Een van de fundamenten van Europa is zonder twijfel zijn gemeenschappelijke munt, de euro. Dat fundament oogt de laatste maanden echter behoorlijk wankel.
...

Een van de fundamenten van Europa is zonder twijfel zijn gemeenschappelijke munt, de euro. Dat fundament oogt de laatste maanden echter behoorlijk wankel. Eind 2008 was de Europese munt ook al in onrustig vaarwater beland. De euro verloor toen op enkele weken tijd 21 % van zijn waarde tegenover de dollar. Het was de periode waarin Lehman Brothers werd opgeofferd om een voorbeeld te stellen. De boodschap was dat banken en andere financiële instellingen niet boven de wet staan en dat ze moeten boeten voor hun excessen. Een boodschap die de hele financiële gemeenschap op haar grondvesten deed daveren en de grootste kapitalistische economieën op de knieën dwong. Om de meubelen te redden en het noodlijdende financiële systeem op de been te houden, aarzelden de Europese landen en de Verenigde Staten niet om diep in hun buidel te tasten. Zo kon het ergste afgewend worden. Nu de kapitalistische wereld vandaag buiten gevaar lijkt, is het tijd om de rekening op te maken en de factuur te betalen. En die factuur is uitermate gepeperd voor landen die in goede tijden niet de reflex hebben gehad om iets opzij te zetten voor minder zonnige dagen. Dat is het geval met Griekenland. Met een overheidstekort van 14 % van het bbp (bruto binnenlands product) is het tekort van Griekenland na dat van Cyprus het hoogste van de eurozone. Eind 2009 bedroeg de schuld/bbp-ratio van het land 113 %. Aangezien verwacht wordt dat het tekort dit jaar meer dan 12 % van een fors lager bbp zal bedragen, zal de schuld/bbp-ratio oplopen tot 125 % eind 2010, de hoogste ratio van de hele eurozone. Velen zullen misschien vinden dat Griekenland zijn plan maar moet trekken. Het land heeft jaren boven zijn stand geleefd en zijn economische gegevens vervalst om aan de Europese criteria te voldoen. Daar moet het nu zelf de gevolgen maar van dragen. Griekenland aan zijn lot overlaten, is echter geen optie, want het land zou alle Europese landen in zijn val meesleuren. Een Griekenland dat zijn schulden niet meer kan afbetalen, is meer dan louter een theoretisch scenario. Het land moet snel de 53 miljard euro zien te vinden die het nodig heeft om zijn schuld in 2010 terug te betalen. En dan hebben we het nog niet over de bijkomende 30 miljard euro om zijn volgende begrotingstekort te dichten. De grootste landen uit de eurozone hadden laten weten dat Griekenland op hun steun kon rekenen zodra het echte maatregelen zou nemen om zijn tekort in te dijken. Dat is nu gebeurd. De regering heeft een reeks maatregelen aangekondigd, waaronder het bevriezen van de pensioenen, het optrekken van bepaalde belastingen en een salarisverlaging voor ambtenaren. In totaal kondigde het land voor maar liefst 4,8 miljard euro nieuwe besparingsmaatregelen aan. De Griekse problematiek heeft uiteraard een weerslag op de Europese munt. De euro, die nog maar nauwelijks hersteld is van de financiële en economische crisis die de dollar had gesteund in zijn rol van vluchtwaarde ten nadele van de Europese munt, staat vandaag opnieuw onder druk. Eind vorig jaar had de euro met moeite opnieuw de grens van 1,50 dollar weten te bereiken. De ratingverlaging voor Griekenland door Standard and Poor's, die snel navolging kreeg van andere ratingbureaus, was het startsignaal voor een nieuwe, langzame terugval van de euro, waarvan de koers vandaag rond 1,36 dollar schommelt. (C) Door Karine Huet