleurgebruik bekoort ook het Pantone Color Institute. Die organisatie, die in New Jersey is gevestigd en wordt beschouwd als de wereldautoriteit in kleurenstandaards voor de mode- en de designindustrie, merkte De Prez op een beurs in Parijs op. Pantone gebruikte zijn werk in Pantone's View Home Forecast, als een van de referenties voor de modekleuren van 2014. Dat zo'n internationale autoriteit zijn kleurgebruik als trendsettend bestempelt, doet hem plezier. "Vooral omdat mijn werk het excentrieke kleurenpalet illustreert (lacht)." Ondanks die bevestiging wil De Prez blijven evolueren. Dat uit zich in het gebruik van objecten, zoals dierenpootjes, veren, paspophanden en kunstnagels. Hij verwerkt ook tattoos en piercings, waarmee hij de draak steekt met de manier waarop mensen zich laten verminken in naam van het schoonheidsideaal. "Maar het blijft lichtvoetig. Dit is mijn soort humor, al kan ik me voorstellen dat niet iedereen ermee kan lachen." KARIN EECKHOUT"We vinden imperfectie charmanter dan we denken"