Wie een verhoogde bloeddruk heeft, loopt in vergelijking met mensen met een normale bloeddruk meer risico om getroffen te worden door een hartinfarct, hartfalen of een beroerte. Daarom is het belangrijk regelmatig uw bloeddruk te laten meten, zodat zo vroeg mogelijk maatregelen kunnen worden genomen.
...

Wie een verhoogde bloeddruk heeft, loopt in vergelijking met mensen met een normale bloeddruk meer risico om getroffen te worden door een hartinfarct, hartfalen of een beroerte. Daarom is het belangrijk regelmatig uw bloeddruk te laten meten, zodat zo vroeg mogelijk maatregelen kunnen worden genomen. Een hoge bloeddruk voelt een mens immers meestal niet. Het fenomeen kent vaak jarenlang een onopvallend en sluimerend verloop zonder specifieke ziektetekens. Soms zijn er vage klachten, zoals duizeligheid, vermoeidheid of hoofdpijn. De bloeddruk wordt uitgedrukt in millimeter kwik (mmHg). Het is de druk die wordt uitgeoefend op de binnenkant van de bloedvatwand. De druk is laag wanneer de hartspier ontspannen is, en hoger wanneer het hart samentrekt. Daarom onderscheidt men een onderdruk en een bovendruk. Een normale onderdruk is lager dan of gelijk aan 90 mmHg en een normale bovendruk lager dan of gelijk aan 140 mmHg. Gewoonlijk zet een arts de cijfers om in centimeter kwik. Een bloeddruk van 120 bovendruk en 70 onderdruk wordt dan 12 over 7. Hoe actiever we bezig zijn, hoe meer zuurstof we nodig hebben. Om aan die wisselende behoeftes tegemoet te komen, moet de bloedstroom en ook de bloeddruk zich onophoudelijk aanpassen. De bloeddruk is dus niet altijd dezelfde. Tijdens het werk, tijdens het sporten, bij emotionele spanningen of stress verhoogt de bloeddruk. Bij rust of slaap is hij aanzienlijk lager. In de vroege ochtend, nog voor het ontwaken, beginnen de drukken te stijgen. De bloeddruk bereikt zijn hoogste niveau tegen de middag en neemt een duikje kort na de middag. We komen dan in een dipje, dat overigens heel goed voelbaar is als je moe aan je dag begint. Tegen de avond aan, vooral na het beëindigen van de dagtaak, daalt de bloeddruk. Deze daling gaat versneld door tijdens de eerste uren van de nacht, om een minimum te bereiken in het midden van de nacht. De bloeddruk volgt dus onze activiteiten. Bij arbeiders die in ploegen werken, passen de drukken zich binnen de twee dagen aan aan het gewijzigde arbeidsritme. Bij veel mensen treedt er een tijdelijke verhoging op van de bloeddruk op het moment dat deze door de arts of een verpleger wordt gemeten. Metingen in een consultatieruimte geven daardoor een vertekend beeld. Dit 'wittejaseffect' kan vermeden worden door de bloeddruk meerdere malen na elkaar, met korte tussenpauzes, te laten meten door eenzelfde persoon. De ervaring leert dat dit een aanzienlijke bloeddrukdaling kan opleveren. Een hoge bloeddruk kan goed worden behandeld door het aanpassen van bepaalde leefgewoonten, eventueel in combinatie met geneesmiddelen. Bij mensen met een lichte overdruk volstaan meestal de volgende maatregelen: voldoende lichaamsbeweging, vermageren bij overgewicht, beperking van het zoutgebruik, stoppen met roken en vermijden van overmatige alcoholconsumptie. Hebben deze maatregelen na enkele maanden niet het gewenste effect, dan worden ze aangevuld met medicijnen. Er bestaat een groot aantal bloeddrukverlagende middelen die inwerken op één of meerdere factoren die de bloeddruk bepalen. Waterafdrijvende middelen (plaspillen) verminderen het bloedvolume, bètablokkers vertragen het hartritme en verminderen de samentrekkingskracht van het hart en vaatverwijders ontspannen de bloedvaten. Hoge bloeddruk vergt meestal een langdurige en soms levenslange behandeling. Maar zodra de bloeddruk weer onder controle is, al dan niet met medicijnen, normaliseert het risico op hartkwalen. Marleen Finoulst