Het is een oud zeer voor beleggers die buitenlandse aandelen bezitten. Hebben ze bijvoorbeeld een aandeel van de Duitse energiereus E.ON in hun portefeuille, dan betalen ze twee keer belasting op het dividend: eerst wordt in Duitsland een belasting van 26,375 procent ingehouden, daarna betalen ze in België nog eens 25 procent roerende voorheffing. Die dubbele belasting kunnen ze niet vermijden.
...

Het is een oud zeer voor beleggers die buitenlandse aandelen bezitten. Hebben ze bijvoorbeeld een aandeel van de Duitse energiereus E.ON in hun portefeuille, dan betalen ze twee keer belasting op het dividend: eerst wordt in Duitsland een belasting van 26,375 procent ingehouden, daarna betalen ze in België nog eens 25 procent roerende voorheffing. Die dubbele belasting kunnen ze niet vermijden. Als u Belgische aandelen hebt, houdt de instelling die het dividend uitbetaalt -- de bank of de beursvennootschap -- de roerende voorheffing in. Sinds 1 januari dit jaar is die voorheffing opnieuw bevrijdend. Dat betekent dat u die inkomsten niet meer hoeft op te geven in uw belastingaangifte, en dat u er ook geen gemeentebelasting op hoeft af te dragen. Sinds dit jaar betaalt u ook een eenvormig belastingtarief van 25 procent op dividenden van Belgische aandelen. Het lagere tarief van 15 procent voor zogenoemde VVPR-strips -- die afkorting stond voor 'verminderde voorheffing/précompte réduit' -- werd afgeschaft, zodat die strips een stille dood sterven. Op de dividenden van residentiële vastgoedbevaks, die tot eind 2012 waren vrijgesteld van roerende voorheffing, bedraagt de belasting 15 procent. Residentiële vastgoedbevaks zijn vennootschappen waarvan 80 procent van de activa bestaat uit onroerende goederen die bestemd zijn voor bewoning. Vroeger bedroeg die grens 60 procent. Er werd wel een overgangsperiode ingevoerd: de vastgoedbevaks krijgen twee jaar de tijd om zich aan de nieuwe 80 procentregel aan te passen. Onroerende goederen voor bewoning kunnen zowel eengezinswoningen zijn als gebouwen voor collectieve bewoning, zoals appartementsgebouwen en rusthuizen. Hoeveel u netto overhoudt van het dividend van een buitenlands aandeel, hangt af van twee factoren: de bronheffing die in het buitenland wordt ingehouden en de mogelijke dubbelbelastingverdragen die België met dat land heeft afgesloten, en waarmee u mogelijk een deel van die belasting kunt recupereren. Een voorbeeld: u hebt aandelen van E.ON gekocht. Het bedrijf keert een brutodividend van 4 euro per aandeel uit. De Duitse fiscus houdt aan de bron 26,375 procent belasting in, zodat er nog 2,945 euro van overblijft. Daarna draagt u op dat bedrag nog eens 25 procent inkomstenbelasting af aan de Belgische fiscus. Uiteindelijk houdt u van uw 4 euro netto nog 2,20875 euro over, of iets meer dan 55 procent. Het percentage van de buitenlandse bronheffing verschilt van land tot land (zie tabel Buitenlandse belastingtarieven op dividenden). Goed om te weten is dat een Belgische belegger die Britse of Griekse aandelen heeft, in die landen geen bronbelasting betaalt. Hij betaalt enkel de Belgische belasting van 25 procent. U kunt die dubbele belasting niet vermijden, maar u kunt wel een deel van de buitenlandse bronheffing recupereren door de toepassing van de zogenoemde dubbelbelastingverdragen. Dat zijn internationale overeenkomsten die België met andere landen heeft afgesloten en die bepalen welk land welke belasting mag heffen. Op grond van die verdragen blijft de buitenlandse bronbelasting op dividenden meestal beperkt tot 15 procent. U kunt de dubbele belasting op buitenlandse dividenden op twee manieren milderen. De Verenigde Staten, Canada, Australië, Zweden, Frankrijk, Finland en Noorwegen passen de verminderde bronbelasting op grond van hun dubbelbelastingverdrag met België onmiddellijk toe. Dat is het eenvoudigst, want u hoeft dan zelf niets te doen. Een voorbeeld: u bezit aandelen van Pfizer, dat een dividend van 1 dollar per aandeel betaalt. In plaats van 30 procent bronbelasting -- het gangbare tarief in de Verenigde Staten -- betaalt u door de toepassing van het dubbelbelastingverdrag een bronheffing van 15 procent. Van het brutodividend van 1 dollar blijft dan 0,70 dollar over. Daarop houdt de Belgische fiscus nog eens 25 procent belasting in. Om de dubbele belasting te kunnen vermijden, moet uw financiële instelling wel een akkoord hebben ondertekend met de belastingautoriteiten in dat land. Het is dus raadzaam te informeren of uw bank dat heeft gedaan. In sommige gevallen moet u een attest ondertekenen waaruit blijkt dat u de Belgische nationaliteit hebt. Andere landen -- zoals Luxemburg, Duitsland, Oostenrijk, Denemarken en Zwitserland -- verminderen de dubbele belasting niet direct aan de bron. U moet dan eerst de gewone buitenlandse bronbelasting betalen, daarna kunt u het bedrag boven 15 procent recupereren. Om die teruggave te krijgen dient u wel een tijdrovende procedure te doorlopen. U moet een formulier aanvragen -- dat voor elk land verschilt -- bij het Centraal taxatiekantoor buitenlanders, gevestigd in het North Galaxy Financiecentrum, Albert II-laan 33, 1030 Brussel (tel. 02 576 90 02, e-mail: ctk.db.brussel.buitenland@minfin.fed.be). U moet het formulier invullen, het laten ondertekenen door uw bank en uw belastingkantoor, en het opsturen naar de financiële tussenpersoon in het buitenland die belast is met de terugbetaling van de bronheffing. Wie die tussenpersoon is, komt u te weten bij uw bank of bij het bedrijf waarvan u aandelen bezit. Vaak duurt het meer dan een jaar voordat u uw geld terugkrijgt. U hoeft die hele papiermolen niet zelf te doorlopen, u kunt dat ook laten doen door de bank waar uw buitenlandse aandelen op een effectenrekening staan. De bank rekent daar wel kosten voor aan. KBC rekent per recuperatie 50 euro (plus 21 % btw), plus de eventuele kosten van de buitenlandse correspondent (plus 21 % btw). Bij Belfius betaalt u 5 procent van het teruggestorte bedrag (plus 21 % btw), met een minimum van 50 euro en een maximum van 500 euro (telkens plus 21 % btw). Bij ING moet het buitenlandse dividend een bepaalde omvang hebben, opdat de bank de teruggaveprocedure op zich wil nemen. Voor Franse, Duitse, Portugese en Luxemburgse aandelen moet het minstens 1750 euro bedragen. Voor dividenden van andere landen is dat minimaal 1000 euro. ING vraagt dan 5 procent van de buitenlandse belasting die ze recupereert, met een minimum van 50 euro (plus 21 % btw). Ook BNP Paribas Fortis voert de procedure enkel uit als het buitenlandse dividend een bepaald bedrag overschrijdt. Voor Duitse aandelen moet het dividendinkomen ten minste 1750 euro bedragen, voor aandelen uit Oostenrijk en Denemarken 1000 euro en voor aandelen uit Zwitserland 500 euro. BNP Paribas Fortis rekent 73,21 euro per post aan. Het is belangrijk dat u op voorhand bij de bank informeert hoeveel de teruggaveprocedure u precies zal kosten. Het is een publiek geheim dat Europa niet blij is met de Belgische dubbele belasting. In 2005 liet de Europese Commissie al weten aan toenmalig minister van Financiën Didier Reynders (MR), dat België zijn belastingregime voor buitenlandse aandelen moest afschaffen. Volgens de Europese Commissie is er sprake van discriminatie tussen binnen- en buitenlandse aandelen, wat indruist tegen de Europese regels van het vrije verkeer van kapitaal. In november 2006 kreeg België echter onverwachts steun van het Europees Hof van Justitie. Een Belgisch echtpaar dat een dubbele belasting moest betalen op zijn buitenlandse aandelen, diende een klacht in bij dat hof. Dat oordeelde dat er geen discriminatie was en dat België niet verplicht was de in het buitenland betaalde bronheffing terug te betalen. Maar de discussie over de dubbele belasting van dividenden van buitenlandse aandelen gaat door. In maart 2008 stelde de rechtbank van eerste aanleg in Luik opnieuw een vraag aan het Europees Hof van Justitie, om na te gaan of het Belgische belastingsysteem in overeenstemming is met het Europese grondbeginsel van het vrije kapitaalverkeer. België kan geen kant meer op als het hof de dubbele Belgische belasting veroordeelt. Maar zolang dat niet is gebeurd, kunt u als Belgische belegger in buitenlandse aandelen niet anders dan terugvallen op de bestaande regels. JOHAN STEENACKERSHoeveel u overhoudt van een buitenlands dividend, hangt af van de bronheffing in het buitenland en van het belastingverdrag met dat land. Is de in het buitenland ingehouden belasting hoger dan 15 procent, dan kunt u het surplus recupereren via de Belgische fiscus of via uw bank.