M ilan en Emma, Noah en Léa, Mohamed en Sarah. Deze jongens en meisjes, geboren in respectievelijk Vlaanderen, Wallonië en Brussel, delen de eerste plaats in de populariteitspolls van de meest gekozen voornamen in 2005. Over de toekomst van deze vriendjes van Noah en Emma, de Belgische favorieten, beslissen de Paarse excellenties dit weekend tijdens een speciaal georganiseerde ministerraad. Hoe goed werpt het beleid zijn vruchten af en waar is bijsturing nodig? Trends brengt de toekomst van Noah in kaart. De Ark van Noah: hoe goed is het wonen en werken in België?
...

M ilan en Emma, Noah en Léa, Mohamed en Sarah. Deze jongens en meisjes, geboren in respectievelijk Vlaanderen, Wallonië en Brussel, delen de eerste plaats in de populariteitspolls van de meest gekozen voornamen in 2005. Over de toekomst van deze vriendjes van Noah en Emma, de Belgische favorieten, beslissen de Paarse excellenties dit weekend tijdens een speciaal georganiseerde ministerraad. Hoe goed werpt het beleid zijn vruchten af en waar is bijsturing nodig? Trends brengt de toekomst van Noah in kaart. De Ark van Noah: hoe goed is het wonen en werken in België? Geboren worden in één van de dichtstbevolkte landen van Europa, het kan beklemmend klinken. Toch heeft Noah goede redenen om de champagneflessen te ontkurken. Bij zijn geboorte heeft hij niet alleen een goede levensverwachting, het aantal gezonde jaren dat hem te wachten staat, overstijgt het EU-gemiddelde. Ook zijn geboorteland lijkt op eerste gezicht in goede gezondheid: positieve economische groeicijfers, een overheid die haar begroting in evenwicht heeft en veel geld spendeert aan de sociale bescherming van haar inwoners. Om die sociale bescherming te bekostigen, moeten de ouders van Noah wel veel belastingen afdragen. De belastingdruk in ons land overstijgt niet alleen het EU-gemiddelde maar steekt ook hoog boven de cijfers van de naaste buurlanden uit. Met een torenhoge overheidsschuld van 93,3 procent van het bruto binnenlands product (bbp) heeft de Belgische regering maar weinig ruimte om de fiscale druk te laten dalen. Integendeel, de kans dat Noah gebukt zal gaan onder nog hogere lasten is zo goed als zeker. Noah erft immers van zijn (voor)ouders de snel aandikkende factuur van te betalen pensioenen en gezondheidszorgen. Indien er vandaag niet drastisch wordt ingegrepen om de kosten van de komende vergrijzing op te vangen, zal Noah veel meer belastingen moeten betalen - tot 20 % meer tegen 2050 (zie kader: Hopen op hoorn des overvloeds). Vrienden kies je, je familie niet, luidt de volkswaarheid. Ook op de financiële toestand van zijn ouders heeft Noah weinig vat. Het beschikbare inkomen van zijn moeder en vader is in Europese context niet onaardig en klokt af op gemiddeld 14.938 euro. Belgen worden bij de rijkere Europeanen gerekend omdat het bbp per inwoner boven het EU gemiddelde uitsteekt. De koopkracht van de Belgen geeft hetzelfde beeld. Toch is het voor onze boreling enigszins oppassen geblazen dat hij niet in armoede opgroeit. 29 procent van de Belgen verdient immers minder dan 60 procent van het mediaan inkomen en riskeert daardoor in armoede te vallen. Dat percentage kanshebbers daalt na uitbetalingen van sociale uitkeringen door de overheid wel tot de helft, maar stijgt door de jaren heen - in 1998 verdiende 25 procent van de Belgen minder dan 60 procent van het mediaaninkomen. De kans dat Noah in deze statistieken valt, verhoogt dus enkel maar. Ook omdat Noah meer dan zijn Europese buur kans maakt om in een werkloos gezin op te groeien. 13 procent van de kinderen onder de 18 jaar heeft werkloze ouders in ons land. Het EU gemiddelde ligt op bijna 10 procent. Het is te hopen dat Noah bij de topverdieners in ons land mag opgroeien. Hun loon ligt vier keer hoger dan de laagste wedden, een discrepantie die in Europese context nog meevalt. Iets sneller dan andere Europese kleutertjes zal Noah op de schoolbanken belanden. Of hij dat leuk vindt, is niet zeker, maar hij zal er ook langer blijven hangen. Het percentage vroege schoolverlaters die geen middelbaar diploma behaalt, is met 13 procent hoog, maar in Europese context eerder laag. Het aantal Belgische jongeren dat hoger onderwijs volgt, wijkt eveneens positief af van de gemiddelde cijfers. Het kwaliteitsniveau van het onderwijs moet op enkele vlakken wel wat kritiek slikken, maar over het algemeen mogen de Belgische jongeren rekenen op een gedegen opleiding en een overheid die wil investeren in onderwijs. In de Oeso-studies naar de scholing van vijftienjarigen behalen de Vlaamse jongeren goede scores. De Waalse leerlingen blijken veel slechtere studieresultaten te behalen. De scholingsgraad bijvoorbeeld ligt in Wallonië dramatisch laag. In Vlaanderen ligt het aandeel laaggeschoolden - lager secundair - op 35 procent, in Wallonië op 40 procent. Noah moet aan het werk, wil hij het pensioen van zijn grootouders betalen, die volgens de statistieken waarschijnlijk Jean en Maria heten. Hij zal als pas afgestudeerde al zijn charmes moeten gebruiken om potentiële werkgevers te overtuigen. De jongerenwerkloosheid in België ligt hoog. Over het algemeen is het in dit land blijkbaar niet evident om de inwoners aan de slag te krijgen. 61,1 procent van de Belgen tussen de 15 en 64 heeft een job - 65,2 % in de EU 15 landen. In vergelijking met andere landen nemen de werkloosheidsuitkeringen in België een grote hap uit het budget dat aan het sociaal beleid wordt uitgegeven. Maar of de werkloze Belg daar ook meer van profiteert, is moeilijk te berekenen. De werkloosheidsuitkeringen worden in de verschillende landen op zo'n diverse manier toegekend dat vergelijkingen moeilijk te maken zijn. Onmiskenbaar positief voor de werkloze is dat de uitkeringen in België onbeperkt in de tijd worden uitbetaald. Het niveau van de uitkering krijgt dan weer slechte punten. Paul De Beer en Trudie Schils van de Universiteit van Amsterdam vergeleken het niveau van werkloosheidsuitkeringen tussen België, Denemarken, Duitsland, Nederland en Groot-Brittannië. Op een maximum van 5 kreeg België een 2 voor het uitkeringsniveau, enkel Groot-Brittannië scoorde met 1 lager. Denemarken liep aan kop met een score van 5, gevolgd door Nederland (4) en Duitsland (3). Zodra aan het werk zal Noah iets minder uren per week kloppen dan andere Europeanen. Maar zijn uren zullen voor zijn werkgever wel goed besteed zijn. De Belg is een van de productiefste werknemers. Dat vertaalt zich wel niet in een gemiddeld hoger loon. Hoewel Noah veel geld aan zijn werkgever zal kosten, zal hij daar bruto weinig van overhouden. Het is een open deur instampen om te concluderen dat de lasten op arbeid in ons land hoog zijn. Uiteindelijk zal Noah gemiddeld 13,95 euro per uur verdienen terwijl het EU gemiddelde op 14,18 afklokt. En dan spreken we nog niet over het bedrag dat hij netto op zijn bankrekening zal ontvangen. Zoals eerder aangegeven, moet Noah veel aan vadertje staat afstaan. Als alleenstaande man betaalt hij 55,4 procent belastingen op zijn loon. Als hij zich gesetteld heeft met een niet-werkende vrouw en twee kinderen daalt dit percentage tot 40,1 procent. Er zijn nauwelijks Europese landen die hun werkende inwoners zo zwaar belasten op arbeid. Naarmate Noah ouder en grijzer wordt, zal zijn gezondheid hem waarschijnlijk parten spelen. Voor zieke Europeanen is België een goed land. Niet alleen scoren wij goed op het vlak van voorzieningen als aantal dokters en aantal ziekenbedden per 1000 inwoners, ook onze overheid heeft relatief meer centen over voor haar zieke inwoners. Toch moet de Belg steeds meer uit eigen zak betalen om zijn medische kosten te vergoeden. Een trend die enkel maar zal toenemen. In 1995 kwam de overheid nog tussen voor 78,5 % van de gezondheidsuitgaven, in 2003 nam de Belgische ziekteverzekering nog 71,1 % voor haar rekening (zie kader: Een maximum voor een prijsje). Als Belg maakt Noah grote kans om bij de eerste Europeanen de arbeidsmarkt te verlaten. Hij zal dan 58,7 jaar zijn . Of hij daar blij mee zal zijn, hangt af van zijn arbeidsmentaliteit. De tewerkstellingsgraad van 55-plussers is in ons land bedroevend laag en de druk daardoor op onze welvaartstaat is alom bekend. Je moet nochtans niet met pensioen gaan om het geld dat je van de overheid krijgt. Nergens in Europa is het verschil tussen het laatste nettoloon en het pensioen groter dan in België. Enkel met de eerste pijler rekening houdende, zou een Belgische man 40 procent bruto overhouden, maar wel 66,1 procent netto. Een Nederlander of een Fransman houden respectievelijk 89 en 78,8 procent netto over. De derde generatie wordt in ons land wel eens de nieuwe armen genoemd en de toekomstperspectieven kleuren niet roos. Bea Cantillon van het Centrum voor Sociaal Beleid ziet een evolutie in de pensioensector waardoor we regelrecht naar erg lage basispensioenen gaan. Dat kan ook moeilijk anders, want door de vergrijzing komen er steeds meer gepensioneerden bij en neemt het aantal actieven (dat de pensioenen moet verdienen) af. (Zie kader: Sociaal model onder druk). Vandaag is de afhankelijkheidsratio 26,3 procent, voor 2050 wordt deze geschat op 48,1 procent. Noah mag hopen op veel kleinkinderen om zijn pensioen veilig te stellen. Hoewel Noah geboren is in een land dat staat aangeschreven als rijk en met goede sociale voorzieningen, zal zijn levenspad ongetwijfeld hobbelig verlopen. De sociale voorzieningen staan netto voor de Belg vaak niet in verhouding tot wat de overheid er bruto aan uitgeeft. Bovendien geven verschillende knipperlichten aan dat de overheid haar inspanningen op dit vlak niet kan aanhouden. De arbeidsmarkt betreden, is geen gemakkelijke klus en zal van Noah gemiddeld geen rijke burger maken. En als hij klaar is om van zijn pensioen te genieten, is het te hopen dat hij via andere wegen een spaarcentje opzij heeft kunnen leggen. De bijzondere ministerraad die dit weekend doorgaat, kan dus zeker niet met een victorierapport uitpakken. De Belg zegt gelukkig te zijn. Zal Noah binnen enkele decennia hetzelfde gevoel overhouden aan zijn levenssituatie? An Goovaerts Met medewerking van Roeland Byl, Daan Killemaes, Guido Muelenaer