De auteur is correspondent van The Economist voor Midden- en Zuid-Amerika.
...

De auteur is correspondent van The Economist voor Midden- en Zuid-Amerika.In 2004 zette Latijns-Amerika zijn beste prestatie neer sinds 1997 (een groei van bijna 5 %). Krappere financieringsmogelijkheden en teleurstellende investeringsniveaus zullen het tempo in 2005 doen dalen. Zonder zware schokken moet de regio de komende jaren toch een gestage groei van zowat 4 % laten optekenen. Twee zaken schragen die veronderstelling: de razendsnelle toename van de vraag van India en China naar Latijns-Amerikaanse grondstoffen en het feit dat de economieën in de regio, berucht om hun wispelturigheid en hun broosheid, stilaan betere verdedigingsmechanismen ontwikkelen. Steviger exportcijfers, vlottende wisselkoersen en op de meeste plaatsen een strikter begrotingsbeleid beginnen de regio veerkrachtiger te maken. Maar een instorting in China of een scherpe stijging van de interesten in de VS kunnen de vooruitzichten voor 2005 vertroebelen. Een nog grotere bedreiging zou een plotse verslechtering van de financiële omstandigheden in Latijns-Amerika kunnen zijn. Dat zou de bezorgdheid over de houdbaarheid van het niveau van de openbare schuld in Brazilië, Colombia en andere landen doen toenemen. Tenzij er een snelle correctie optreedt, zullen de centrale banken ook het inflatiepeil scherp in de gaten moeten houden. Hoewel de regio zijn 'verloren half decennium' van 1998 tot 2002 achter zich gelaten heeft, moet er nog veel gebeuren om een duurzame groei te halen. Daarvoor zullen de regeringen harder moeten werken om de economie aan te zwengelen met hervormingen. Een grotere politieke voorspelbaarheid zou ook helpen. Van de grote twee in de regio lijkt Brazilië beter geplaatst dan Mexico om in 2005 vooruitgang te boeken met hervormingen. De regering van Luiz Imicio Lula da Silva zal veranderingen willen doorvoeren in de faillissements- en de arbeidswetgeving en ook maatregelen treffen om privé-investeringen aan te trekken voor infrastructuurprojecten. Ze zou ook kunnen streven naar een grotere onafhankelijkheid van de centrale bank. In Mexico zal de regering van Vicente Fox al van geluk mogen spreken als ze een minieme verandering door het geblokkeerde parlement kan krijgen. Overal in de regio zullen regeringen op zoek gaan naar economische groei om meer sociale uitgaven te kunnen verwezenlijken en hun populariteit op te krikken. Na de turbulente voorbije jaren zou het er nu in de politiek wat rustiger aan toe moeten gaan. Van alle grote landen staat alleen Chili voor presidentsverkiezingen. In alle andere, waaronder Brazilië en Mexico, zullen campagnes voor presidentsverkiezingen in 2006 de tweede helft van 2005 overschaduwen. In Argentinië zal de regering van Nestor Kirchner een belangrijke verkiezing voor het parlement betwisten in oktober. Die zal waarschijnlijk aantonen dat zijn positie binnen de regerende Peronistische beweging allesbehalve onaantastbaar is. Zelfs als zijn regering slaagt in haar poging om op eigen houtje de schulden te herschikken, blijft het onwaarschijnlijk dat Kirchner zijn populistische neiging om te bekvechten met het Internationaal Monetair Fonds en met buitenlandse investeerders zal laten varen. Door de ontzettende inkomensongelijkheid in Latijns-Amerika zal een groei van 4 % slechts geleidelijk de armoede kunnen terugdringen. Enkele landen zullen die evolutie willen versnellen met doelgerichte sociale programma's. Ook dan blijft de armoede koren op de molen van populistische would-be verlossers. Het meest agressieve gezicht van het Latijns-Amerikaanse populisme zal in 2005 eens te meer dat van Hugo Chavez van Venezuela zijn. Gesterkt door zijn populariteit en de hoge olieprijs, zal hij de rol van de staat in de economie binnenshuis trachten te versterken en tegelijkertijd pogen om de regio achter zijn 'Bolivarische revolutie' te scharen. Zijn voorbeeld zal interesse wekken in een ander olierijk land, Mexico. Op Argentinië en Mexico na, zullen de Andeslanden het andere grote strijdtoneel vormen tussen de liberale democraten en de populisten. Vooral Bolivia baart zorgen, waar politieke versnippering op de loer ligt. Zelfs een ernstige poging tot afscheuring van de minder arme oostelijke helft van het land is mogelijk. Zowel in Ecuador als in Peru zal de economische groei onpopulaire presidenten in staat stellen om vast te houden aan de macht. Intussen zouden presidentsverkiezingen in Nicaragua uitdraaien op een strijd tussen populistisch links en rechts, meer bepaald tussen de eeuwige Sandinistische kandidaat Daniel Ortega en de partij van Arnoldo Aleman, de gewezen president die nu in de gevangenis zit. De vooruitgang met de diverse regionale handelsakkoorden blijft fragmentarisch. In november 2005 moeten de leiders van het halfrond bijeenkomen in Buenos Aires voor de volgende top van de Amerika's. Misschien komen ze niet tot nieuwe akkoorden over handel en andere essentiële kwesties. Toch zullen ze zien dat de vooruitzichten voor democratie en ontwikkeling zonniger zijn dan in het recente verleden. Mike ReidHoewel de regio zijn 'verloren half decen-nium' van 1998 tot 2002 achter zich gelaten heeft, moet er nog veel gebeuren om een duurzame groei te halen.