Neen, hij ondervond na zijn overstap uit de privé-sector, als general manager van de divisie vaste netwerken bij Alcatel Bell, naar de Vlaamse exportpromotiedienst Export Vlaanderen, een overheidsdienst, niets van de klassieke cultuurschok. "Het viel beter mee dan verwacht," benadrukt Koen Allaert. Misschien was het wél een schok voor zijn medewerkers. Die werden geregeld op ontbijt ontboden bij hun nieuwe algemeen directeur. "Die ontbijtsessies met een achttal mensen uit alle rangen en standen, uit verschillende afdelingen, waren een geweldige inf...

Neen, hij ondervond na zijn overstap uit de privé-sector, als general manager van de divisie vaste netwerken bij Alcatel Bell, naar de Vlaamse exportpromotiedienst Export Vlaanderen, een overheidsdienst, niets van de klassieke cultuurschok. "Het viel beter mee dan verwacht," benadrukt Koen Allaert. Misschien was het wél een schok voor zijn medewerkers. Die werden geregeld op ontbijt ontboden bij hun nieuwe algemeen directeur. "Die ontbijtsessies met een achttal mensen uit alle rangen en standen, uit verschillende afdelingen, waren een geweldige informatiebron. Zo kreeg ik voeling met wat er echt leefde in de organisatie," vertelt Allaert. Er was immers dringend behoefte aan rust, stabiliteit en wederzijds vertrouwen, na een voortdurend komen en gaan van managers en het ondersteboven keren van de exportpromotiedienst. Positief was het feit dat het decreet tot omvorming van Export Vlaanderen in Flanders Investment & Trade ( FIT) nog vóór de jongste verkiezingen in het Vlaamse parlement goedgekeurd werd. Exportpromotie en investeringen, zowel de Dienst Investeren in Vlaanderen (voor het aantrekken van buitenlandse investeringen) als de begeleiding van Vlaamse KMO's bij hun investeringsplannen in het buitenland, worden samengebracht in die ene overkoepelende FIT-structuur. Het implementeren van de nieuwe structuur is volop bezig. Zo is bij de 76 exportbegeleiders uit het buitenlandse netwerk van Export Vlaanderen een bijscholing begonnen voor het aanpakken van investeringsdossiers. Allaert vindt het allemaal de goede kant opgaan. "FIT zal paraat staan op 1 januari 2005, wanneer de nieuwe structuur operationeel wordt." Allaert is vooral tevreden over "de vlotte interne dialoog en betere afspraken met onze klanten - de bedrijven - via samenspraak met de economische actoren en sectorfederaties". Dat resulteerde in een moderne organisatiestructuur, die meer klantgericht denkt. "Die ideeën bestonden al toen ik hier binnenkwam, maar uit mijn ervaring in de privé heb ik toch extra klemtonen kunnen leggen." Ook aan het optimaliseren van het buitenlandse netwerk is gesleuteld. "Op basis van 22 criteria hebben we het nut van buitenlandse posten voor onze KMO's opnieuw ge- evalueerd - zo krijgen Midden-Europa en Centraal-Amerika meer aandacht. De strategie per regio werd herbekeken, zowel met onze mensen in het veld als met het bedrijfsleven."Volgens Allaert is ook de samenwerking en coördinatie met de Waalse en Brusselse exportdiensten flink verbeterd. Ten slotte komen er heel binnenkort meer lokale aanspreekpunten dan de bestaande vijf provinciale kantoren. Die zogenaamde eersteloketfunctie van het FIT zal beheerd worden door privé-partners uit het middenveld. Als enig minpunt dat zijn slagkracht enigszins afremt, noemt Koen Allaert de statutaire regels die het vlot aanwerven van personeel uit de privé bemoeilijkt. "Hopelijk komt ook daarin beterschap in het kader van het Beter Bestuurlijk Beleid van de Vlaamse Gemeenschap." E.B."De overgang van de privé naar de overheid viel beter mee dan verwacht."