Het fenomeen werd ingefluisterd door de CO2-problematiek en de almaar hogere prijzen aan de pomp: downsizing. Auto's uitrusten met kleinere motoren opdat ze minder zouden verbruiken. Eerst kwamen de compacte middenklassers aan de beurt. Modellen als de Peugeot 307 of Volkswagen Golf die in het vooronder een turbodiesel van 1.6 liter kregen in plaats van de tweeliter waarmee ze al een decennium rondreden. En hoewel we deze en minstens nog een paar bladzijden kunnen vullen met de zin of onzin van downsizing (je kan perfect even zuinig...

Het fenomeen werd ingefluisterd door de CO2-problematiek en de almaar hogere prijzen aan de pomp: downsizing. Auto's uitrusten met kleinere motoren opdat ze minder zouden verbruiken. Eerst kwamen de compacte middenklassers aan de beurt. Modellen als de Peugeot 307 of Volkswagen Golf die in het vooronder een turbodiesel van 1.6 liter kregen in plaats van de tweeliter waarmee ze al een decennium rondreden. En hoewel we deze en minstens nog een paar bladzijden kunnen vullen met de zin of onzin van downsizing (je kan perfect even zuinig rijden met een turbodiesel van 2,2 liter, maar dan wel met een veel beter rijgevoel...), was er geen houden meer aan dit typisch Europese fenomeen. Dus volgden de grote middenklassers als de Ford Mondeo of Renault Laguna, en uiteindelijk zelfs limousines. De S-Klasse van Mercedes is misschien wel het meest tot de verbeelding sprekende voorbeeld, met zijn turbodiesel van 'amper' 2,1 liter. Vandaag gaat BMW nog een stapje verder. De Duitse constructeur rust de opgefriste Z4, een sportieve roadster met twee plaatsjes, uit met een viercilinder. Die komt in twee versies en vervangt de zescilinders van 2,5 (tot nu de 2.3i) en 3 liter (3.0i). Een zeer geslaagde vingeroefening die nog maar eens de vooruitgang onderstreept die de jongste jaren wordt gemaakt in de motortechnologie. De viercilinder van 2 liter, goed voor 184 pk (in België zal dat om fiscale redenen 163 pk zijn, kwestie van afstelling...), levert minstens evenveel rijplezier als zijn grotere voorganger. 184 pk is wel iets minder dan de 205 van de vroegere zescilinder, maar veel belangrijker voor de prestaties en het rijgevoel van een auto is het maximale koppel: noem dat gerust de trekkracht van de auto, of de kracht die hij levert wanneer je accelereert vanuit lage snelheid. Dat maximale koppel is niet alleen groter geworden (270 Nm in plaats van 250), maar BMW is er ook in geslaagd het beschikbaar te houden van 1250 tot 4500 toeren. Anders gesteld: je moet niet hoog in de toeren gaan om stuwkracht te krijgen. Het zijn indrukwekkende cijfers die tot voor kort alleen mogelijk waren in de betere dieselmotoren, en zorgen voor een bijzonder soepel rijgevoel. En voor wie nog meer power wil, is er de versie 2.8i van de nieuwe viercilinder, opgepept tot een indrukwekkende 245 pk. Het enige dat je inlevert, is de romige akoestiek van de zescilinder. Maar ook daar past BMW een mouw aan: het zachte maar onmiskenbare gesuis van de turbo als je accelereert, en het gebrom van de uitlaat als je gas lost, zorgen voor een heel leuke klank. Motor: 2.0 liter benzine met turbo 163 pk of 120 kW Max. koppel: 270 Nm bij 1250 tot 4500 toeren Acceleratie 0-100 Km/u: in 6,9 seconden Topsnelheid: 235 km/u Normverbruik: gemiddeld 6,8 liter CO2-uitstoot bij normverbruik: 159 gram/km Instapprijs: 36.300 euro onverminderd rijplezierminder romige motorklankJO BOSSUYT