De Amerikaanse economie heeft in de recente geschiedenis nooit dichter bij een Japans scenario gestaan. Die onheilstijding werd onlangs de wereld ingestuurd door James Bullard, de voorzitter van de Saint Louis Federal Reserve. De man bepaalt mee het geldbeleid van de Amerikaanse centrale bank (de Fed). Het bijhorende advies van Bullard om deflatie te voorkomen: begin nog niet met de 'exitstrategie', maar houd de geldkraan wijd open. Wat de Fed vorige week ook prompt deed, zeker nu de Amerikaanse economie opnieuw vertraagt, al dient een nieuwe recessie zich nog niet aan.
...

De Amerikaanse economie heeft in de recente geschiedenis nooit dichter bij een Japans scenario gestaan. Die onheilstijding werd onlangs de wereld ingestuurd door James Bullard, de voorzitter van de Saint Louis Federal Reserve. De man bepaalt mee het geldbeleid van de Amerikaanse centrale bank (de Fed). Het bijhorende advies van Bullard om deflatie te voorkomen: begin nog niet met de 'exitstrategie', maar houd de geldkraan wijd open. Wat de Fed vorige week ook prompt deed, zeker nu de Amerikaanse economie opnieuw vertraagt, al dient een nieuwe recessie zich nog niet aan. Deflatie, of een algemene daling van het prijspeil, lijkt op het eerste gezicht goed nieuws voor de consument. Maar deflatie is dodelijk voor de economie. Bestedingen worden uitgesteld als steeds lagere prijzen worden verwacht, bedrijven raken gevangen tussen stijgende reële lonen en dalende prijzen voor hun producten, en vooral, schulden wegen in reële termen steeds zwaarder. En dat is een extra last die de grote schuldenaars van deze wereld, de Amerikaanse gezinnen en westerse overheden, niet meer kunnen dragen. De westerse economie zou zich hopeloos vastrijden in de zuigende deflatoire modder, waaruit het nog moeilijk ontsnappen is. Vraag dat maar aan Japan. Een indicator van het Internationaal Muntfonds (IMF) leert dat het risico op deflatie nog altijd onrustwekkend hoog is (zie grafiek). Ook alarmerend: de kerninflatie in de VS en Europa is gedaald tot ongeveer 1 procent. De afstand tot de afgrond wordt dus oncomfortabel klein. En de rente op overheidsobligaties zakt tot nieuwe dieptepunten, wat een signaal is dat obligatiebeleggers zich zorgen maken over de ontwikkelingen aan het prijsfront. Toch is de rush naar overheidsobligaties ook een weerspiegeling van de risico-aversie van de beleggers, die rust en zekerheid zoeken in staatspapier. Het resultaat is dat de rente op lange termijn sneller daalt dan de inflatie, waardoor de reële rente daalt, en daar is het de centrale banken net om te doen. Toch waait er een krachtige deflatoire wind in het Westen. De combinatie van de implosie van de Amerikaanse huizenmarkt, de beurscrash van 2008, de financiële crisis die het banksysteem net niet lam legde, de zware recessie en bijhorende overcapaciteit die de prijsmacht van de bedrijven kapot maakt, en de aanhoudend hoge werkloosheid volstaan in principe ruimschoots om de deflatiedemon wakker te maken. Alleen dankzij ongezien ingrijpen van de centrale banken - rente naar nul en een verdubbeling van de hoeveelheid basisgeld - bleef de doos van Pandora gesloten. De strijd is echter nog niet gewonnen, vooral omdat het banksysteem nog lang niet naar behoren functioneert. De klassieke geld- en kredietcreatie, die nodig is om een nominale groei van de economie van pakweg 4 procent te financieren, ligt nog grotendeels lam. De eerste schuchtere signalen duiken op dat er opnieuw wat leven in de brouwerij komt, maar zolang de natuurlijke gist zijn werk niet doet, moeten de centrale banken zelf het deeg opblazen om deflatie te voorkomen. Fed-voorzitter Ben Bernanke volgt daarbij de handleiding die hij in 2003 zelf schreef. Desnoods moet de overheid maar dollarbiljetten uit helikopters strooien om deflatie te vermijden, vandaar de bijnaam 'Helicopter Ben'. Ben Bernanke wordt intussen hier en daar al 'B52 Ben' genoemd, omdat hij de geldpersen nog voor langere tijd op volle toeren wil laten draaien. Voor alle duidelijkheid, vandaag is er van deflatie nog geen sprake. Niet in de VS en niet in Europa. Geruststellend is dat deflatie zich nog niet in de hoofden van de consumenten heeft genesteld. De inflatieverwachtingen brokkelen af, maar schommelen nog rond 1,5 procent. De Europese Centrale Bank verwacht zelfs een geleidelijke stijging van de inflatie in het spoor van het herstel. Dat ook de lonen in het eurogebied met gemiddeld 2 procent stijgen, werpt een dam op tegen de deflatiedreiging. "En misschien zal het Duitse exportmirakel zich eindelijk vertalen in hogere Duitse lonen", zegt Peter Vanden Houte, hoofdeconoom van ING België. Er zit ook wat inflatie in de pijplijn door de gestegen olie-, grondstoffen- en voedselprijzen. Een beetje kan helpen in de strijd tegen deflatie, maar te veel van het goede zou de centrale banken in een moeilijk parket plaatsen, zoals in 2008. Piekende grondstofprijzen joegen de inflatie omhoog, waardoor bijvoorbeeld de ECB de rente optrok op een moment dat de economie al vertraagde. Leg het maar uit, Jean-Claude Trichet zijnde. Een schizofrene situatie met ingevoerde inflatie tegenover interne deflatie is daarom bijzonder vervelend voor de centrale banken. Bovendien kunnen stijgende olieprijzen de interne deflatie nog versterken omdat er inkomen uit onze economie weglekt naar de grondstofexporterende landen. En als de grondstofprijzen te fel stijgen, haalt dat de economie onderuit, zoals 2008. Deflatie komt dan nog een stapje dichterbij. De vorige deflatiedreiging in 2002 en 2003, na de implosie van de internetzeepbel en bijhorende recessie, werd met succes in de kiem gesmoord. Maar daar werd een veel te hoge prijs voor betaald. Er werd een nieuwe kredietbubbel opgeblazen, en het is precies de implosie van die zeepbel die nu een nog grotere deflatiedreiging veroorzaakt. Of hoe de beleidsmakers de ene bosbrand blussen door een andere, nog grotere aan te steken. Er gaan daarom steeds meer stemmen op om toch voorzichtig te zijn met een langdurig gratisgeldbeleid, precies omdat dit beleid op langere termijn heel ongezond is. Mocht een beleid van gratis geld voor iedereen de weg naar voorspoed plaveien, dan was Zimbabwe nu het rijkste land ter wereld, en was de Duitse Weimar-republiek in de jaren dertig een stabiele democratie gebleven. De kritische stemmen zijn niet de minste. De Bank van Internationale Betalingen wees al op de gevaren van een te soepel monetair beleid, en vorige week werd er ook van binnen de Fed zwaar uitgehaald door Thomas Hoenig, voorzitter van de Kansas Fed. Zijn analyse: "We mogen de fouten van het verleden niet herhalen door de rente te lang te laag te houden. Gebruiken we een heel soepel monetair beleid opnieuw als manusje-van-alles, dan vervallen we over enkele jaren in een zware recessie en hoge werkloosheid. In het spoor van het herstel moet de beleidsrente dus langzaam omhoog. Het schept onzekerheid als je het herstel blijft begeleiden met nulrentes. Ik wou dat gratis geld echt gratis was, en dat er een pijnloze weg bestond van recessie en hoge schuldenlast naar een duurzame groei. Maar dat pad kan je helaas niet afsnijden." Door Daan killemaesAls de grondstof-prijzen te fel stijgen, haalt dat de economie onderuit, zoals 2008. Deflatie komt dan nog een stapje dichterbij.