Bij de NV List & Huichelarij uit Ieper had Pol Hauspie de helft van de leiding. Hij was een praktiserende katholiek, kerkzanger en financier van het befaamde festival voor religieuze muziek in Watou. Wie meent dat godsdienst zijn aanhangers afhoudt van het kwaad, moet de beschuldiging aanvaarden dat de schijnheiligheid regeert en dat het duo 'geloven/bijbehorende ethiek' wormstekig kan zijn.
...

Bij de NV List & Huichelarij uit Ieper had Pol Hauspie de helft van de leiding. Hij was een praktiserende katholiek, kerkzanger en financier van het befaamde festival voor religieuze muziek in Watou. Wie meent dat godsdienst zijn aanhangers afhoudt van het kwaad, moet de beschuldiging aanvaarden dat de schijnheiligheid regeert en dat het duo 'geloven/bijbehorende ethiek' wormstekig kan zijn. In de voorbije dagen werd het Kwaad met hoofdletter wereldnieuws. De herdenking van zestig jaar Auschwitz herinnerde aan de slachting van de 6 miljoen joden en de 30 miljoen doden van het nationaal-socialisme. De twintigste eeuw kende een tweede hysterische massaleer: het communisme. Dodenaantal daarvan: 100 miljoen. De nazi's en de communisten bedachten het machinematig offeren van mensen. De menselijke slechtheid maakte slachtoffers van bij het oerbegin. De lopende band van magere Hein is modern. De mechanisering dateert van de voorbije 250 jaar. Wat is de waterscheiding tussen vóór en na de achttiende eeuw? De moderniteit en haar bekendste product: de Verlichting, theEnlightenment, lesLumières. Rond 1750 begon een brede culturele omslag in het Westen, de moderniteit brak door. De Amerikaanse en de Franse revolutie demonstreerden voor hun militanten dat de mensheid het werktuig bezat om de wereld te begrijpen en te beheersen: de rede. Het atheïsme paste perfect bij deze rationele en logische wereldvisie. Het atheïsme werd de geïnstitutionaliseerde leer van de moderniteit. De moderniteit zag religie als een epidemie van waanzin - soms sociaal aanvaardbaar, maar steeds een aanleiding tot bezorgdheid. De moderniteit en het atheïsme waren een bevrijdingsstrijd tegen de godsdienst en de monarchen. Hun gouden jaren waren de eerste helft van de twintigste eeuw. Rond 1950 begon de geloofwaardigheid van de moderniteit af te brokkelen. Het paradijs dat de rede zou scheppen, bleek steeds sterker een utopie te zijn. De Duitse marxistische schrijver Walter Benjamin (1892-1940) zag in de opkomst van het nazisme het symbool van de futiliteit van de moderniteit. Hij pleegde zelfmoord kort na het nazi-sovjetverdrag van 1939. Het nazisme en het communisme illustreerden dat de begrijpelijke en opwindende afrekening met de eeuwen van de godsdienst een breuk werd met de beschaving en haar ingebouwde beveiliging tegen het totalitarisme. Totalitarisme dat elke binding met het buitenwerkelijke verwierp en de mens en de mensheid uitriep tot de plaatsvervanger van de Aanwezige, de Eeuwige, de Onnoembare - zoals de nieuwe bijbel de transcendentie ook noemt - en dus de ultieme maat der dingen. De culturele elite van België gelooft dat de wereld onomkeerbaar seculier is. Zij dwaalt ook hier. In de Angelsaksische wereld - en niet alleen bij gevoelskerken als de pinkstergemeenschappen - wordt deze aanname al jaren weerlegd door een groeiend corps van sociologen en filosofen. De atheïstische droom lost op in afvalligheid en haarkloverij. De moderniteit zuiverde de godsdienst van zijn politieke en economische uitwassen. Geloof en daardoor geïnspireerde normen verlaten de catacomben en worden opnieuw maatschappelijk relevant. Seculariseringsfundamentalisten zullen deze culturele revolutie weliswaar nog decennia betwijfelen. Het kleine kwaad van Pol Hauspie en het grote kwaad van Auschwitz wordt in de eenentwintigste eeuw opnieuw en sterker afgerekend tegen een andere maatstaf dan de Mensheid met een hoofdletter. Frans Crols