De Europese Unie verzet zich tegen Maribel, een truc van de Belgische sociale onderhandelaars. In zijn hand ligt "Werkgelegenheid en inkomen", een referatenboek voor de viering van 30 jaar Universitaire Faculteiten Sint-Ignatius in de herfst '95. Prof. dr. Philippe Naert (53j.) gaf de slotlezing Werken in het jaar 2000 : "In de maanden voordien heb ik nagedacht over werk en werken, alhoewel het niet mijn vakgebied is, echter als belangstellend waarnemer in mijn rol van vader van drie twintigers en in de hoedanigheid van iemand die al 25 jaar betrokken is bij het hoger onderwijs en de permanente vorming en dus bij het klaarstomen en herbronnen van mensen voor de arbeidsmarkt."
...

De Europese Unie verzet zich tegen Maribel, een truc van de Belgische sociale onderhandelaars. In zijn hand ligt "Werkgelegenheid en inkomen", een referatenboek voor de viering van 30 jaar Universitaire Faculteiten Sint-Ignatius in de herfst '95. Prof. dr. Philippe Naert (53j.) gaf de slotlezing Werken in het jaar 2000 : "In de maanden voordien heb ik nagedacht over werk en werken, alhoewel het niet mijn vakgebied is, echter als belangstellend waarnemer in mijn rol van vader van drie twintigers en in de hoedanigheid van iemand die al 25 jaar betrokken is bij het hoger onderwijs en de permanente vorming en dus bij het klaarstomen en herbronnen van mensen voor de arbeidsmarkt." Philippe Naert is ingenieur en econoom, oud-decaan van Insead, oud-decaan van Business University Nijenrode (Nederland), huidig decaan van Tilburg Institute for Advanced Studies in Management (KUB) en volgend jaar beroepsdecaan van de faculteit economie van de KUB. Hij kent België door en door, woont nog steeds in Brasschaat, en heeft de nodige distantie door zijn jarenlange beroepspraktijk in het buitenland. TRENDS. U noemt de Belgische sociale onderhandelingen onomwonden een "circus" waarvan de zin u ontgaat ? PHILIPPE NAERT. Ooit kan wat we nu zien, nut hebben gehad. Vandaag is dat voor mij niet evident. De Belgische sociale onderhandelaars zwakken de verschillen tussen de sectoren steeds zoveel mogelijk af. De speelruimte wordt centraal bepaald. Dat gaat volledig in tegen wat je vandaag nodig hebt, een differentiatie tussen de sectoren. Sectoren kennen verschillende stadia van economische gezondheid. Zeker in tijden van snelle verandering. In bepaalde sectoren zouden loonsverhogingen absoluut niet mogen, omwille van hun kaduke toekomstverwachtingen, in andere sectoren maakt de groei loonsverhogingen betaalbaar en zinvol. De loondifferentiatie versnelt de vervanging van de zwakke door de sterkere sectoren. Alles onder één deken stoppen, blokkeert de creatieve destructie die elke bloeiende economie kenmerkt. Nederland pakt het beter aan ?Ja, en dat op diverse vlakken. Ik verwijt de Belgische ondernemingsleiders een gebrek aan duidelijkheid. Ze praten met te zachte stem. Met Nederlandse ondernemers weet je waar je staat. Op congressen en onder mekaar noemen de Belgen ook een kat een kat. Maar als het er echt op aan komt, fluisteren zij. De Belgische werkgevers moeten blijven hameren op de evidenties. Een van die evidenties is dat het traditionalisme van de Parti Socialiste de Belgische economie vernietigt. Gevreesd wordt dat omwille van stoute taal en serieuze remedies stakingen zouden uitbreken en de regering zou vallen. Zodoende worden problemen vermeden op korte termijn, maar grotere en meer onoplosbare problemen gecreëerd op lange termijn. De Belgische werkgeversvertegenwoordigers zitten verknoopt in een overdaad van comités, raden, consultaties. De wakkere burger concludeert dat zij hun vrijheid verkopen om het systeem te redden ?De werkgeversleiders zouden hun core business moeten herontdekken. De kern is in de eerste plaats een strijd om ideeën en daarbij prioritair het idee van creatief ondernemerschap en in de tweede plaats de taak van sociaal onderhandelaar. Al de rest dient uitgewied te worden. Je vrijheid gaat tenonder als je geen zelftucht opbrengt bij het bepalen van de prioriteiten. Bovendien begrijpt het publiek je niet meer en ontstaat er een legitimiteitsprobleem voor de patronale chefs. Het legitimiteitsprobleem stelt zich op een andere wijze ook voor de syndicalisten ?De syndicalisten verdedigen ondanks hun zalvende woorden de insiders, zij die werken. Het ontbreekt hen aan de moed om reëel voor de outsiders de werklozen wat te ondernemen. De lonen aan de onderkant zijn te hoog voor de reïntegratie van velen. Nederland laat meer marktwerking toe en meer decentralisering in de loonvorming ?Precies. De relatie tussen een soepele loonvorming en meer tewerkstelling staat onomstotelijk vast. Niemand is verplicht het Amerikaanse sociale model of het Britse sociale model te kiezen, maar er mag en moet opgemerkt en gepropageerd worden dat deze modellen jobs opleveren en leiden tot een moderne, sterke economie, met een florerende dienstenbranche.Daarop volgt het verwijt dat de werkgevers de Belgische lonen zouden willen doen zakken tot op het niveau van Thailand en Indonesië ?Dat verwijt is nonsensicaal. Het is niet omwille van het polariserende Amerikaanse systeem met zijn provocatieve topweddes en dompelaars in de goot, dat je de discussie in ons land moet simplifiëren. In België is de rigiditeit van de loonvorming te groot. Denk maar aan de automatische loonindexering. Die is totaal achterhaald omdat het daarom moeilijker is om de lonen op een meer individuele wijze te moduleren. Het Belgische arbeidsvoorwaardenbeleid refereert ook vandaag nog aan de industriële samenleving van de jaren zestig.De vrees blijft toch dat de lonen zullen vallen door de wereldwedijver ?We moeten naar creatieve oplossingen om de indirecte loonkosten van de Belgische ondernemingen te verlagen, want daar situeert zich het probleem hoofdzakelijk. Milton Friedman bepleitte in de jaren zestig de invoering van een negatieve inkomstenbelasting. Deze beschermt het individu en verlicht de last van de ondernemingen. Waarom kan bijvoorbeeld dit denkspoor niet opnieuw gevolgd worden ? Door meer netwerkende ondernemingen, kleinschalige ondernemingen, dienstenbedrijfjes, home office-initiatieven verandert het sociale onderhandelen fundamenteel ?Ja, de sociale onderhandelaars gaan vandaag voorbij aan de nieuwe werkelijkheid van mass customisation, wat de Nederlanders krom vertalen als massa-customisering. In mijn jeugd was er nog betrekkelijk veel maatwerk, één product voor één klant. Nadien kwam de massaproductie, één product voor alle klanten. Vandaag evolueren we door de information technology opnieuw naar één product voor één klant. Dat productiemodel individualiseert de arbeid in en buiten de klassieke onderneming en de loononderhandelingen moeten zich daarnaar richten. FRANS CROLS PHILIPPE NAERT (TILBURG INSTITUTE FOR ADVANCED STUDIES) De Belgische sociale onderhandelingen zijn een jaarlijks circus, waarvan de zin me ontgaat.