Wie niet binnen raakt bij Da Vinci, hoeft in Parijs niet met de vingers te draaien. In het Grand Palais loopt een expo over El Greco. De schilder was van Kretenzische afkomst, maar het hoogtepunt van zijn c...

Wie niet binnen raakt bij Da Vinci, hoeft in Parijs niet met de vingers te draaien. In het Grand Palais loopt een expo over El Greco. De schilder was van Kretenzische afkomst, maar het hoogtepunt van zijn carrière beleefde hij in Spanje. Na zijn dood in 1616 keek eeuwenlang bijna niemand meer naar zijn langgerekte, dynamische composities. Maar sinds kunsthistoricus Manuel Bartolomé Cossio hem herontdekte in 1908, behoort hij tot de absolute canon van de zestiende-eeuwse schilderkunst. Jammer voor de expo in het Grand Palais is dat het Prado in Madrid niet meewerkte. Wel leverden enkele grote Amerikaanse musea werken die zelden in Europa te zien waren. Naast schilderijen toont het Grand Palais ook een reeks zeldzame tekeningen, plus een beschilderde sculptuur. Hoewel de curatoren El Greco vooral in zijn tijd willen situeren, valt telkens weer op hoe dissonant en fris zijn stijl was: met zijn kleuren en zijn composities was hij de voorloper van het expressionisme.