In 2011 bedroeg het nettorendement van het Waarborgfonds van Afer 3,43 procent. In 2012 deed Afer nog beter met een nettorendement van 3,45 procent. Over de jongste vijf jaar realiseerde het product een gemiddelde opbrengst van 3,78 procent. Door die stabiele prestaties is Afer erin geslaagd elk jaar meer Belgische spaarders aan te trekken.
...

In 2011 bedroeg het nettorendement van het Waarborgfonds van Afer 3,43 procent. In 2012 deed Afer nog beter met een nettorendement van 3,45 procent. Over de jongste vijf jaar realiseerde het product een gemiddelde opbrengst van 3,78 procent. Door die stabiele prestaties is Afer erin geslaagd elk jaar meer Belgische spaarders aan te trekken. "Er is geen magische formule", zegt Marc Vrijman, de voorzitter van Afer, dat zich heeft gespecialiseerd in tak21- en tak 23-levensverzekeringsproducten. "Aviva, de beheerder van het Waarborgfonds, opteert voor een strikt beheer met beleggingen die inspelen op de kansen die zich aandienen. Die keuzes hebben zowel in 2011 als in 2012 vruchten afgeworpen." Wat zijn de belangrijkste kenmerken van dat beheer?MARC VRIJMAN. "Aviva heeft eind 2011 geprofiteerd van de aantrekkelijke rente op Belgische overheidsobligaties. Ook de Italiaanse overheidsobligaties die we in 2011 hebben gekocht, leverden winst op. In de afgelopen maanden hebben we een groot deel ervan verkocht en een mooie meerwaarde opgestreken. Maar we beperken de overheidsobligaties uit de landen van de Europese periferie tot een minimum. Eind 2012 bedroeg het gewicht van Italië in de portefeuille 3,4 procent, dat van Spanje 0,7 procent en dat van Ierland 0,8 procent. Aviva belegt ook in bedrijfsobligaties, die eveneens interessant blijven. "Een ander belangrijk kenmerk van het Waarborgfonds zijn de lage beheerskosten. Die bedragen slechts 0,50 procent per jaar. We zijn daardoor veel goedkoper dan onze concurrenten. We werken met een beperkt team en we hebben geen netwerk van agentschappen dat we moeten onderhouden. Doordat onze kosten zo laag zijn, is ons rendement extra aantrekkelijk." De marktomstandigheden voor obligaties dreigen de komende jaren te verslechteren. Hoe bereidt u zich voor op die moeilijke periode?VRIJMAN. "Het komt zoals het komt. Dit is niet de eerste keer dat we worden geconfronteerd met minder fraaie vooruitzichten. Uiteindelijk hebben we er ons altijd goed doorheen geslagen. Wij blijven geloven in ons beheer. We hebben een liquiditeitspositie van 7 procent, hoewel de monetaire markt helemaal niet interessant is. Dat kost ons waarschijnlijk een stukje rendement. Maar die liquiditeitspositie geeft ons ook de ruimte om op het juiste moment in te spelen op de kansen die zich aandienen. "We zijn al enkele jaren actief op deze markt. Je kunt ons Waarborgfonds vergelijken met een robuuste tanker. In een storm zal die veel minder averij oplopen dan kleine zeilboten. Bovendien bedraagt het verwateringseffect slechts 13 à 14 procent per jaar. Het gewicht van het verleden speelt duidelijk in het voordeel van ons fonds." Hebben de perikelen van het First-product van Ethias u schade berokkend?VRIJMAN. "Die problemen waren inderdaad niet gunstig voor de sector van de levensverzekeringen. Dat geldt ook voor de nieuwe premiebelasting van 2 procent. Die verhoging zal veel beleggers afschrikken om de stap naar onze producten te zetten. Maar het was ook Ethias dat de tak21-producten enkele jaren geleden op de kaart heeft gezet. Daarvan hebben wij toen kunnen profiteren. "Na de kopzorgen over de First-rekening worden tak21-producten nu opnieuw meer beschouwd als beleggingsproducten voor de middellange en lange termijn, wat ze altijd geweest zijn. Dat is een goede zaak. Wij relativeren de impact van de belasting van 2 procent. We geven de voorkeur aan zo'n belasting dan aan een jaarlijkse roerende voorheffing op de intresten. En hoe zwaar weegt een belasting van 2 procent die wordt afgeschreven op tien jaar? Niet gigantisch veel."