De auteur is redacteur Buitenland van The Economist.
...

De auteur is redacteur Buitenland van The Economist.Voor het Midden-Oosten wordt 2005 niet alleen een veelbewogen, maar nu ook een beslissend jaar. Niet alleen voor Irak, maar ook voor het conflict tussen Israël en de Palestijnen. En voor de confrontatie tussen het Westen en Iran over de pogingen van de islamitische republiek om atoomwapens te maken. Voor Irak kon 2004 niet beslissend worden wegens de Amerikaanse presidentsverkiezingen. George Bush kon het Amerikaanse volk moeilijk vertellen dat de invasie van Irak een succes was, terwijl hij tegelijkertijd zichtbare voorbereidingen maakte om zich naar de uitgang te reppen. Het was dus duidelijk dat hij plechtig zou beloven "de koers aan te houden." Maar in 2005, met de Amerikaanse verkiezingen achter de rug, wordt een voortijdige terugtrekking echt mogelijk, afhankelijk van de toestand op het terrein. Bovendien zal het vrij vroeg in het jaar voor president Bush al mogelijk worden om te zeggen of het wijzer is om door te zetten of om op te geven. Een sterke aanwijzing zal komen van de afloop van de algemene verkiezingen in Irak, die gepland worden voor januari 2005. Wegens de gewelddadigheid van het oproer zou het echter geen verassing zijn, mocht die planning aan het schuiven gaan. Nochtans maakt Irak alleen met verkiezingen kans om een regering te krijgen die voldoende moreel gezag heeft om de broodnodige onderdrukking van de extremisten te superviseren. Wanneer het onmogelijk zou blijken om zelfs maar verkiezingen te houden, zullen de VS en Groot-Brittannië tot de conclusie komen dat hun militaire aanwezigheid een onderdeel is van het probleem, eerder dan een deel van de oplossing. Ze zullen dan een plan-B nodig hebben dat hen in staat moet stellen om zich terug te trekken zonder Irak in chaos achter te laten. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Toen de VS zich uit Zuid-Vietnam terugtrok in 1973, won het Noorden gezwind. Toen Groot-Brittannië in 1948 het mandaat over Palestina liet voor wat het was, vochten Israëli's en Arabieren het uit. Irak zou kunnen profiteren van het feit dat zijn buren geen chaos willen na het vertrek van de Amerikanen. Maar Saudi's, Iraniërs, Syriërs en Turken zullen maar moeizaam een overeenkomst kunnen bereiken over welk soort Irak ze zullen willen helpen. Het blijft beter dat er verkiezingen komen in Irak. Hopelijk komt dan een regering tot stand die representatief is voor de sjiieten, de soennieten en de Koerden, en voor zowel religieuze als seculaire Irakezen. Zo'n regering zou, met een multinationale macht die ze ondersteunt, een goede kans maken om de overblijvende opstandelingen te bekampen en intern afspraken te maken over de wijze waarop de macht verdeeld kan worden. Voor Israël-Palestina zal 2005 beslissend zijn als Ariel Sharon poogt zijn plan door te drukken om de joodse nederzettingen in de Gazastrook te evacueren. De buitenwereld zal hem daarbij steunen, maar tegelijk duidelijk maken dat het vertrek uit Gaza onvoldoende is om vrede met de Palestijnen op te leveren. Omdat de Amerikaanse president Bush zich nog altijd concentreert op Irak, was hij in 2004 zacht voor Sharon. In 2005 zal de VS de noodzaak voelen om de druk op te voeren voor een terugtrekking uit de westelijke Jordaanoever. Dat zal des te meer het geval zijn naarmate een eventuele mislukking in Irak het voor de VS nog meer nodig zal maken om zijn geloofwaardigheid te herstellen in de moslimwereld. De Europeanen (geleid door Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië) hebben 2004 doorgebracht met kibbelen met de Amerikanen over de vraag of het nu beter is de Iraniërs op een constructieve manier te benaderen, dan wel de VN-Veiligheidsraad te gebruiken om ze te straffen voor hun nucleaire achterbaksheid. Als in de eerste maanden van 2005 blijkt dat de Iraniërs nog niet tot een besluit gekomen zijn of niet gedwongen werden om hun nucleaire ambities op te geven, zullen zelfs de Europeanen moeten toegeven dat hun opbouwende inzet gefaald heeft. En wat dan? Een preventieve raid door Israël of de VS zal niet noodzakelijk leiden tot de vernietiging van de verborgen en verspreid opgestelde nucleaire installaties van Iran. De mullahs die Iran in de hand hebben, zijn van het voorzichtige en geduldige slag: het is mogelijk dat ze in 2005 niet aankondigen dat Iran een gewapende nucleaire macht wil worden of geworden is, maar het zou het jaar kunnen zijn waarin de verdeelde reactie van de wereld hen ervan zal overtuigen dat ze het kunnen doen - en nog wel ongestraft. Dat kan een nucleaire wapenwedloop ontketenen in het Midden-Oosten, naast de al heersende conventionele wedren. Peter DavidIn 2005, met de Amerikaanse verkiezingen achter de rug, wordt een voortijdige terugtrekking uit Irak echt mogelijk.