Het verhoopte herstel zet door, en dat is een hele opluchting voor aandelenbeleggers. Dat laat ons ook toe het vooropgestelde scenario te volgen. Zoals we vorige week op deze pagina hebben geschreven, benutten we deze herstelbeweging om de portefeuille te evalueren en de zwakste schakels te verwijderen. De zwakste schakel in de voorbeeldportefeuille is Peabody Energy (lees ook p. 7). De veel forser dan verwachte daling van de energieprijzen heeft de financiële positie van die groep zo verzwakt, dat we er niet de trendommekeer mee willen maken. Vandaar het verkooporder.
...

Het verhoopte herstel zet door, en dat is een hele opluchting voor aandelenbeleggers. Dat laat ons ook toe het vooropgestelde scenario te volgen. Zoals we vorige week op deze pagina hebben geschreven, benutten we deze herstelbeweging om de portefeuille te evalueren en de zwakste schakels te verwijderen. De zwakste schakel in de voorbeeldportefeuille is Peabody Energy (lees ook p. 7). De veel forser dan verwachte daling van de energieprijzen heeft de financiële positie van die groep zo verzwakt, dat we er niet de trendommekeer mee willen maken. Vandaar het verkooporder. Ook de kapitaalverhoging van ArcelorMittal ligt ons zwaar op de maag. Het aandeel is daardoor een verkoopkandidaat geworden. We gaan geleidelijk te werk en leggen graduele verkooplimieten. Een forse koersstijging op korte termijn lijkt uitgesloten, gezien de aangekondigde kapitaalverhoging. In 2017 of later zijn er wel weer mogelijkheden met de wereldwijde staalgigant. Vandaag is de druk van de Chinese overcapaciteit in staal te groot. De jaarcijfers van Tessenderlo Group zorgen voor een hernieuwde interesse voor het aandeel. Met dank aan het zeer sterke vierde kwartaal (omzettoename met 17,7 %). Daarmee bevestigt Tessenderlo Group de sterke turn-around. De operationele resultaten zijn flink verbeterd. De vergelijkbare omzet is vorig jaar met 13,5 % gestegen, tot 1,59 miljard EUR. De vergelijkbare recurrente bedrijfskasstroom (rebitda, zonder uitzonderlijke elementen) klom met een fraaie 34,2 %, tot 180,4 miljoen EUR, wat een toename van de rebitda-marge van 9,4 naar 11,3 % inhoudt. De vergelijkbare recurrente bedrijfswinst (rebit) nam met 58,6 % toe, tot 104,4 miljoen EUR. Het nettoresultaat sprong 55 % hoger, naar 81,9 miljoen EUR. Opvallend blijft wel de dominantie van de agroafdeling in de groep (vooral de meststoffendochter Tessenderlo Kerley), zeker in het resultaat. Ze is goed voor 41 % van de omzet, maar vooral voor maar liefst 77 % van de rebitda en 110 % van de rebit door de verliescijfers in de afdeling bio-valorisatie (gelatine en Akiolis), die met -29,9 miljoen EUR rebit een groter verlies leed dan in 2014. Ondanks de beter dan verwachte cijfers en de rooskleurige vooruitzichten voor dit jaar (rebitda-groei van 15 à 20 %) wordt geen dividend over 2015 uitgekeerd. Voorlopig is er geen nieuw fusievoorstel voor de vorming van één Belgische industriële groep Picanol Tessenderlo Group. CEO en referentieaandeelhouder Luc Tack werkt aan een nieuw voorstel dat een aantal ontevreden Tessenderlo-aandeelhouders over de streep moet trekken. We blijven van oordeel dat, tegen gunstigere voorwaarden, de vorming van één industriële groep een goede zaak is voor de aandeelhouders van Tessenderlo. Tessenderlo Group blijft de komende jaren dan ook een basiswaarde voor de voorbeeldportefeuille. Het advies luidt, minstens tot de bekendmaking van nieuwe fusievoorwaarden, koopwaardig (rating 1B).