Het is drummen op de markt van de vrijgevigheid. Professionalisering dringt zich dan ook op. Het NCOS en Welzijnszorg als voorbeelden.
...

Het is drummen op de markt van de vrijgevigheid. Professionalisering dringt zich dan ook op. Het NCOS en Welzijnszorg als voorbeelden.Elk jaar staat de maand november in het teken van de 11.11.11-actie van het Nationaal Centrum voor Ontwikkelingssamenwerking (NCOS), en in de Adventperiode houdt de Kerk haar jaarlijkse Welzijnszorg-actie. Unicef is traditioneel actief met wenskaarten, Amnesty International vraagt aandacht én geld, Handicap International legt de nadruk op het "recht op leven". De markt van de vrijgevigheid raakt vol. "Sinds wij begonnen zijn, zowat dertig jaar geleden, is het aantal organisaties die fiscale attesten mogen afleveren gestegen tot meer dan 700," zegt Marleen Vos, die bij het NCOS verantwoordelijk is voor de campagnes. "Ik weet niet precies hoeveel er dat toen waren, misschien een twintigtal. In de jaren tachtig is er een boom geweest. Dat was de periode waarin Greenpeace, Artsen zonder Grenzen, Amnesty International en Plan International opkwamen. Er zijn ook nieuwe organisaties bijgekomen : Piloten zonder Grenzen, Kom op tegen Kanker. Je kunt er zeker van zijn dat het druk wordt op die markt. We moeten de koek met velen delen. Waar ligt het saturatiepunt ? Dat is moeilijk te bepalen." Er is een tweedeling te maken : er zijn de straatacties en de acties om de "grote gevers" te interesseren. Marleen Vos : "De grote giften maken een beperkt deel uit. Hooguit een miljoen Vlamingen geven minstens 1000 frank ( nvdr goed voor een fiscaal attest), en op die groep mikken wij ook." Dat doet niet alleen het NCOS. Er kan een profiel van de "gulle gever" geschetst worden, en dat is voor vrijwel iedere organisatie hetzelfde : de wat oudere, in goeden doen zijnde Vlaming. Jongeren willen wel, maar kunnen niet altijd veel geld vrijmaken om een goed doel te steunen : ze zijn zich nog aan het installeren, hebben financiële verplichtingen. Zij vormen de groep die de straatacties tot een succes moet maken via een kleine bijdrage. DRAAGVLAK.In 1995 zat het NCOS 4 % onder de opbrengst van het jaar tevoren. Marleen Vos stipt aan dat men vooral bij de straatactie last heeft gehad van de ABOS-affaire. Veel mensen maken niet het onderscheid tussen de overheid en de niet-gouvernementele organisaties. Bovendien zat men ook met het probleem dat de communicatie rond de 11.11.11-actie de laatste jaren niet altijd even duidelijk was. Het ging om politiek-economische aspecten, en volgens Vos kon een deel van het publiek die niet goed volgen. "Je hebt het dan over structuren, de GATT, de Wereldbank,... We gaven het reclamebureau een briefing die gebaseerd was op die politiek-economische problemen, maar we ondervonden dat niet iedereen mee was terwijl we toch een zo breed mogelijk draagvlak willen voor internationale solidariteit. Sommige mensen zal je nooit bereiken ; voor de rest moet je een lage drempel hanteren. We willen nog altijd onze boodschap verkondigen dat armoede geen toeval is, maar veroorzaakt wordt door kromme politiek-economische verhoudingen. Het gaat ons om een rechtvaardige verdeling."Dit jaar is men in de communicatie terug naar de bron gegaan. De campagne bestaat uit meer traditionele, bijna clichématige beelden uit de ontwikkelingslanden. Het campagne-thema luidt : "Gelooft u in een leven vóór de dood ?"MAILINGS.De 11.11.11-actie is voor het NCOS niet het enige middel om fondsen te verzamelen. Het is ook een belangrijk wervingsmoment voor de andere activiteiten van het NCOS, zoals het Wereldpartnerplan en het in mei opgestarte Zij-aan-zij (gericht op de internationale solidariteit onder vrouwen). Via de straatactie (de verkoop van wenskaarten) verzamelt men ook adressen die in de loop van het jaar nog eens worden aangeschreven. Men probeert die mensen dan te interesseren voor de andere projecten. Niet iedereen krijgt echter dergelijke mailings. Marleen Vos : "Een aantal wil alleen geven tijdens 11.11.11 ; dan is het onnodig te investeren om die groep gedurende het jaar te bereiken. Trouwe schenkers, dit wil zeggen mensen die verschillende keren per jaar geld geven of al langer donateur zijn, krijgen nog eens een mailing."In 1995 zat men aan een totaal van 173 miljoen frank, waarvan 87 miljoen via de traditionele straatactie. Dat is nog altijd de basis voor het geheel. Uit gemeentelijke en provinciale toelagen haalde men respectievelijk 25 en 18 miljoen. De mailings ( NCOS-Direct) gedurende het jaar waren goed voor 27,65 miljoen ; het Wereldpartnerplan zorgt voor 12,3 miljoen. Andere giften brachten het NCOS nog eens bijna 3 miljoen op. De stijging zat vooral bij de gemeentelijke en provinciale toelagen. Op het vlak van het grote publiek is er alleen bij NCOS-Direct een lichte stijging te constateren. COLLECTE.Ook een organisatie als Welzijnszorg, die afhangt van de Kerk, haalt meer en meer geld uit de markt via mailing-acties. Welzijnszorg heeft dit jaar als campagne-thema "Armoede uitsluiten : een toekomst voor elk kind", en richt zich op het armoedeprobleem in eigen land. De collecte op de derde zondag van de Advent gaat nog altijd naar Welzijnszorg. De laatste tien jaar is de opbrengst daarvan vrijwel gelijk gebleven : in 1985 haalde men 23 miljoen frank op, vorig jaar zat er 25,8 miljoen in de mandjes. Het topjaar voor Welzijnszorg was 1992, met 28,7 miljoen.De totale opbrengst is in die periode verdubbeld van 31 naar 60 miljoen. De groei komt vooral uit de zogenaamde jaargiften en de campagnegiften. De jaargiften stegen van 3 naar 13 miljoen, de campagnegiften van 4 naar 20 miljoen. Nieuw is de verkoop van kaarsen, vorig jaar goed voor bijna een miljoen frank.Marc Heleven, verantwoordelijk voor de communicatie bij Welzijnszorg, zegt dat de collecte nog maar 40 % van het geheel uitmaakt. "Ons probleem is dat december het hoogtepunt is en dat die maand voor 80 % van de inkomsten zorgt. Dat is een onveilige situatie. De campagne kan tegenvallen omwille van de boodschap, maar we schuwen de moeilijke thema's niet." Welzijnszorg is de laatste jaren hard aan het werken om de giften buiten de collecteschaal te verhogen. In het verleden had men wel een adressenbestand, maar daar viel niet veel mee te doen op het vlak van segmentatie. Twee jaar geleden schakelde men over op een database-programma, waarmee men meer correcte informatie over de schenkers kan bijhouden en een veel betere segmentatie kan doorvoeren. Mailings gaan naar de schenkers van de laatste drie jaar. Ook richt men zich op andere bestanden, waarvan een kleine selectie wordt aangeschreven. Via de kerken haalt men wel nieuwe adressen op.Men is de laatste jaren ook actiever met het verspreiden van overschrijvingsformulieren. Aan de envelop, die gebruikt kan worden voor de collecte, is zo'n overschrijving gehecht. De massafolder is ook voorzien van een dergelijk formulier. Toen de voorjaarsmailing gekoppeld werd aan het versturen van de fiscale attesten, haalde men een ruimere opbrengst : er was sprake van een verdubbeling.MEDIA.Belangrijk voor de organisaties is de communicatie rond het thema tijdens de actieperiode. Tot vorig jaar zette het NCOS in de 11.11.11-periode posters op betonblokken in de straten, maar nu laat men dat achterwege. "We vragen aan de gemeenten onze posters op te hangen en we gaan naar de officiële affichagenetten," zegt Marleen Vos. "Die betonblokken waren niet slecht, maar er kwam meer en meer vandalisme. We kregen veel klachten, en dat deed ons imago geen goed." Het NCOS heeft nu gratis affichagepanelen kunnen vastkrijgen ; alleen de kosten voor het aanplakken moet men betalen.De andere media worden ook ingeschakeld om zoveel mogelijk gratis ruimte te krijgen. De kranten hebben een regel dat vzw's een eenmalige gratis plaatsing van een kwart pagina krijgen. Voor de rest moet betaald worden, al rekent men niet het volle tarief aan. De magazines geven dergelijke organisaties 50 % korting. Bij de BRTN kan het NCOS nog gratis terecht ; VTM hanteert ook de 50 %-korting. Marleen Vos : "Toch gaan we wel op VTM, want die zender heeft een groot publiek dat niet noodzakelijk ook naar de BRTN kijkt. Je mag die groep niet links laten liggen." Vorig jaar kwamen de campagnekosten op 22 miljoen frank. Daarin zitten ook de lonen van de medewerkers, verzekeringspremies voor de vrijwilligers die langs de huizen gaan, de kosten voor de mediaruimte en voor het drukken van wenskaarten en affiches.Welzijnszorg kan naast de traditionele media (al dan niet gratis) ook gebruik maken van het parochiale netwerk om tamtam te maken rond de actie. Elk jaar verspreidt men wervingsmateriaal onder de vrijwilligers, en de affiches worden ook in en rond de kerken gehangen. Ook de groepen die dichtbij de kerk zitten (jeugdbewegingen, catechesewerking, KAV) worden voorzien van speciaal materiaal.Het NCOS werkt met reclamebureau VVL/BBDO ; Welzijnszorg doet tot op heden alles zelf en maakt dit jaar gebruik van een soort stripfiguur, die in alle uitingen terugkomt. Marc Heleven vindt dat sommige organisaties te snel naar een reclamebureau stappen. "Het vraagt doordenken, creativiteit. Als ik sommige affiches zie die door een reclamebureau gemaakt zijn, dan vraag ik mij af of dat effectief is en of het nog wel past in de rest van die organisatie." AD VAN POPPEL MARLEEN VOS (NCOS, 11.11.11) We willen een zo breed mogelijk draagvlak voor internationale solidariteit. MARC HELEVEN (WELZIJNSZORG) December is het hoogtepunt ; die maand zorgt voor 80 % van de inkomsten.