Centrale bankiers, economen, analisten, politici... ze zijn het nagenoeg roerend eens: Mario Draghi, de huidige gouverneur van de Italiaanse centrale bank, vormt de ideale figuur om in oktober Jean-Claude Trichet op te volgen als president van de Europese Centrale Bank (ECB). Als monetair expert behoort Draghi echt tot de top en bovendien beschikt hij over voldoende politieke vaardigheden om als chef van de ECB te navigeren in het moeilijke landschap van de eurozone.
...

Centrale bankiers, economen, analisten, politici... ze zijn het nagenoeg roerend eens: Mario Draghi, de huidige gouverneur van de Italiaanse centrale bank, vormt de ideale figuur om in oktober Jean-Claude Trichet op te volgen als president van de Europese Centrale Bank (ECB). Als monetair expert behoort Draghi echt tot de top en bovendien beschikt hij over voldoende politieke vaardigheden om als chef van de ECB te navigeren in het moeilijke landschap van de eurozone. Op zijn weg naar de toppositie van de in Frankfurt gevestigde ECB vindt Mario Draghi nog één hindernis. Dat is er dan wel een van indrukwekkend formaat, namelijk de Duitse publieke opinie. Dagelijks aangevuurd door de populistische krant Bild leeft er erg grote argwaan bij de doorsnee-Duitser ten aanzien van een Italiaanse topman voor de ECB. Italië staat in de Duitse publieke opinie gelijk met monetair wanbeleid en chronische inflatie. Komt hier nog bovenop dat de vicepresident van de ECB de Portugees Vítor Constâncio is. Voor Duitsers is een Portugees als centraal bankier zo mogelijk nog moeilijker te accepteren dan een Italiaan. In een recent interview met de New York Times putte Mario Draghi zich daarom uit om als centraal bankier Duitser dan Duits over te komen. Na haar zware verkiezingsnederlaag in Hamburg, en allicht meer van dat in komende en belangrijkere regionale verkiezingen (vooral die in Baden-Württemberg eind maart), valt het bondskanselier Angela Merkel erg moeilijk om diametraal tegen die publieke opinie in te gaan. De optie-Draghi blijft nadrukkelijk op tafel, maar toch is het voor alle betrokkenen nu zoeken geblazen naar een uitweg uit wat een impasse dreigt te worden als gevolg van interne Duitse toestanden. Een overzicht van drie mogelijke scenario's . Angela Merkel trotseert de Duitse publieke opinie en schaart zich achter Mario Draghi als opvolger van Jean-Claude Trichet. Zij krijgt als politieke pasmunt wel gedaan dat haar competitiviteitspact door de andere lidstaten van de eurozone wordt aanvaard. Er komen strikte normen voor een aantal parameters als inflatie, loonkosten, lopende rekening van de betalingsbalans en overheidsschuld. Tevens slaagt Merkel erin algemeen te laten aanvaarden dat het actieterrein en de bevoegdheden van het Europees Stabiliteitsmechanisme dat vanaf 2013 een permanent karakter krijgt, expliciet aan banden worden gelegd. Als gevolg van het aantreden van Draghi neemt Lorenzo Bini Smaghi ontslag uit het directiecomité van de ECB (zie kader Zes financiële bollebozen). Hij volgt Draghi op als gouverneur van de centrale bank van Italië. In de plaats van Bini Smaghi komt een Fransman omdat het uiteraard voor Parijs onaanvaardbaar zou zijn om een directiecomité van de ECB zonder Fransman te dulden. De Duitse publieke opinie haalt toch haar slag thuis en Mario Draghi wordt afgevoerd als opvolger van Trichet. Verscheidene scenario's zijn dan aan de orde, maar ze vertonen niet allemaal evenveel slaagkansen. Vaak gehoord is de naam van Nout Wellink, de president van de Nederlandsche Bank en een centrale figuur in de discussie en besluitvorming rond financiële regulering. Zowel als monetair expert als in politieke behendigheid scoort Wellink meer dan goed. Nochtans is Wellink, om maar onmiddellijk met de deur in huis te vallen, kansloos om diverse redenen. Ten eerste, na Wim Duisenberg zou er met Wellink opnieuw een Nederlander aan het hoofd van de ECB komen. Twee op de drie ECB-presidenten uit een klein land als Nederland is echt wel te veel. Ten tweede, er lopen in Nederland nog rechtszaken tegen Wellink naar aanleiding van zijn aanpak van de bankencrisis in 2008-2009. Ten derde, nu het aantreden van Peter Praet als directeur van de ECB zo goed als zeker is, is het contingent dat de 'kleine' landen kunnen vullen in het directiecomité van de ECB meer dan vol. Dat laatste element houdt in dat de volgende president van de ECB uit een van de drie grote landen moet komen. Aangezien we hier uitgaan van een afblokking van het scenario-Draghi zal de nieuwe president uit Duitsland of Frankrijk moeten komen. Wordt het Duitsland, dan zijn er twee mogelijkheden. In een eerste optie schuift ECB-directeur Jürgen Stark door naar de toppositie van president. Stark zit al sinds 2006 in het directiecomité en zijn mandaat loopt tot 2014. Juridisch blijkt de overstap vanuit het directiecomité naar het presidentschap niet voor de hand te liggen, maar voor de resterende looptijd van zijn mandaat zou het kunnen. De reacties op Jürgen Stark als president van de ECB zijn in Berlijn en elders wel lauw. Tweede Duitse optie: Merkel duwt Weidmann onmiddellijk door naar de ECB. Per 1 mei volgt de 42-jarige Jens Weidmann aan het hoofd van de Bundesbank, de Duitse centrale bank, Axel Weber op. Sinds begin 2006 fungeerde Weidmann als hoofd van de financieel-economische cel op de kanselarij in Berlijn. Weidmann is econoom en een vertrouweling van Merkel. Hij mist echter elke ervaring in centraal bankieren en het is zeer de vraag of zes maanden Bundesbank volstaan om dat hiaat op te vullen. Bovendien zou dit, terecht, als een politiek getinte benoeming beschouwd worden terwijl de Duitsers de politieke onafhankelijkheid van de centrale bankiers altijd hoog in het vaandel voeren. Maar gegeven de intense discussie die er de komende periode tussen ECB en de politieke autoriteiten moet worden gevoerd, biedt iemand als Jens Weidmann toch ook voordelen. Insiders schatten de kansen van Weidmann daarom vrij hoog in. Blijft dan nog de optie van een Franse outsider. Na Trichet opnieuw een Fransman? Zelfs voor de Fransen is twee op de drie toch ook trop, niet? Allicht, maar als Merkel in ruil een spijkerhard competitiviteitspact krijgt van Sarkozy, dan is dit scenario misschien wel bespreekbaar. De meest voor de hand liggende kandidaat is dan Christian Noyer, de gouverneur van de Banque de France. Noyer was in de periode 1998-2002 al vicepresident van de ECB. En hoewel ECB-mandaten niet hernieuwbaar zijn, zou het juridisch toch wel kunnen om Noyer nu na elf jaar als president van de ECB naar Frankfurt te laten terugkeren. Aan de Franse kant duikt zelfs ook de naam van Dominique Strauss-Kahn (DSK) op. De topman van het IMF profileert zich meer en meer als de grote opponent van Nicholas Sarkozy bij de volgende Franse presidentsverkiezingen. Voor Sarkozy zou het ideaal zijn als hij zijn grote rivaal op deze manier op een zijspoor kan zetten. De Duitsers zijn wel gecharmeerd door het trackrecord van DSK bij het IMF. En dat helpt nog altijd meer vooruit dan achteruit. JOHAN VAN OVERTVELDTVoor Duitsers is een Portugees als centraal bankier zo mogelijk nog moeilijker te accepteren dan een Italiaan.