In de studentensteden is de verhuur van kamers voor het volgende academiejaar volop bezig. U bent er zich maar best bewust van dat er grote verschillen zijn tussen de contracten die verhuurders aanbieden. Het is dus raadzaam die overeenkomsten grondig te lezen.
...

In de studentensteden is de verhuur van kamers voor het volgende academiejaar volop bezig. U bent er zich maar best bewust van dat er grote verschillen zijn tussen de contracten die verhuurders aanbieden. Het is dus raadzaam die overeenkomsten grondig te lezen. Kijk eerst na hoeveel maanden het contract loopt. In de zomermaanden heeft een student zijn kamer niet nodig. Daarom worden sommige contracten gesloten voor tien, andere voor twaalf maanden. Op tien maanden betaalt u op jaarbasis vaak een stuk minder dan bij een overeenkomst die twaalf maanden duurt. Als u een contract van tien maanden afsluit, vraag dan wat er gebeurt als uw kind een tweede zittijd zou hebben. Normaal kan de student de kamer -- of een andere kamer in het gebouw -- blijven gebruiken, al dan niet na betaling van twee maanden extra huur. Staat daarover niets in de huurovereenkomst, dan is het raadzaam een clausule toe te voegen. Boven op de huurprijs moet u misschien extra betalen voor de nutsvoorzieningen -- zoals elektriciteit, verwarming en water. Ofwel vraagt de verhuurder daarvoor een vaste som, ofwel een voorschot, waarna aan het eind van de huur de afrekening volgt. Is dat het geval, kijk dan na of de kamer aparte meters heeft. Anders dreigt u op te draaien voor het verbruik van studenten die in de winter hun ramen laten openstaan en de verwarming volop laten draaien. Zijn er wel aparte meters, noteer de stand dan bij de aanvang van de huur in het huurcontract. Aan het einde van de huur kan er dan geen betwisting zijn over het verbruik. In de huurprijs kunnen ook andere kosten zitten, zoals die voor een huurdersverzekering, internet en studententaksen. Is dat niet het geval, dan moet u die bij uw budget rekenen. Op de huur van een studentenkamer is de woninghuurwet niet van toepassing. Dat is enkel het geval als de kamer als hoofdverblijfplaats wordt gebruikt. De verhuurder mag daardoor in principe meer dan twee maanden huur als waarborg vragen. Maar gebruikelijk is dat niet: in de meeste huurcontracten wordt de waarborg beperkt tot één of twee maanden huur. De waarborg hoeft niet op een geblokkeerde bankrekening te worden gestort. De verhuurder kan vragen dat de waarborg cash wordt voldaan, of dat u die stort op zijn rekening. Vergeet aan het eind van de huur niet de waarborg terug te vragen. Houd er rekening mee dat sommige verhuurders geneigd zijn de waarborg niet terug te storten. Ze roepen dan in dat de nutsvoorzieningen meer hebben gekost dan aanvankelijk gedacht, of dat er schade aan de kamer is. Het is daarom het veiligst de waarborg toch op een geblokkeerde rekening te plaatsen. Sommige huurders betalen de laatste maanden niet, als compensatie voor de waarborg. Dat mag niet. In huurcontracten wordt weleens vermeld dat de student de kamer in perfecte staat heeft ontvangen, en dat hij ze in dezelfde staat moet teruggeven aan het einde van de huur. Zo'n bepaling is ongeldig. Wordt geen omstandige plaatsbeschrijving opgemaakt bij de aanvang van de huur, dan wordt geacht dat de student het goed in dezelfde staat heeft gekregen als waarin de kamer zich aan het einde van de huur bevindt. De verhuurder moet het bewijs leveren dat er schade is veroorzaakt, wat in de praktijk heel moeilijk is. Een voorzichtige verhuurder vraagt om zowel aan het begin als aan het einde van de huur een omstandige plaatsbeschrijving op te maken. Gebeurt dat, zorg er dan voor dat u bij aanvang van de huur alle gebreken die u ziet -- bijvoorbeeld schade aan muren, een barst in de lavabo of tegels -- duidelijk aangeeft in de plaatsbeschrijving. Doet u dat niet, dan riskeert u dat de verhuurder u er later een vergoeding voor vraagt en weigert uw huurwaarborg vrij te geven. In de loop van een academiejaar neemt uw kind misschien deel aan een uitwisselingsprogramma, of moet het enkele maanden stage lopen. Het is nuttig de kamer of de studio zolang onder te verhuren. Als die mogelijkheid niet in het huurcontract staat -- of als het contract dat uitsluit -- is een onderverhuur niet toegelaten. Vraag aan de verhuurder expliciet in het huurcontract te bepalen dat een onderverhuur in bepaalde om-standigheden kan. Houd er rekening mee dat u bij een onderhuur verantwoordelijk blijft tegenover de verhuurder. Betaalt uw onderhuurder de huur niet, of veroorzaakt hij schade, dan riskeert u daarvoor te moeten opdraaien. Het is dan ook belangrijk te weten met wie u in zee gaat. Zet uw kind zijn studie in de loop van het academiejaar stop -- bijvoorbeeld door ziekte of omdat het gaat studeren in een andere stad -- dan eindigt de huurovereenkomst niet. U moet de huur blijven betalen tot het contract afloopt, tenzij in het huurcontract anders is bepaald. U kunt met de verhuurder bijvoorbeeld afspreken dat het huurcontract kan worden opgezegd na een opzeggingstermijn van één of twee maanden.JOHAN STEENACKERS EN JAN ROODHOOFTDe woninghuurwet is niet van toepassing op de huur van een studentenkamer.