Liefhebbers van autorijden hebben het niet gemakkelijk. Om iedere hoek duikt een flitspaal of mobiele radar op. Die met groot gelijk extreem rijgedrag bestraft, maar ook genadeloos bestraft bij 56 per uur op een brede weg zonder verkeer en niet de minste overschrijding van de 120 toelaat op een verkeerloze autoweg. Het valt niet langer te rijmen met sportieve auto's en echt genieten achter het stuur zonder in extremen te vervallen.
...

Liefhebbers van autorijden hebben het niet gemakkelijk. Om iedere hoek duikt een flitspaal of mobiele radar op. Die met groot gelijk extreem rijgedrag bestraft, maar ook genadeloos bestraft bij 56 per uur op een brede weg zonder verkeer en niet de minste overschrijding van de 120 toelaat op een verkeerloze autoweg. Het valt niet langer te rijmen met sportieve auto's en echt genieten achter het stuur zonder in extremen te vervallen. Een ander aspect dat de beleving van autorijden nu snel verandert, is de morele plicht om zuinig om te springen met fossiele brandstoffen en milieu. De rechtervoet van zijn kriebel verlossen en er zestien liter benzine doordouwen, het moet knagen aan het geweten terwijl zoonlief van acht op school leert hoe we zuiniger moeten omspringen met de hulpbronnen des werelds. En toch: (ingetogen) sportief rijden en genieten van een uitstekend stuk alaam op wielen, het kan nog. En u hebt er geen Golf GTi voor nodig, neen. Volkswagen heeft immers een dieselversie van de auto die sinds zijn geboorte, halfweg de jaren zeventig, een icoon is geworden want sportief rijden vulgariseerde: de Golf GTD. Onder de kap zit een tweeliter turbodiesel goed voor 170 paarden en een stevig koppel van 350 Nm dat al vanaf 1750 toeren, heel vroeg dus, wordt geserveerd. Neem het van ons aan: heerlijk rijden was het. De topsnelheid - we probeerden het niet uit, echt waar - zit voorbij de 220 per uur, en een sprintje van nul naar honderd trek je in acht seconden. Het rijgedrag in het betere bochtenwerk is opmerkelijk, en diesel blijkt hier ook geen contradictie met sportief gevoel meer te zijn. De ingenieurs van Volkswagen, weliswaar geholpen door de common-railtechnologie, vonden een manier om de viercilinder lekker rauw en hees te laten klinken. Neem daarbij de grote stuwkracht in de lage toeren, eigen aan turbodiesels, en je wilt nooit meer van een andere sportieve auto horen. Temeer omdat hij de binnenruimte heeft van een modale gezinswagen en dus inzetbaar is au quotidien. Het enige waaraan je voelt dat je niet met een gewone berline rijdt, is de hardere afvering van het sportief afgestelde chassis. En je krijgt vooral geen schuldgevoel aan de pomp: ons verbruik ging nooit boven 5,5 liter. Hoewel we ons misschien niet altijd aan de cijferbordjes langs de weg hielden, maar dat herinneren we ons niet meer met zekerheid. Wel weten we nu zeker: de Golf GTD verzoent hedendaags denken en sportief rijden op een unieke manier. Rijgedrag, zeer zuinige motor Harde afvering op slechte (Belgische) wegenJo Bossuyt