Het was weer prijs deze week: twee interviews in de weekendkrant over transitie, een trans-Atlantische brug tussen de vennootschap en de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA en twee regels tekst over mijn onbegrip voor de loonkostendiscussie. Het gevolg: twee loeiers van koppen en een deel van ondernemend Vlaanderen in het harnas gejaagd. Vanuit mijn standpunt zijn loonkosten een marginaal gegeven. We ontwikkelen namelijk technologieën die hun toepassingsgebied kennen in hogelonenlanden en waarbij we gaan voor de meest efficiënte benutting van natuurlijke rijkdommen, energie en menselijk kapitaal.
...

Het was weer prijs deze week: twee interviews in de weekendkrant over transitie, een trans-Atlantische brug tussen de vennootschap en de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA en twee regels tekst over mijn onbegrip voor de loonkostendiscussie. Het gevolg: twee loeiers van koppen en een deel van ondernemend Vlaanderen in het harnas gejaagd. Vanuit mijn standpunt zijn loonkosten een marginaal gegeven. We ontwikkelen namelijk technologieën die hun toepassingsgebied kennen in hogelonenlanden en waarbij we gaan voor de meest efficiënte benutting van natuurlijke rijkdommen, energie en menselijk kapitaal. Loonkosten marginaal noemen, kan in dit land leiden tot een kortstondig maar intens verblijf op de brandstapel. Daarom -- en omdat ik door mijn tengere gestalte waarschijnlijk voor weinig 'vuur' zal zorgen -- deze verduidelijking. Ik beschouw loonkosten niet als nettoloon plus een extra bedrag dat via herverdeling de gemeenschap smeert. Ik beschouw ze als een waardemeter voor onze algemene welvaart. We zijn in het beste geval een derde van ons leven beschikbaar voor de economie. Tijdens dat derde moeten we voldoende waarde creëren om die andere twee delen ondersteund te worden. Dat is eenvoudigweg hoe onze samenleving zichzelf financiert. Om de motor op gang te houden, en om de man in de straat het gevoel te geven dat hij rijker wordt, hebben we inflatie gecreëerd. Dat is, samen met de index, een krachtig instrument om over generaties heen onze welvaart te beheren en ons budget daarop af te stemmen. Iedereen herinnert zich nog de naoorlogse periode en de opgang van de babyboomgeneratie. Hoe meer zieltjes op aarde, hoe groter de noodzaak van economische groei. Jaren hebben we in die logica geleefd. Maar de vruchten van de babyboomgeneratie zijn veel minder productief, althans uit een internationaal perspectief. Combineer dat met de verleiding van quick wins in opkomende markten en je krijgt een bijzonder giftige, maar onomkeerbare cocktail. Zonder internationale handel door export en/of financiële returns uit vermogen blijft er van een groeiverhaal niets over. Problemen hebben we in ons Belgenland niet. We prijken steevast op de topposities wanneer het over 'waarde' gaat; enkel op 'geluk' zakken we wat weg, naar 't schijnt is dat onze natuur. Groeien zonder financiële meerwaarde is mogelijk wanneer we de meetpunten wijzigen: meer geld is niet per definitie gelijk aan meer geluk. Dat zou betekenen dat we in de komende dertig jaar financiële waardevermindering als groeiverhaal moeten zien. Meer vrijgekomen middelen zullen via erfenis en vermogensoverdracht toekomen aan een almaar kleinere groep, wat ons individueel rijker maakt. Daardoor ontstaan investeringsmogelijkheden, die weliswaar significant in waarde verminderen wanneer de babyboomer in kwestie de gemiddelde levensverwachting haalt en wanneer blijkt dat zijn onroerend vermogen aangetast wordt door de impact van de klimaatverandering en de wooncultuur van de hedendaagse gebruikers. Er ontstaan nieuwe zakenmodellen en mooie kansen voor onze zeer gediversifieerde samenleving. Dat betekent dat de verkopende en de ervende partijen zich het best concentreren op datgene wat hun waarde -- roerend en onroerend -- maximaliseert. En dat zal in grote mate bepaald worden door de drive en het enthousiasme waarmee de nieuwe generatie in dit land zal leven en ondernemen. Want geef nu toe, zijn we in de voorbije jaren niet afgedwaald naar een samenleving waar gemiddelde performance de norm is, terwijl we allemaal stiekem hopen dat er straks mensen opstaan die technologisch, maatschappelijk en menselijk kwantumsprongen doen en daarmee onze welvaart veiligstellen? Enthousiasme gaat gepaard met verrijken -- intellectueel, spiritueel en financieel. Onze welvaart veiligstellen kan het best door vooral diversiteit te omarmen en de samenleving correct in te schatten, en daarbij hebben we een fijne groep jeugdig enthousiasme beschikbaar. Deze generatie staat te popelen om uit de startblokken te schieten. Wat hebben ze daarvoor nodig? Jullie steun, respect en vertrouwen. En dan komt het finaal ook met de loonkosten goed. De auteur is CEO van Melotte en oprichter van Innocrowd.MARIO FLEURINCKHopen we niet allemaal stiekem dat er straks mensen opstaan die kwantumsprongen doen en daarmee onze welvaart veiligstellen?