In 1988, het jaar dat de allereerste Belasting- & Beleggingsgids van de persen rolde, telde de aangifte van de personenbelasting vijftien vakken met daarin 215 codes. Vandaag, nu België zelfs gezegend is met een staatssecretaris voor Administratieve Vereenvoudiging, bevat de aangifte al 23 vakken en 579 codes. Die opmerkingen vinden we bij de aanhef van de Belasting- & Beleggingsgids 2007 (Pelckmans, 568 blz., 22,50 euro). Traditiegetrouw verscheen tegelijkertijd de gr...

In 1988, het jaar dat de allereerste Belasting- & Beleggingsgids van de persen rolde, telde de aangifte van de personenbelasting vijftien vakken met daarin 215 codes. Vandaag, nu België zelfs gezegend is met een staatssecretaris voor Administratieve Vereenvoudiging, bevat de aangifte al 23 vakken en 579 codes. Die opmerkingen vinden we bij de aanhef van de Belasting- & Beleggingsgids 2007 (Pelckmans, 568 blz., 22,50 euro). Traditiegetrouw verscheen tegelijkertijd de grote concurrent Standaard Belastingalmanak 2007 (Standaard Uitgeverij, 487 blz., 22,50 euro). Niet alleen de prijs is in evenwicht. Zowel op het gebied van inhoud als gebruiksgemak gaan beide gidsen gelijk op. Dat is misschien prima voor de uitgevers en de consument, maar voor een recensent die graag een voorkeur wil uitspreken, verzandt de vergelijking in een onmogelijke opgave. Er zijn wel degelijk verschillen. Tenminste, er waren duidelijke verschillen in het verleden, maar de uitgaven lijken met de jaren dichter naar elkaar toe te groeien. De oudste van de twee rivalen, de Standaard Belastingalmanak, is al aan zijn drieëndertigste editie toe en heeft zich altijd wat meer toegespitst op de professionele gebruiker. De uitleg graaft al eens wat dieper, durft al iets technischer uitvallen. Toch is de almanak de jongste jaren gaandeweg toegankelijker geworden voor de leek. Dit jaar zijn de auteurs (een dozijn fiscale experts, onder wie Brigitte Lievens van kantoor Tiberghien en Maurice De Mey van Fortis Bank) er zelfs in geslaagd om voor sommige onderwerpen de koers om de duidelijkheid al te winnen van de grote concurrent. Maar het blijft een millimeterspurt, waarbij de ene het al eens wint en dan weer de andere. Waardoor elk koopadvies al a priori niet helemaal correct zou zijn tegenover de andere. Al doet de gids (samengesteld door vijftien fiscale experts en gecoördineerd door Jan De Meyer) zijn dubbele naam wel eer aan door wat meer uitleg te verschaffen over financiële instrumenten en successierechten. Ook op het vlak van actuele cijfers en reglementen scoren de gids en de almanak puik. Beide hebben nu trouwens ook een website, waarop enkele aanvullingen te vinden zijn. De gids heeft nog een papieren supplement, Fiscus op zak 2007, maar dat kost wel 9,95 euro. In die pocket vindt u de belangrijkste fiscale cijfers voor de aanslagjaren 2007 en voor zover bekend ook al voor 2008. In snel tempo krijgt u onder meer de belastingvrije sommen, de belangrijkste fiscale grensbedragen en allerhande kostenberekeningen. Ook de diverse fiscale heffingen en taksen op spaarproducten, verzekeringen en fondsen komen aan bod. Luc De Decker