Projectontwikkelaar Bart Verhaeghe maakte de afgelopen weken tegen wil en dank de beginletters van zijn naam waar. Hij is een Bekende Vlaming geworden. Zijn Uplace-project in Machelen kwam totaal onverwacht midden in een politieke storm terecht. Niet alleen de usual suspects zoals de Bond Beter Leefmilieu deden eraan mee. Ook Unizo en prominenten van de sp.a (voorheen voorstander) zoals Louis Tobback (de volle laag) en Vlaams minister Ingrid Lieten (omfloerst) leverden kritiek.
...

Projectontwikkelaar Bart Verhaeghe maakte de afgelopen weken tegen wil en dank de beginletters van zijn naam waar. Hij is een Bekende Vlaming geworden. Zijn Uplace-project in Machelen kwam totaal onverwacht midden in een politieke storm terecht. Niet alleen de usual suspects zoals de Bond Beter Leefmilieu deden eraan mee. Ook Unizo en prominenten van de sp.a (voorheen voorstander) zoals Louis Tobback (de volle laag) en Vlaams minister Ingrid Lieten (omfloerst) leverden kritiek. Verhaeghe en zijn ploeg bliezen alle hens aan dek om het tij te keren. Dat lijkt gelukt, maar sommigen hopen dat Uplace een Oosterweel bis wordt, waarbij het economische en politieke draagvlak voor het project via uitgekiende aanvallen in de media wordt onderuitgehaald. Verhaeghe zelf likt zijn wonden na de strijd die hij heeft geleverd. Een moment leek hij uitgeteld, maar hij is terug van weggeweest. BART VERHAEGHE. "Die vergelijking gaat absoluut niet op. Het besluitvormingstraject van Uplace loopt na vijf jaar stilaan ten einde. In 2012 willen we met de werken beginnen. Er waren amper acht bezwaarschriften tegen de bouwvergunning. Tegen de Oosterweel-verbinding waren het er 17.000. Op lokale tegenstanders na, schaart bijna iedereen zich achter Uplace." VERHAEGHE. "Als de Vlaamse regering haar beslissing zou intrekken wel, ja. Maar dat zal niet hoeven te gebeuren." VERHAEGHE. "Zo'n 40 miljoen euro." VERHAEGHE. "Neen. Ze moet zich enkel uitspreken over een beroep tegen een geweigerde milieuvergunning. Die gaat over de Vlarem-normen van het project, niet over mobiliteit zoals ik her en der lees. Dat aspect is aan bod gekomen bij het verlenen van de sociaaleconomische vergunning en de bouwvergunning. Het project wordt behoorlijk onderbouwd met nieuwe infrastructuur. Vijf keer heeft de Vlaamse overheid haar zegen gegeven. Waarom zou ze plots van mening veranderen?" VERHAEGHE. "De Vlaamse regering heeft de opportuniteitsafweging twee jaar geleden al gemaakt. Ik ben 200 procent zeker dat het project er komt. Twee Vlaamse regeringen met verschillende samenstellingen hebben zich uitgesproken over het brownfieldconvenant van 2009, dat het Uplace-project in detail behandelt, en de herbevestiging in 2010. Het ruimtelijk afbakeningsplan geeft ons rechtszekerheid, onder welke regering ook." VERHAEGHE. "Ik werk met topmensen die een dossier administratief perfect uitwerken. Ik ben geen lobbyist, of een netwerker. Je zal me zelden op een receptie zien. "Dat we de Vlaamse regering in de tang hebben, is te sterk uitgedrukt. Het convenant stelt dat de Vlaamse regering en andere overheden beslissingen nemen op basis van de wet. Ik las ook in Trends dat de Vlaamse overheid in dit soort dossiers altijd in het algemeen belang moet kunnen beslissen. Anders kan een rechter oordelen dat de Vlaamse regering niet meer kan beslissen op basis van haar eigen bevoegdheden (wat een nietigheidsgrond is, nvdr)." VERHAEGHE. "We zoeken mede-investeerders. De financiële markten zijn zo volatiel dat we een investering van 600 miljoen euro niet gefinancierd krijgen via banken. Zeker niet bij Belgische banken, waarvan het aantal aanzienlijk gereduceerd is. Ik schat dat we zo'n 50 procent aan equity moeten bijdragen, naast mezzanine-financiering. We hebben dus een partner nodig. Overigens is het project financieel een haalbare kaart. We hebben al de helft meer aanvragen van retailers voor ruimte dan we vierkante meter hebben." VERHAEGHE. "Hij was een ambtenaar van het ondernemende type, geen bureaucraat. Hij verhuisde van West-Vlaanderen naar Vlaams-Brabant om in Brussel als tweetalige aan de slag te kunnen bij Financiën. Hij bereidde er aan de top van de btw-administratie mee de invoering van de btw in 1971 voor. Mijn moeder was de dochter van een ondernemende slager. De ondernemersmicrobe heeft dus altijd al gesluimerd. "Ik koos echter voor rechten uit maatschappelijke betrokkenheid. Omdat ik na mijn opleiding rechten geen zin had om advocaat te worden, bracht mijn moeder me in de laatste licentie in contact met een Vlerick-alumnus. In Gent ging een wereld voor me open. Vanaf toen wist ik dat ik ondernemer wilde worden. "In de hoop de ondernemingswereld te leren kennen, ging ik aan de slag bij Peat Marwick, later KPMG. Ik kreeg snel grote opdrachten voor een piepjonge gast, zoals de herstructurering van drukkerij Sofadi en Het Volk en de commerciële lancering van VTM. Maar toen bleek dat ik nog jaren zou moeten wachten om partner te worden, vertrok ik." VERHAEGHE. "Dat gebeurde niet van vandaag op morgen. Ik wilde hetzelfde doen als bij KPMG maar dan als zelfstandige. Ik zou niet adviseren voor een fee, maar als ondernemer en als tegenprestatie een participatie in het bedrijf van mijn klanten nemen. Ik redeneerde dat ik zo goed was, dat het niet kon mislukken. Fout natuurlijk ( lacht). Gelukkig was mijn vrouw Ann toen kostwinner, want er kwam lang geen cent binnen. Ik reisde het land rond naar mijn Vlerick-netwerk. Iedereen vond het een schitterend idee, maar niemand hapte toe. "Toen kwam ik de 39-jarige Luc Verelst tegen, die het na twintig jaar keihard ploeteren kalmer aan wou doen. Ik mocht zes maanden met hem werken. Ik kocht uiteindelijk vrij discreet 25 procent van het kapitaal." VERHAEGHE. "De verkoop van de aannemingstak was een kwestie van focus. We wilden de erg rendabele ontwikkelingspoot Eurinpro diversifiëren. Toen heb ik inderdaad voor het eerst gecasht. Tot dan hadden we elke frank winst terug in het bedrijf gestoken. Mijn belangrijkste inkomsten kwamen uit Nederland, waar ik de externe manager was van de vrijetijdsgroep Libéma. "We verkochten met Eurinpro meer dan een miljard euro projecten. Zo brachten we bij de start van de bevak Retail Estates in 1998 onze baanwinkels in. Semi-industrieel vastgoed werd in 1999 op de markt gebracht in de nieuwe bevak Siref. Die heb ik vier jaar geleid, tot hij werd overgenomen door VastNed." VERHAEGHE. "Soms moeilijk. Ik werkte heel de donderdagnacht door aan Libéma-dossiers om elke vrijdag goed voorbereid in Nederland aan de slag te kunnen. En zondagmorgen startten we bij Verelst, waar we elke dag om 6.30 begonnen. Dat tempo bleef ik volhouden tot ik ooit door vermoeidheid in de vangrail belandde. "Ondernemen is eigenlijk een kwestie van organiseren en je strategische visie doorgeven aan sterke medewerkers. Die worden soms gek van de voortdurende aanpassingen aan hun agenda." VERHAEGHE. "Eens een visie en een strategie opgesteld zijn, moeten die effectief en efficiënt uitgevoerd worden. Dan gebeurt het weleens dat ik die zeer krachtig herformuleer. Omgekeerd krijg ik ook soms de wind van voren van mijn medewerkers. We zijn hard voor elkaar en durven weleens te roepen. Het is nooit persoonlijk, want we willen met zijn allen vooruit. Dat is nu eenmaal onze stijl." VERHAEGHE. Het was een idee van Luc Verelst. De bedoeling is aan ontwikkelingssamenwerking te doen met ondernemerschap als basisprincipe. Ondernemen kan een weg uit de armoede betekenen. Daarom werken we met microfinanciering in Peru en steunden we de mobiele school uit Leuven, die onderwijs naar straatkinderen in de derde wereld brengt." VERHAEGHE. Klopt. Eurinpro draaide met succes autonoom op ervaren medewerkers. Ik had wat centen verdiend, besloot een sabattical te nemen en schreef me voor drie maanden in op Harvard. De academische aanpak lag me toen niet. Ik stapte naar Michael Porter - de echte - en stelde een ruil voor. In plaats van de cursus te volgen zou ik een voormiddag met hem mogen spenderen om over een businessplan van Eurinpro te praten. Het kwam erop neer dat we van Eurinpro de Europese marktleider zouden maken in logistiek vastgoed. We zouden industriële gebouwen bundelen tot een financieel product voor institutionele beleggers. Zo'n aanpak was toen in Europa amper bekend. Porters antwoord was duidelijk: What are you waiting for. Go home and do it. "We hebben dat plan in twee jaar uitgerold. In 2006 stonden we voor de keuze: overnemen of overgenomen worden. We gingen op zoek naar een overname, maar kregen plots een aanlokkelijk voorstel van Goodman, dat 400 miljoen op tafel wilde leggen. Ik bleef nog een jaar aan boord als bestuurslid, maar de hoofdzetel in Australië was fysiek te ver." VERHAEGHE. "Neen. Ik heb al vijf jaar een woning in Lausanne. Mijn drie kinderen gaan er naar school en vroegen er ook te wonen. Ik vlucht dus niet naar Zwitserland. Integendeel: het feit dat ik zo veel in België investeer, bewijst dat ik in het land geloof." VERHAEGHE. "Ik begrijp dat mensen met 5 miljoen liever een beroep doen op een zakenbankier, maar met 25 miljoen doe je dat anders. Ik investeer mijn vermogen duurzaam, als een ondernemer, in bedrijven waar ik de strategie van deel. Daarom heb ik in 1999 een cursus gevolgd aan Columbia, geboorteplaats van de value investing school van David Dodd en Ben Graham, die adviseert laaggeprijsde aandelen te kopen op basis van een grondige analyse van hun intrinsieke waarde, zoals ook Warren Buffett doet." "Ik volg mijn investeringen sinds 1999 zeer nauw op met eigen beheerders in Londen, New York, Madrid en Azië. Het is fascinerend om van CEO's wereldwijd rechtstreeks inzichten te krijgen over hun bedrijven, waarin ik participeer. Zo lunchte ik dinsdag nog met Florentino Pérez Rodríguez van ACS, een wereldspeler in de bouwsector." VERHAEGHE. "Club Brugge is uiteraard een kleine speler in vergelijking met het grote Real. We spelen op Belgisch niveau, en zoals met al mijn activiteiten wil ik in onze categorie de beste zijn. Er is nog veel werk aan." VERHAEGHE. "Ik doe het enkel als sportliefhebber. De financiële return is zero." VERHAEGHE. "Neen, want voor een voetbalstadion in Brugge hebben we nooit een vergunning aangevraagd. Uplace is al lang niet meer betrokken bij het project omdat de overheid dat al lang zelf in handen heeft genomen. Onlangs sprak de Raad van State zich uit tegen het Grootstedelijk Gewestplan Brugge. Daar is Club Brugge niet verantwoordelijk voor, want de overheid leidt dat proces zelf. Ik ben ervan overtuigd dat het stadion er zal komen aan de Chartreuse. Dat is de beste oplossing en de politieke wil is er." VERHAEGHE. "Het is een vzw. We werken eerst best aan de professionele uitbouw van de organisatie eer we nieuwe structuren invoeren." HANS BROCKMANS"De financiële markten zijn zo volatiel dat we een investering van 600 miljoen euro niet gefinancierd krijgen via banken" "Dat we de Vlaamse regering in de tang hebben, is te sterk uitgedrukt"