H arley-Davidson verraste midden 2001 de goegemeente met de gedurfde V-Rod. Gedurfd omdat de machine anders is dan de motoren die het merk zo populair heeft gemaakt. Harleys zijn immers motoren met een klassiek design. De V-twins van nu zijn maar in details verschillend van hun voorlopers uit de jaren zeventig. Technisch zijn ze overigens wel sterk geëvolueerd, maar die aanpassingen zitten in de mechaniek en zijn aan het oog onttrokken.
...

H arley-Davidson verraste midden 2001 de goegemeente met de gedurfde V-Rod. Gedurfd omdat de machine anders is dan de motoren die het merk zo populair heeft gemaakt. Harleys zijn immers motoren met een klassiek design. De V-twins van nu zijn maar in details verschillend van hun voorlopers uit de jaren zeventig. Technisch zijn ze overigens wel sterk geëvolueerd, maar die aanpassingen zitten in de mechaniek en zijn aan het oog onttrokken. Met zijn V-Rod wil Harley zijn koperspubliek verbreden. Er is immers zowel bij Harley- als bij niet-Harleyrijders een vraag naar motoren met méér vermogen. Wat het motorblok betreft, is de Amerikaanse producent trouw gebleven aan het basisprincipe van de V-twin. Voor de rest is alles anders. Het motorblok is vloeistofgekoeld, heeft minder cc's (1130 tegenover 1449 bij de klassieke Harley) maar flink wat meer pk's (115 bij 8250 toeren per minuut tegenover 67 bij 5200 toeren). Het blok was oorspronkelijk bestemd voor een racemotor en leverde als 1000 cc'er 150 pk. In samenwerking met Porsche heeft Harley het aantal pk's teruggebracht tot normalere waarden voor straatgebruik. Tegelijk vergrootte de motorproducent de cilinderinhoud. De V-Rod is inderdaad een motor die veel toeren mag maken en die potent is. Dat blijkt uit de verkeerslichtsprintjes waarin je menig ander voertuig (ook motoren) te snel af bent. Maar tegelijk vormt het blok ook het 'probleem' van deze Harley. De motorfiets die immers rond dat blok is gebouwd, blijft een custom. Dat betekent dus een lage zit, korte achterveerelementen, ver vooruit gemonteerde voetsteunen en rem- en schakelpedalen. Kortom, een onderuitgezakte zitpositie voor rustig toeren. De sterke motor leent zich niet voor rustig rijden, maar smeekt bijna om fors te worden doorgehaald. Het resultaat is dat je bij snelheden boven de 120 kilometer per uur vol in de wind zit (er is geen enkele windbescherming) en dat de motor minder precies stuurt. De lange voorvork is daar ook debet aan. De dichte wielen maken de V-Rod nog eens extra zijwindgevoelig. De zit is niet helemaal prettig. De dummy-tank is niet gemaakt om je knieën tegen te leggen. Wil je dat doen, dan zitten je gewrichten pijnlijk tegen de ronde framebuizen onder de 'tank'. De benzinevoorraad (slechts vijftien liter) bevindt zich onder het zadel. Voor de berijder is dat zadel ruim bemeten, maar de duopassagier moet het met een klein kussentje doen. Bovendien zijn de voetsteunen voor de 'achteropzitter' rechtstreeks op de achtervork gemonteerd. Dat maakt dat je elke oneffenheid in de weg meteen voelt. Tenslotte het geluid. Harley-Davidsons hebben van oudsher een speciale sound, zo uniek dat de fabriek er een patent op wilde nemen. De V-Rod produceert een heel ander geluid, een doffe roffel. Wel mooi, maar voor de puristen onder de Harley-horde wellicht niet the real thing. Ad van Poppel [{ssquf}]