Zal de markt nog een jaartje haar kalmte kunnen bewaren, ondanks de toenemende tegenwind? Alles bij elkaar, ja. Maar het wordt moeilijk. In de loop van 2005 wisten de financiële markten behoorlijk om te gaan met het mogelijk dodelijke mengsel van hogere Amerikaanse interesten, een opstoot van de olieprijzen en een vertraging van de wereldgroei. De aandelen gingen er iets op vooruit, de obligatiemarkt bleef rustig en de beurzen waren relatief kalm.
...

Zal de markt nog een jaartje haar kalmte kunnen bewaren, ondanks de toenemende tegenwind? Alles bij elkaar, ja. Maar het wordt moeilijk. In de loop van 2005 wisten de financiële markten behoorlijk om te gaan met het mogelijk dodelijke mengsel van hogere Amerikaanse interesten, een opstoot van de olieprijzen en een vertraging van de wereldgroei. De aandelen gingen er iets op vooruit, de obligatiemarkt bleef rustig en de beurzen waren relatief kalm. In 2006 krijgen de financiële markten het zwaarder te verduren. De wereldwijde groei zal vertragen, de begrotingstekorten zullen nog hoger oplopen en de weerslag van de energieschaarste zal zich doorheen het systeem doen gevoelen. Intussen zullen de onevenwichtigheden op de lopende rekeningen en in de spaar-investeringsverhouding, vooral tussen de Verenigde Staten en Oost-Azië, nog meer druk op de markt zetten. Het zal er steeds meer op aankomen dat ze het vertrouwen bewaren. Op voorwaarde dat ze wat veranderingen zullen zien in het beleid - en ze kregen daarvan een voorsmaakje in 2005 met de stijging van de Amerikaanse kortetermijnrente en de bescheiden revaluatie van de yuan - zullen ze wel het hoofd koel weten te houden. De wereldwijde aandelenmarkten, die weliswaar hoger geprijsd staan dan een jaar geleden, vertonen nog altijd redelijk bescheiden ratio's. De bedrijfswinsten verschillen natuurlijk van land tot land en van sector tot sector, maar ze zullen over het algemeen een goede ondersteuning bieden over heel 2006. Een mat jaar voor aandelen is altijd mogelijk en naarmate het herstel van de baissemarkt in 2000-2002 vordert, begint een jaar met tegenvallende resultaten ook meer tot de mogelijkheden te behoren. Intuïtief kan echter aangevoeld worden dat een dergelijke terugval weer iets verder afligt, vooral omdat de wereldwijde obligatiemarkt de druk van 2005 met grote koelbloedigheid doorstaan heeft. Verwacht mag worden dat de aandelen het jaar hoger zullen eindigen. De obligaties zullen in de loop van 2006 onder druk komen te staan. De reële rendementen staan op een historisch dieptepunt, dat wil zeggen: laag volgens de normen van de tweede helft van de negentiende eeuw, laat staan de tweede helft van de twintigste eeuw. Dat kan een tijdje aanhouden, maar niet eeuwig, net zoals de begrotingstekorten van de grote industrielanden niet eeuwig houdbaar zijn. De jacht op rendement zal de beleggers naar grotere gevaren leiden. Vrij goed ingeburgerde alternatieve investeringen, zoals commercieel vastgoed, zullen nog altijd aantrekkelijk lijken in vergelijking met obligaties, zelfs als er een einde komt aan de boom van het residentieel vastgoed in de VS. Beleggers zullen blijven trachten de grondstoffencyclus te voorspellen. Als de olieprijzen inderdaad wat aan het dalen zijn, dan nog blijft de kans op een nieuwe opstoot even groot als die op een terugkeer naar het niveau van een jaar eerder. De fondsenstroom naar de ontwikkelingslanden zal opnieuw een sterk jaar kennen. U zult ook waarschijnlijk meer horen van investeringen 'over de rand'. Zelfs al kunnen ze de plek niet terugvinden op de landkaart of begrijpen ze de ingewikkelde structuur van de investering niet, toch zullen meer en meer beleggers toehappen. Risico is oké, op voorwaarde dat u weet dat u het neemt. Gevaarlijk wordt het als de beleggers dat niet weten en gekunsteldheid verwarren met oordeelskracht. De favoriete klant in een casino is de onervaren doordraaier. De investeringsmacht is stilaan verschoven van de huidige ontwikkelde wereld naar de nieuwe reuzen, met voorop China. Dat zal zo blijven. Chinees geld zal gedisciplineerder geïnvesteerd worden dan bijvoorbeeld Japans geld dat belegd werd eind jaren tachtig en begin jaren negentig. Het zal uitdrukkelijker toegekend worden aan nationale doelstellingen, zoals de toegang tot natuurlijke rijkdommen beveiligen, eerder dan aan zuivere prestigeprojecten. De keuzes die China op het vlak van zijn activa zal maken, zullen steeds meer een determinerende factor worden in de wereldwijde bewegingen van de prijzen van aandelen, obligaties en vastgoed. Het zal in 2006 vooral interessant zijn om te zien in hoeverre we zullen teruggaan naar het investeringsklimaat van 1906 - of tenminste tot het klimaat van de beginjaren van de twintigste eeuw. Geld was toen goedkoop, het rendement van de obligaties op de gevestigde markten was laag, aandelen hingen af van dividenduitkeringen om hun waarde te behouden. De inflatie in de meeste ontwikkelde landen liep grotendeels gelijk in zowel de eerste vijf jaar van de eenentwintigste eeuw als in de eerste vijf jaar van de twintigste eeuw. Bovendien was er toen ook een uitbarsting van globalisering die om financiering schreeuwde. Wat deden de investeerders toen? Ze roomden de wereld af op zoek naar opbrengst. Ze stortten zich op spoorwegen in Argentinië, ze investeerden in plantages in India en mijnen in Afrika en, het meest dramatische van allemaal, ze kochten tsaristische obligaties. Rusland was het snelst groeiende Europese land en de belangrijkste leverancier van grondstoffen aan het meer ontwikkelde Westen. De mechanismen waren toen wel verschillend: er waren meer openbare emissies dan privé-aandelen en beleggingstrusts in plaats van hedgefondsen. Ook de oorsprong van de spaargelden was verschillend, maar de druk om rendement te halen in een wereld met lage inflatie was grotendeels dezelfde. Historische parallellen zijn verleidelijk maar gevaarlijk. Het tijdperk van de imperiums bestaat niet meer en de macht is zich aan het verwijderen van de gevestigde ontwikkelde wereld. Deze uitbarsting van globalisering is dan ook dragelijker, maar ze zal niet eeuwig in dit ritme blijven verdergaan. Hoe oordeelkundiger de markten de investeringsfondsen toewijzen, hoe langer de groeifase van de wereldeconomie zal aanhouden. Als 2006 een moeilijker jaar lijkt te worden voor de financiële markten dan 2005, dan wil dat zeggen dat er een nog grotere verantwoordelijkheid rust op de investeerders om kalm en voorzichtig te blijven. De auteur is co-hoofdredacteur van The Independent.Hamish McRae