Hebt u commentaar op deze rubriek? Mail dan naar trends@trends.be
...

Hebt u commentaar op deze rubriek? Mail dan naar trends@trends.beHugo Vandamme. "Een bedrijf dat geen wetenschappers of ingenieurs vindt, trekt weg. Er is geen enkele reden waarom wij relatief gezien minder Vlaamse wetenschappers hebben en opleiden dan elders. Maar veel ouders geven de voorkeur aan het algemene secundair onderwijs, mijn vrouw en ik destijds trouwens ook. Volg je technisch of beroepsonderwijs, dan leer je een vak. Daarmee kan je iets, maar niet doorstuderen. Terwijl wie na zijn algemeen secundair onderwijs stopt met schoolgaan, door bijna alle bedrijven wordt beschouwd als ongeschoold. "Eigenlijk moeten alle dertienjarigen in één en dezelfde school beginnen, waar ze evenveel technische, beroeps-, taal- en algemene vakken krijgen. En pas nadien een keuze maken. Dan kunnen ze zich verdiepen en op hun achttiende een einddoel bereiken, of iets meer algemeen blijven en de mogelijkheid hebben om nog verder te studeren. "Een van de misverstanden is dat je een wiskundebolleboos moet zijn om ingenieur te kunnen worden. Dat is niet waar. Ik heb bitter weinig wiskunde nodig gehad in mijn carrière. Bijna niemand heeft La Placa-transformaties nodig, maar sommigen wel heel diepgaand. Bij ons in Barco is dat ook zo: wie het nodig heeft, studeert bij."Vandamme. "Eindelijk. Sommige van mijn leeftijdsgenoten vergoddelijken het systeem van vroeger, waarbij je in één zittijd in alle vakken moest slagen. 'Wat waren wij knappe koppen. ' Terwijl het eigenlijk wil zeggen dat we goed van buiten konden blokken. Dat is achterhaald. De norm moet zijn: kan een student de kennis die hij moest verwerven, ook gebruiken? Zo ja, dan is hij geslaagd en is de kous af. "Vroeger werd geredeneerd in termen van afstuderen, nu moet je denken vanuit permanente vorming. Daarom begrijp ik de vraag vanuit de universiteiten om de wetenschappelijke opleidingen een jaar te verlengen, absoluut níét. Zolang iemand bij wil blijven in onze maatschappij, zelfs al is hij gepensioneerd, zal hij ieder jaar moeten bijleren. Maar alleen in een schoolse omgeving mag dat cijfer nog belangrijk zijn."Vandamme. "Zonder te oordelen over het beleid van minister Vanderpoorten of haar voorgangers, denk ik dat we een heel ander soort minister van Onderwijs nodig hebben. Iemand die de vraag stelt waar we naartoe gaan met onze maatschappij. Wat we ook doen, de Belgische loonkost zal altijd wel hoog blijven. Het enige waar we het verschil mee kunnen maken, zijn betere mensen. Niet wanneer ze pas zijn afgestudeerd, maar over hun volledige carrière. Nu is het schoolwezen daar helemaal niet klaar voor. Dat vergt een reconversie van tien of twaalf jaar. Er zouden evenveel studenten in de lessen permanente vorming moeten zitten als in het gewone onderwijs. "Vroeger wilde men een onderwijsdeskundige als minister, maar dat is nu niet meer de vraag. Wat we nu nodig hebben, is een expert in de overdracht van kennis naar de maatschappij en dit laatste is breder dan alleen maar economie. Idealiter moet de minister van Onderwijs samenvallen met die van Economie, of als staatssecretaris daaraan rapporteren. Maar wellicht is het nog te vroeg om dat al te zien gebeuren."Vandamme. "Ik kan begrijpen dat het verschil tussen godsdienst en zedenleer belangrijk is op de lagere en middelbare school, maar slechts weinig achttienjarigen zullen hun unief of hogeschool kiezen op basis van religie. Maar op dat niveau wordt nog veel te weinig samengewerkt. Gevolg: er wordt meerdere malen in dezelfde apparatuur geïnvesteerd, en niemand heeft geld om de beste docenten aan te trekken. We moeten meer investeren met hetzelfde geld als nu. De Vlaamse overheid krijgt meer middelen via Lambermont: ze zou een deel daarvan moeten gebruiken voor permanente vorming. Je kan bijvoorbeeld extra subsidies koppelen aan objectieven inzake permanente vorming. "In het kleuteronderwijs moet je kinderen met rust laten en hen vooral helpen zich spontaan te uiten. Ik begrijp dat sommigen de leerplicht willen verlagen, om sommigen een leerachterstand te besparen, maar leg de kleuters geen stringente leerplannen op. Vanaf het lager onderwijs zou er meer evenwicht moeten zijn tussen het inhoudelijke, het creatieve en het vormelijke. Nu krijgt een inhoudelijk creatief opstel met veel dt-fouten heel weinig punten, terwijl het er veel meer verdient."L.H.+ Het onderwijssysteem moet volledig gereorganiseerd worden met het oog op permanente vorming. + Wie tien op twintig haalt, is vrijgesteld. - Liever geen onderwijsexpert meer als minister. - Te weinig jongeren kiezen voor wetenschappelijke richtingen.