De auteur is voorzitter van de Vlaamse investeringsmaatschappij Gimv.
...

De auteur is voorzitter van de Vlaamse investeringsmaatschappij Gimv. De economie is weer een onderwerp voor debat. Dat is althans mijn conclusie als ik terugkijk op het voorbije jaar. Loonkosten, werkgelegenheid, ondernemerschap en fiscaliteit werden uitvoerig op het beleidsniveau besproken. Dit zijn allemaal belangrijke onderwerpen met een grote actualiteitswaarde. Maar ik vrees dat ook het voorbije jaar een fundamenteel economisch probleem van Vlaanderen weer onvoldoende aan de orde gekomen is. Als je terugblikt op de laatste twee decennia, blijkt dat de trendlijn van de economische groei dalend is. Opmerkelijk is dat er in de periode 1995-2000 in veel landen een duidelijke opstoot in de economische groei was. Dit was minder het geval in Vlaanderen. Economische groei gaat over de jaarlijkse stijging van de waarde van de goederen en diensten die wij in Vlaanderen produceren. Simpel gesteld gaat het over de groei van het inkomen dat wij met zijn allen in Vlaanderen kunnen verdienen door de inzet van onze arbeid, kennis en kapitaal. Als ik de cijfers over de economische groei sinds 1976 naast elkaar zet, zie ik een dalende trend. Het is niet heel uitgesproken, maar het is onmiskenbaar een dalende lijn. We zakken op lange termijn van een gemiddelde van 3 % naar 2 %. Sommigen zeggen dat zo'n daling niets voorstelt, niet belangrijk genoeg is om aandacht aan te schenken. Zij vergissen zich. Het effect op lange termijn is heel groot. Stel je voor dat je 100 euro tien jaar laat groeien tegen 2 %. Dan krijg je iets meer dan 121 euro. Laat je hetzelfde bedrag groeien tegen 3 %, dan krijg je meer dan 134 euro. Een derde meer, dat is geen klein bier voor de Vlaamse economie. Kleine verschillen in groeivoeten hebben een grote invloed voor de welvaart op lange termijn. Herhaaldelijk hoor ik twijfels over de noodzaak om te groeien. We zijn al zo welstellend - een van de rijkere streken in Europa, zo stellen recente cijfers -, waarom moet het nog meer? Beeld u eens even in hoe onze welvaart er vandaag zou uitzien als we in de jaren zestig beslist hadden dat Vlaanderen al genoeg welvaart had en wij niet meer zouden groeien. Er zijn misschien wel Vlamingen die willen terugkeren naar het inkomensniveau van de jaren zestig, maar een grote groep zal dat niet willen, vermoed ik. Wat ook vaak vergeten wordt, is dat groei noodzakelijk is om de generatiekloof te dichten. De generatie boven de vijftig wil doorgaans niet meer groeien, omdat ze alles heeft. Een groot deel van de "tevreden generatie" is zogezegd binnen en voldaan. Maar de jonge generatie wil vooruit om het inkomensniveau van de ouderen te evenaren. De tevreden generatie laten behouden wat zij heeft en de jonge generatie laten verwerven wat zij hoopt, kan alleen maar als de economie groeit. Hoe hoger het welvaartsniveau, hoe hoger de eisen die gesteld worden aan de collectieve voorzieningen op het gebied van welzijn en verzorging. Dat is terecht. Maar de collectieve sector kan slechts op twee manieren groeien: ofwel eisen de collectieve voorzieningen een groter deel van het inkomen dat Vlaanderen vandaag verdient, ofwel behouden zij hetzelfde aandeel en groeit de Vlaamse economie. In de toekomst zie ik geen ruimte om het aandeel van het Vlaamse inkomen dat naar collectieve voorzieningen gaat te laten toenemen. De noodzakelijke extra middelen voor voorzieningen kunnen dus alleen maar komen van economische groei. Het sterkste argument tegen economische groei komt meestal van de milieuactivisten. Zij gaan ervan uit dat meer groei meer vervuiling betekent. In het verleden was dat zeker het geval. Maar vandaag betekent meer economische groei zeker niet meer schoorstenen. Toekomstige economische groei zal meer gedragen worden door intangibles (de niet grijpbare, kennisgedreven activiteiten) dan door de tangibles (de ruimte- en milieuverslindende activiteiten van het verleden). Er is nog een andere reden waarom groei belangrijk is. Wie wil er leven in een maatschappij waarin niets verandert, waarin jaar na jaar dezelfde producten en diensten op dezelfde manier geproduceerd worden, waar wij telkens dezelfde boeken lezen, hetzelfde eten, ons op dezelfde manier kleden en op dezelfde manier communiceren? Verandering kan alleen maar met groei. Economische groei is belangrijk voor Vlaanderen. Waarom is er dan geen groot maatschappelijk debat over het aanzwengelen van de groei? Is het misschien omdat de instrumenten om groei op lange termijn weer op gang te brengen niet bekend zijn? Na het baanbrekende onderzoekswerk dat Harvard-econoom Dale W. Jorgenson de laatste vijf jaar gedaan heeft kan er nauwelijks nog twijfel bestaan over de belangrijkste bron voor economische groei: investeringen in nieuwe technologieën. De beleidsaanpak is dan ook bekend, maar de moeilijkheid lijkt mij dat er geen maatschappelijke consensus is over de noodzaak om economische groei op lange termijn te bevorderen. Dat is de beleidsparadox: de maatregelen om economische groei te bevorderen zijn bekend, maar ze zijn moeilijk uit te voeren omdat er geen consensus is over de noodzaak van de groei. Het is alleen maar als wij in Vlaanderen het allemaal weer eens worden dat groei belangrijk is, dat wij de consensus zullen vinden om de beleidsmaatregelen te nemen voor meer groei. De discussie moet niet gaan over de maatregelen, maar over de doelstelling. Herman Daems