Beschouwingen van zeven banken en beursvennootschappen bij het beleggingsjaar 1996.
...

Beschouwingen van zeven banken en beursvennootschappen bij het beleggingsjaar 1996.We kunnen niet alle Belgische banken en beursvennootschappen verzamelen rond onze jaarlijkse ronde-tafel. Wat natuurlijk niet wil zeggen dat we hun mening niet willen kennen. Een veelvoud aan opinies. Met toch enkele duidelijke tendensen. De rente kan lager, de Belgische beurs al dan niet fors hoger, de kwetsbaarheid van Wall Street, het overwicht van defensieve waarden, de beperkte ekonomische groei, de geringe hoeveelheid likwiditeiten. Al moet beursvennootschap Mignon, Hanart, Declerck vermeld worden voor een veel voorzichtiger benadering. Hier beduidend minder entoesiasme en meer twijfel. ASLKNiets wijst erop dat de Duitse rente de eerste maanden van '96 zal gaan stijgen. De komende weken mag trouwens een vernauwing van het rente-verschil met Duitsland verwacht worden door de samenloop van konjunkturele (zwakke ekonomische groei, inflatie onder kontrole) en strukturele faktoren (hoge werkloosheid en onevenwicht in de sociale zekerheid langs de inkomstenzijde, de normen van Maastricht en een verbetering van de financiële gezondheidstoestand van de ondernemingen langs de zijde van de kapitaalvraag).Een sterker dan verwacht ekonomisch herstel kan een eerste stap naar een stijging van de langetermijnrente in Amerika zijn. De vraag is of Europa dan zal volgen ? De ervaring van begin 1994 laat ons toe hierop bevestigend te antwoorden. Toch denken we dat de Amerikaanse inflatie onder kontrole zal blijven. Dit gezien de afgevlakte rentecurve. In deze kontekst zal een eerste stijging van de Europese kortetermijnrente niet voor het tweede semester van 1996 plaatsvinden.Uitgebreide lijst.In een klimaat van stabiele of zelfs dalende rente moeten de beurzen hun opmars kunnen voortzetten in de loop van de eerste maanden van 1996. Op basis van ons CAPM-model ( Capital Asset Pricing Model) ziet de portefeuillesamenstelling voor de Belgische aandelen er als volgt uit : Barco, Bekaert, CFE, Cobepa, Cockerill, Fortis AG, NPM, Sidro, Sofina en Solvay. De evolutie naar de Europese eenheidsmarkt moet vooral de "blue chips" (sterwaarden) in de verschillende landen ten goede komen. Vooral dan van de aandelen die deel uitmaken van de Eurolist. Pro dollar.De Amerikaanse dollar blijft ondergewaardeerd en we denken dat die zal stijgen. Dat zou ook de andere munten van de dollarzone ten goede moeten komen. De sterke munten van het Europees Monetair Systeem zien we niet verzwakken. Die blijven in het spoor van de steeds dominante Duitse mark. De zwakkere Europese munten daarentegen zullen het behoorlijk moeilijk krijgen om uit de problemen te komen. De yen zal dan weer in waarde dalen om de Japanse ekonomie wat aan te zwengelen.Evenwichtig.Het gunstige klimaat voor aandelen leidt ons ertoe een relatief hoog percentage in aandelen te beleggen binnen een gediversifieerde portefeuille. Maar alles hangt af van de verwachtingen die u als belegger heeft. Onze neutrale portefeuille is samengesteld uit 10 % likwiditeiten, 60 % obligaties (waarvan 30 % internationale) en 30 % aandelen (waarvan 15 % internationale). De percentages van de likwiditeiten wijzen op de voorzichtigheid die men aan de dag moet leggen. We denken immers dat er maar een kleine kans bestaat dat de rentevoeten zullen dalen en dat de Amerikaanse konjunktuur een sterker herstel zal kennen dan voorzien.Dirk De BatselierBACOBDe BEL 20-index bereikte het afgelopen jaar nieuwe rekords. Dat maakt het geven van voorspellingen voor 1996 net zo moeilijk. BACOB raadt aan massaal te beleggen in Belgische aandelen. Daarvoor hebben we verschillende argumenten.De evolutie van de langetermijnrente is traditioneel belangrijk voor de beursprestaties. In een huidig ekonomisch scenario (lage ekonomische groei en een geringe inflatie) blijft de dalende trend van de lange rente intakt. Dit houdt in dat de beurs nog steeds opwaarts potentieel heeft. Ook de risicopremie op aandelen blijft onder invloed van de dalende rente vrij hoog.Inhaalmaneuver.In een internationale kontekst bekeken is de Brusselse beurs in 1995 achtergebleven. Toch blijft ze aantrekkelijk volgens de traditionele waarderingsmaatstaven zoals koers/winstverhouding of het dividendrendement. De inhaalbeweging (die met de voorbije december-hausse gestart is) kan zich in '96 verder doorzetten.De kontinue verlaging van de rentetarieven op korte termijn heeft tot gevolg dat het nettodividendrendement van heel wat aandelen hoger is dan de netto-rente op 1 jaar. Hierdoor ontstaat een switch van kortetermijnbeleggingen naar (voornamelijk defensieve) aandelen.De voorbije hausse vertaalde zich vooral in hogere koersen voor defensieve aandelen. Als we ons baseren op de recentste makro-ekonomische gegevens vergt het inderdaad veel moed om nu te beleggen in industriële waarden.Defensief.Daarom blijft vooralsnog onze voorkeur op de beurs uitgaan naar defensieve aandelen. Favorieten zijn Fortis AG, Generale Bank en de tandem Powerfin/ Tractebel. Ook de typische groeiaandelen UCB, Barco, Quick en Ackermans & van Haaren blijven bekoren. Aanvullend op deze selektie dienen twee bemerkingen te worden gemaakt. Het huidige ekonomische beeld (lage groei, geringe inflatie) kan zich vanaf het tweede kwartaal van 1996 wijzigen. Dat zal dan ook de nodige konsekwenties inhouden voor bovenstaande aandelenselektie. Zo zien we in de bouwsektor (lichte heropleving van de hypotecaire kredieten) en in de automobielsektor (het aantal verkochte wagens stijgt sedert de zomermaanden) de allereerste tekenen dat de konsument weer zijn intrede doet. Momenteel is het wachten op een verdere bevestiging van deze cijfers.Indien we een bevestiging krijgen van de eerste tendens mogen konsumentgerichte aandelen in portefeuille opgenomen worden. Hierbij gaat onze voorkeur uit naar Deceuninck (wat slecht nieuws is voor Solvay en Tessenderlo is goed nieuws voor Deceuninck), Delhaize, D'Ieteren en Corona Lotus. Dollareffekt.De dollar-evolutie is natuurlijk belangrijk voor de beurs. Op basis van het reëel renteverschil tussen de Verenigde Staten en Duitsland hanteren we een dollar-neutraal scenario voor 1996. Maar dit hoeft niet onmiddellijk negatief nieuws te zijn voor de beurs. Als we immers naar de gemiddelde evolutie per kwartaal van de dollar kijken, houdt een stabilizatie op het huidige niveau (29,65 frank) in dat de vergelijking met 1995 niet meer negatief uitvalt.Dit opent dan ook perspektieven voor dollargevoelige aandelen. Als mogelijke uitschieters noemen we Delhaize, UCB (de goedkeuring van Zyrtec in de VS zal voor meer dollarinkomsten zorgen), Bekaert, Petrofina en CMB. Ook de turnaroundsituaties Union Minière en GIB zullen bij dit scenario gebaat zijn. Geen vastgoed.We verwachten dat de Brusselse beurs een haussepotentieel van 10 à 15 % heeft voor geheel 1996. Het nieuwe jaar kondigt zich dus aan als een goed beursjaar.De vastgoedsektor kan best nog steeds vermeden worden. We staan afkerig ten opzichte van ondoorzichtige strukturen die men bij bepaalde aandelen vindt.Momenteel zouden we in onze portefeuille aandelen en obligaties evenwichtig verdelen (beide 48 %). Dit reflekteert onze positieve visie voor zowel de aandelenmarkt als de obligaties. Defensieve aandelen krijgen wel onze voorkeur. De gemiddelde looptijd van onze obligatieportefeuille is vrij lang. Afhankelijk van de verdere evolutie van de ekonomische toestand kan deze portefeuillesamenstelling in de loop van 1996 mogelijk wel aangepast worden.Rudi AertsCERA BANKHet beursklimaat is momenteel gunstig. De ekonomie groeit weliswaar slechts tegen een gematigd tempo. Maar daar staat een aanhoudende rentedaling tegenover. Wanneer men rekening houdt met het dividendrendement zouden aandelen het zelfs beter kunnen doen dan obligaties in 1996. De winstvooruitzichten blijven al bij al goed op peil in deze vertragende ekonomische omgeving.Goedkoop.De inhaalbeweging die zich in december inzette, kan dit jaar verder doorgaan. Een niveau van 1700 punten voor de BEL 20 is best haalbaar. Belgische aandelen zijn immers goedkoop op basis van de ratio's. U betaalt gemiddeld ongeveer 10 keer de toekomstige winst. Ook meer ingewikkelde ratio's zoals de dividendratio (LT-rente/dividendrendement) en de rendementsratio (LT-rente x koers/winst) wijzen op een onderwaardering van de Belgische beurs. De onderwaardering kan ook in het buitenland niet onopgemerkt voorbij blijven gaan.Beleggen in Belgische aandelen is ook aantrekkelijk door het hoge dividendrendement. Het (bruto-)dividendrendement bedraagt 4,34 %. Dat is erg hoog in vergelijking met andere beurzen. Frankfurt heeft bijvoorbeeld maar een dividendrendement van 1,91 %. Bij alle andere belangrijke beurzen ligt het dividendrendement onder de 4 %.Rentegevoelig.We gaan ervan uit dat de langetermijnrente verder daalt tot 6,20 % eind 1996. De ekonomische groei blijft gematigd. In dat klimaat zullen rentegevoelige en defensieve waarden goed presteren. In de loop van het jaar mag men geleidelijk overstappen naar cyclische waarden. De BEL 20-index bevat in vergelijking met andere internationale beursindices veel defensieve en rentegevoelige waarden. Daarvan zou de Belgische beurs in 1996 moeten profiteren.Koren en kaf.De beste koersprestatie in 1996 verwachten we van Fortis AG, Barco, Brederode, Spector, Generale Bank en UCB. Wie toch een cyclisch aandeel wil kopen, kan terecht bij Petrofina en spekulatief bij Union Minière. Tot de floppers van het jaar rekenen we Walibi, Sun International (te veel schulden op Sun-parks) en Clabecq (heel risicovol gezien het maar 5 % eigen vermogen heeft en hierdoor aan de huidige staalprijzen niet rendabel werkt). Ook veel Amerikaanse technologie-aandelen die in 1995 geïntroduceerd werden op de Nasdaq zijn te mijden. Heel wat van die aandelen zijn onmiddellijk fenomenaal gestegen. Nochtans zijn daar veel bedrijven bij die tot nog toe geen frank (of geen dollar) winst gemaakt hebben. Er zit daar veel kaf tussen het koren.Dollarvertrouwen.Op de wisselmarkten stellen we vast dat het dollarsentiment de jongste weken opnieuw verbetert. De dollar negeert het slechte nieuws. De verwachting van een renteverlaging in de VS was in het verleden voldoende om de dollar onderuit te krijgen. Ook nu verwacht de markt een lagere Amerikaanse rente. De beurs en de obligatiemarkt lopen daar trouwens al op vooruit. Maar de dollar negeert de verwachte renteverlagingen. Hoewel lagere tarieven op termijndeposito's een switch naar hoogrentende munten teweeg kan brengen.Op het fundamentele vlak is er de voorbije maanden vooruitgang geboekt. Het handelsbalanstekort neemt al een aantal maanden af. Het begrotingstekort gaat de goede weg op. Er zouden zelfs opnieuw kapitaalstromen richting dollar zijn. Ook het technisch plaatje begint er beter uit te zien.Daarom geloven we in een beperkte dollarstijging. Er ligt een vrij stevige bodem onder de dollar. Het goede sentiment kan er in de eerste maanden van 1996 voor zorgen dat de dollar doorstijgt tot 1,50 Duitse mark. Daarna zien we de dollar schommelen rond de 1,45 Duitse mark.Eind 1996 moeten we trouwens rekening houden met de presidentsverkiezingen. Een terugblik leert dat verkiezingsjaren gewoonlijk goede dollarjaren zijn. In 1996 kan een presidentswissel meer dan euforisch onthaald worden. Clinton heeft vanaf zijn aantreden een erg belabberd imago gehad. Een nieuw gezicht in het Witte Huis zou dus de aanzet kunnen zijn van een dollarstijging. Jammer genoeg leert het verleden dat dollarstijgingen op een dergelijke psychologische basis gewoonlijk erg tijdelijk zijn. Verder omlaag.In 1996 verwachten we een verdere daling van zowel korte- als langetermijnrente. De Belgische kortetermijnrente kan van 3,9 naar 3,35 % eind '96. De langetermijnrente zien we evolueren van 6,70 naar 6,20 % eind 1996.De inflatie verloopt gunstig, de ekonomische groei valt eerder tegen. Geen reden dus voor een plotselinge, forse rentestijging. Bovendien is het obligatieklimaat in de VS ook erg goed. Door de internationale verwevenheid van de kapitaalmarkten zullen we daar ook in Europa de weerslag van zien.We verwachten geen forse rente-opstoot. Dit in tegenstelling met 1994. Het niveau van de reële rente is momenteel normaal. Met een reële 10-jaarsrente van ruim 5 % ligt deze zelfs iets boven het gemiddelde van de afgelopen 15 jaar. In 1994 was de reële rente vrij laag. We verwachten ook geen forse inflatiestijging die de nominale rente naar boven zou duwen.Op basis van hogervermelde visie is de ideale spreiding voor een gemiddelde portefeuille met een "gemiddeld" risico 45 % in obligaties, 45 % in aandelen en 10 % likwiditeiten.Catherine De RidderCORLUY & COWe zijn zeer optimistisch gestemd voor de Brusselse beurs in 1996. De hausse is nog maar pas begonnen. Het afgelopen decennium was de Brusselse beurs nooit zo goedkoop.De gemiddelde koers/winstverhouding (winsten 1996) bedraagt nauwelijks 12. Vooral de verhouding langetermijnrente/dividendrendement is erg laag. De verhouding rente (OLO 10 jaar)/dividendrendement (BEL 20) bedraagt nauwelijks 1,6. Het gemiddelde over de voorbije 10 jaar bedraagt 2,3. Klein boven groot.We verwachten vooral dat kleinere, ondergewaardeerde aandelen de sterren van 1996 zullen worden. In 1995 werd de markt getrokken door de BEL-20 aandelen. Zoals gezegd zien wij de BEL 20-index fors stijgen (koersdoel is 1.650 punten of meer). We voorzien echter dat kleine aandelen zoals de holdings uit de Brederode-groep (Brederode, Monceau-Zolder en Afrifina), Ibel, Imperial Invest, BMT, Sipef, Telinfo... de BEL-20 duidelijk zullen "outperformen". Thuis best.Ons optimisme geldt ook voor de meeste andere Europese beurzen en voor de Aziatische markten. Enkel voor de Amerikaanse markt gebiedt het gezond verstand ons geen hausse meer te verwachten. Dit betekent echter nog niet dat er een zware korrektie zal volgen op Wall Street. Mogelijk kent de Amerikaanse markt in 1996 een vlak verloop. In ieder geval voorzien we dat de Brusselse beurs één van de top-performers van 1996 zal worden. Het is opmerkelijk dat onze beurs het in 1995 merkelijk minder goed heeft gedaan dan bijvoorbeeld de Nederlandse en de Duitse beurs. Voor 1996 voorzien wij hier een inhaalbeweging.Partikulieren.We rekenen erop dat de markt in zijn geheel het goed zal doen. Er zullen dus weinig flops zijn. Zoals aangegeven, zijn de toppers op de kontantmarkt te vinden. Een belangrijke faktor hierin zal de terugkeer van de partikuliere belegger zijn. Die heeft zich in 1995 erg afzijdig gehouden. De zeer lage rente dwingt de partikulier nu echter uit te kijken naar alternatieven. Op de kontantmarkt noteren stevige bedrijven die een netto-dividendrendement bieden dat hoger ligt dan het rendement op kasbons. Voorbeelden hiervan zijn de Brederode-groep, Ibel, Imperial Invest enzovoorts. Ook Barco blijft één van onze favorieten. De Amerikaanse dollar is duidelijk aan een bodemvorming bezig. De dollar is zo sterk gedaald dat het voor heel wat Europese bedrijven moeilijk konkurreren is tegenover "dollar based" bedrijven. Als gevolg hiervan wordt alsmaar meer produktie overgebracht naar dollargebonden landen. Sterkere dollar.Hierin zit natuurlijk een belangrijk element van trendomkeer. De handelsstromen die een belangrijke oorzaak voor de zwakte van het groene biljet zijn, zullen langzaam maar zeker in het voordeel van een hogere dollar beginnen spelen.Ook die andere belangrijke reden van de dollarzwakte (het Amerikaanse begrotingstekort dat door het buitenland gefinancierd wordt) kan een oplossing vinden. De VS heeft nu reeds het kleinste begrotingstekort in procent van het BNP van alle G-7 landen. Tegen begin volgende eeuw wil men dit tekort helemaal wegwerken. De lage spaarneiging zal dan ook een geringer probleem vormen dan nu het geval is.Verder is de psychologische toestand gunstig voor de dollar. Weinig beleggers voorzien een hausse. Er zijn dus heel wat redenen voorhanden om een hogere dollar te verwachten.Voor de andere munten verwachten we een minder turbulent jaar dan wat we de afgelopen jaren mochten meemaken. Heel wat munten, zoals de lire, de peseta en de Skandinavische munten, zijn momenteel min of meer korrekt gewaardeerd. Ze hoeven dan ook geen grote schommelingen te kennen.Richting aandelen.We voorzien dat het laagtepunt van de rentevoeten zich in 1996 zal bevinden. Er zijn echter nog geen duidelijke indikaties dat de rente nu al aan het "bodemen" is. Het is belangrijk om te blijven uitkijken naar indikaties die de trendomkeer zullen aangeven. In ieder geval is het duidelijk dat het grootste gedeelte van de weg reeds afgelegd is.Gezien onze gunstige vooruitzichten voor de aandelenmarkten en onze verwachting van een eerder vlakke rente-evolutie zouden we in 1996 merkelijk meer aandelen in portefeuille nemen dan gemiddeld het geval zou zijn. We verkiezen momenteel een portefeuille met 65 % aandelen tegen slechts 30 % obligaties en 5 % likwiditieten. Indien men zeker is dat heel het jaar geen geld uit de portefeuille dient genomen te worden, zouden we zelfs deze 5 % likwiditeiten omzetten in aandelen.Stefaan CasteleynGEMEENTEKREDIETOnze type-portefeuille ziet er voor het ogenblik als volgt uit : 15 % likwiditeiten, 55 % obligaties en 30 % aandelen. In de loop van 1996 zal het percentage van de aandelen geleidelijk worden opgedreven. Met een voorkeur voor de Europese beurzen. In het biezonder Brussel en Amsterdam. Het zijn de goedkoopste beurzen van Europa met een koers/winstverhouding van 11,3 op basis van de winstschattingen voor 1996. Beide moeten voordeel halen uit de lage rente.Japan bovenDe andere beurzen zijn heel wat risicovoller. De Britse beurs kan genieten van een stabiele inflatie en lagere rente. Maar dan houden we geen rekening met de politieke onzekerheden, noch met het zwakke pond.In Frankrijk zou de reële ekonomie (vooral dan de konsumptie) gebukt kunnen gaan onder nieuwe restrikties. De winst van de ondernemingen ging trouwens onophoudelijk naar beneden.Men moet wel wat voorzichtigheid aan de dag leggen met de uitzonderlijke prestaties van Wall Street in 1995. De Amerikaanse beurs is inderdaad niet overdreven duur met een verwachte koers/winst-verhouding van 12,9 (winstprognoses '96). Bovendien blijven de rentevoeten relatief laag. Toch kan men een licht korrektie niet uitsluiten. De beurs van Tokyo daarentegen zou dit jaar weleens flink kunnen stijgen. Onlangs nog versterkte het vertrouwen van de Japanse managers opnieuw. De ekonomie is nog wat slapjes maar het risico op een recessie is beperkt. De geldinjektie door de Bank van Japan, de extreem lage rentevoeten en het herstelplan zouden de komende maanden vruchten moeten afwerpen. Algemeen kunnen we stellen dat we voor 1996 een voorkeur hebben voor defensieve en technologische aandelen. Van de distributiesektor verwachten we geen sterke prestatie. Op de beurs van Brussel bevelen we Solvay, Tessenderlo, Barco, Quick, Colruyt, Kredietbank, Royale Belge en Almanij aan. In het buitenland kiezen we aandelen als Philips, Coca-Cola, ING, LVMH en Air Liquide. Obligaties behouden.Voor de obligatiemarkten blijven de kansen op een lagere rente gaaf de komende maanden. Zowel in Europa als in de Verenigde Staten. In deze optiek mag het percentage obligaties in de portefeuille nog enkele maanden behouden blijven. Onze voorkeur gaat uit naar Europese obligaties in sterke munten (Duitse mark, Belgische en Luxemburgse frank, Nederlandse gulden) met een korte looptijd. Bij wijze van diversifiëring kan ook de Deense kroon worden weerhouden. Zowel de Italiaanse lire als het pond sterling moeten vermeden worden omwille van de politieke onzekerheden die op deze twee munten wegen. Indien het plan- Juppé het zonder al te veel problemen zou halen, zou de Franse frank er versterkt kunnen uitkomen. Amerikaanse obligaties met een korte looptijd raden we aan omwille van het geringe verschil tussen de korte en de lange rente. Japanse obligaties daarentegen kan men beter nog wat mijden. Isabelle De TemmermanMIGNON, HANART, DECLERCKWe zijn vrij voorzichtig voor het beursjaar 1996. Het meest waarschijnlijke scenario is dat in de loop van het tweede semester van '96 de ekonomische groei geleidelijk zal hernemen dankzij de investeringen. Die investeringen zijn het gevolg van het weer op peil brengen van de voorraden en de lage rente. Met een hernemende konsumptie zou een haast ideale situatie ontstaan. Maar deze laatste veronderstelling blijft zeer onwaarschijnlijk. De prestaties van de Amerikaanse dollar daarentegen zouden minder ontgoochelend kunnen zijn dan in 1995. Al spant men de verwachtingen best niet al te hoog.Cyclisch boven.Het vooruitzicht op een groeiherstel kan de interesse van de beleggers voor cyclische waarden doen herleven. En zo zou 1996 weleens het jaar van de cyclische waarden kunnen worden. In dat kader zouden aandelen als Union Minière, Tessenderlo of Petrofina aangenaam kunnen verrassen. Toch kan dit scenario op elk ogenblik weer in vraag gesteld worden. Zolang we geen klare kijk krijgen, beleggen we niet te veel in industriële waarden. Alles is een kwestie van timing.Het voorgaande wil niet zeggen dat we volledig afstand nemen van de rentegevoelige aandelen. Men mag er alleen niet meer dezelfde resultaten van verwachten als in 1995. Maar de stijging is allicht nog niet afgelopen. Financiële en elektriciteitsmaatschappijen moeten dus behouden blijven. Vooral waarden als Powerfin en Almanij. In de andere sektoren verdienen Colruyt en Belcofi eveneens onze aandacht. Kwetsbaar Wall Street.Wall Street is misschien niet duur op basis van verschillende evaluatiecriteria en rekening houdend met de lage rente. Toch is de beurs biezonder kwetsbaar voor een rentestijging. Een dergelijke hypotese mag niet worden verwaarloosd. En indien de Europese ekonomie ondertussen op een wat lager peil blijft draaien, dan zal deze achteruitgang van de Amerikaanse obligatiemarkten uiteraard ook een invloed uitoefenen op de Europese obligaties. Dat is het scenario dat we het meest waarschijnlijk achten.Globaal investeren wij 40 % in voornamelijk defensieve of financiële aandelen. Een gelijkaardig deel beleggen we in obligaties met een looptijd van 4 of 5 jaar in sterke munten (Duitse mark, gulden en Belgische frank). De Deense kroon kan als een waardige diversifiëring doorgaan. Voorzichtigheid troef.Voor een beperkt deel van de portefeuille kunnen we bepaalde vastgoedcertifikaten aanraden. Gedeeltelijk als alternatief voor de obligaties. Ze hebben een zwakke likwiditeit maar hun rendement ligt vaak hoger dan 7 % netto. Dat is heel aantrekkelijk. Vooral wanneer het dieptepunt van de vastgoedmarkt niet meer ver weg is.We kunnen globaal stellen dat onze strategie gebaseerd is op een grote voorzichtigheid. Met het risico hier en daar een buitenkansje te missen. Maar men moet voor alles zijn vermogen kunnen behouden. Vervolgens het laten opbrengen op markten die een klaar beeld scheppen.Loïc de CatersSMEETS, VERBAET & COWe verwachten voor de langetermijnrente een daling richting 6,25 % tijdens het eerste semester van 1996. De zwakke ekonomische groei (in lijn met onze belangrijkste handelspartners, vooral Duitsland) en de negatieve impakt van verdere besparingsmaatregelen op de konsumptievraag (en dit in tegenstelling tot onze buren waar de konsumptievraag beperkt zal hernemen) zullen deze daling mogelijk maken.Dubbel scenario.Voor de tweede jaarhelft zijn twee scenario's mogelijk. Wij houden voorlopig vast aan een lichte herneming vanaf de zomer 1996 (scenario 1). Het wegebben van de voorraden en een lichte toename van de vraag in onze buurlanden Duitsland en Nederland zou de langetermijnrente kunnen opdrijven tot 6,75 %. Het is dit scenario dat we weerhouden hebben voor onze winstvoorspellingen van de individuele BEL 20-aandelen. Scenario 2 waarin we minder geloven gaat uit van een nulgroei en dan kan de langetermijnrente verder dalen tot 6 %.Voor de Amerikaanse dollar zijn we positief. Onze gemiddelde dollarkoers bedraagt 31,5 frank. Die schatting steunt op het verwachte "groen licht" voor de afbouw van het overheidsdeficit over een periode van 7 jaar. Deze doelstelling zal het binnenlandse spaaroverschot opdrijven. Met gunstige gevolgen voor betalingsbalans en dus voor de dollar.Op en neer.Voor de BEL 20-index hebben we een "target" van 1748 punten tegen eind juni. Een zeer positieve visie dus. Gesteund op een gemiddelde winstgroei van 12 % (BEL 20-aandelen), een gemiddelde risicopremie van 4 %, een dividendgroei van 6 % en onze geschetste rentevoorspellingen.De tweede jaarhelft zou iets minder gunstig kunnen zijn voor de Brusselse beurs. De verwachte stijging van de langetermijnrente tot 6,75 % (scenario 1) ligt aan de grondslag van die minder rooskleurige voorspelling. We verwachten dan ook een daling van de BEL 20 tot 1642 punten eind 1996.In vergelijking met de andere beurzen stellen we vast dat de Brusselse beurs pas als laatste heeft aangepikt in de hausse van 1995. We verwachten dat ook in de toekomst Brussel achterop zal blijven hinken.Switchen.Bij de selektie van aandelen voor het eerste semester 1996 denken we vooral aan financiële en defensieve waarden. De distributiesektor mijden we. Namen van favoriete aandelen zijn Fortis AG, Powerfin, Spector en Bekaert. Voor de tweede jaarhelft zouden we (in de veronderstelling van een lichte herneming) de nadruk leggen op defensieve en cyclische waarden. Voor de eerste helft van '96 is voor ons de ideale samenstelling van de portefeuille 50 % in aandelen, 40 % in obligaties en 10 % cash. In de tweede jaarhelft willen we in elk geval de post aandelen afbouwen tot 30 % van de portefeuille. Dit ten voordele van de likwiditeiten. Enkel in het scenario van de nulgroei mag het pakket obligaties nog iets opgedreven worden.I. Baldewijns en G. VermeireOpvallend hoe vaak de beurs van Brussel als een van de internationale toppers voor '96 naar voren wordt geschoven.Belgische analisten tonen zich toch nog gematigd positief voor de Amerikaanse dollar.Powerfin is een vaste waarde op de kooplijst van Belgische financiële huizen.Voor Fortis AG kan u beter tellen hoe vaak het niet dan wel op de aanbevelingslijsten staat.Ondanks mindere jaren blijft een aantal analisten geloven in de stijgingskansen van Petrofina.Als er dan toch cyclische aandelen worden aanbevolen, is Tessenderlo Chemie er vaak bij.