Al maakt hij dan boterdessertkoekjes en gelegenheidsgebak, voor een stap in het onbekende is Jan Declercq (29j.), zaakvoerder van Biscuit-Line in Zwevegem bij Kortrijk, nooit te bang. Zo ontwerpt hij nu, samen met een Gentse ondernemer, een groenkleurig koekje. Het bijzonderste aan het koekje is echter het zoetmakende ingrediënt: fijngemalen blaadjes van een plant, de Stevia. "Vandaar de groene kleur," zegt Jan Declercq. Hij heeft nog wel meer van dat soort projecten lopen, "maatwerk" zoals hij het noemt. Zo werkt hij, samen met een arts gespecialiseerd in suikerziekte, aan koekjes met het suikervervangende maltitol, die eind dit jaar marktklaar moeten zijn. Kortom, een koekjesbakker die mee is met zijn tijd, en daarom hebben de Jonge Cowboys, een groep Zuidwest-Vlaamse bedrijfsleiders, hem de Gouden Lasso '98 toegekend,...

Al maakt hij dan boterdessertkoekjes en gelegenheidsgebak, voor een stap in het onbekende is Jan Declercq (29j.), zaakvoerder van Biscuit-Line in Zwevegem bij Kortrijk, nooit te bang. Zo ontwerpt hij nu, samen met een Gentse ondernemer, een groenkleurig koekje. Het bijzonderste aan het koekje is echter het zoetmakende ingrediënt: fijngemalen blaadjes van een plant, de Stevia. "Vandaar de groene kleur," zegt Jan Declercq. Hij heeft nog wel meer van dat soort projecten lopen, "maatwerk" zoals hij het noemt. Zo werkt hij, samen met een arts gespecialiseerd in suikerziekte, aan koekjes met het suikervervangende maltitol, die eind dit jaar marktklaar moeten zijn. Kortom, een koekjesbakker die mee is met zijn tijd, en daarom hebben de Jonge Cowboys, een groep Zuidwest-Vlaamse bedrijfsleiders, hem de Gouden Lasso '98 toegekend, een prijs voor ondernemerschap. EERSTE STAPPEN.Na zijn opleiding banketbakker in Brugge, liep de uit Kuurne afkomstige Declercq stage bij onder meer patissier Wittamer aan de Brusselse Zavel. "In de branche van de fijne banketwaren is dit één van de meest gerenommeerde huizen van Europa," aldus Declercq. Daarna, in 1991, hielp hij een vriend met het opstarten van een patisserie in Waregem. "Daar zag ik dat er brood zat in de dessertkoekjes. We kwamen overeen dat ik na de werkuren het atelier mocht gebruiken voor eigen producten die ik verkocht aan bakkerijen, confiseries en chocolaterieën. In 1993 koos ik voor een eigen zaak in Zwevegem: een atelier met een kleine heteluchtoven en een aanpalend winkeltje voor particuliere klanten. Die konden mij vanuit het winkeltje zien werken in het atelier. Dat was een gouden zet: de klanten gaven me ongezouten kritiek of suggesties inzake recepten of productafwerking. Die feedback deed ook mijn gelegenheidsgebak ontstaan. Klanten vroegen: Kun je iets doen rond de aanvang van het schooljaar? Ik maakte dan maar gebak in de vorm van leien, waarop kinderen in de klas vroeger leerden schrijven. Algauw volgde moederdag- en vaderdaggebak, paasgebak, en zo meer." De klanten van Biscuit-Line wonen voor het merendeel op de as Kortrijk-Brugge-Oostende-Knokke. Declercq heeft twee mensen in dienst. Zijn vrouw Machteld Cosaert, die een kapperszaak heeft, springt bij. Doorheen de jaren stapelden de investeringen zich op. In 1995 kocht Declercq een nieuwe oven, een jaar later nam hij de machines, de klanten en de recepten over van een Brussels bedrijf dat meringue maakte, de basis voor het gebakje merveilleux. "Dat betekende extra afzet: aan de bakkers die de meringue afnamen, konden wij nu ook onze dessertkoekjes aanbieden." Eind vorig jaar kocht Declercq het recept en het geregistreerde patent op het Assekoekje. Dit kruidige koekje werd voor het eerst gebakken in 1704 door Jean-Baptiste Lahouse, een bakker uit het Vlaams-Brabantse Asse, om de reizigers van de postkoets te lijmen, die vlakbij zijn winkel stopte. Het Assekoekje groeide uit tot een lokaal begrip en kreeg nationale en internationale prijzen. Declercq wil het koekje nu positioneren als delicatesse en verkopen in de betere traiteurzaken, confiseries en chocolaterieën. "Een aanbod van grootdistributeur GB voor de verdeling van de Assekoekjes wees ik af: als je te grote volumes produceert, moet je snoeien in de kwaliteit en versmalt je winstmarge." GEEN VREEMD KAPITAAL.Bedragen wil Declercq op al die investeringen niet plakken, maar ze kostten Biscuit-Line veel geld: afschrijvingen en leninglasten zorgden ervoor dat de winst in '94 en in '97 negatief uitdraaide (zie cijfertabel). Het overgedragen verlies zorgde vorig jaar zelfs voor een negatief eigen vermogen. Gelukkig bleef al die tijd de cashflow positief, maar Declercq beseft dat hij iets zal moeten doen. "Waarschijnlijk wordt het een persoonlijke kapitaalinjectie met borgstelling. De inbreng van vreemd kapitaal zou ik jammer vinden. We deden het allemaal op eigen houtje. Net nu voor ons de deuren opengaan - we hebben contacten in Portugal en Hongkong, een eerste halve pallet Assekoekjes is onderweg naar Canada - zou het jammer zijn aandelen weg te geven waarvan de waarde sterk zal stijgen de komende jaren."De rode cijfers doen volgens Declercq de werkelijke prestaties en het potentieel van zijn bedrijf onrecht aan. "Een negatieve balans is geen drama. De omzet is sinds 1994 elk jaar met 30% gegroeid, voor 1998 zullen we op 50% uitkomen. Door overnames en investeringen hebben we een industriële capaciteit opgebouwd, maar voor een klein bedrijf - met een omzet van 8 miljoen in 1997 - is dat zwaar om dragen. Anderzijds is die grote capaciteit een noodzakelijk kwaad: als je begint te exporteren en je kunt niet volgen, is het allemaal verloren moeite geweest."JVG