OPBRENGST EN BOETE.
...

OPBRENGST EN BOETE.Michael DeGroote heeft steeds oog gehad voor interessante beleggingen. In de jaren tachtig geraakte hij bevriend met de legendarische Amerikaanse zakenman van Nederlandse origine, Wayne Huizenga, in die tijd een collega afvaltycoon van DeGroote. In '87 kocht Huizenga de videoverhuurketen Blockbuster in Dallas, toen goed voor een handjevol winkels en een marktkapitalisatie van 32 miljoen dollar (973 miljoen frank). Op vraag van Huizenga investeerde DeGroote een jaar later 15 miljoen dollar (456 miljoen frank) in Blockbuster. Een schitterende zet : in '94, toen Huizenga Blockbuster verkocht aan Viacom, telde de videoketen 4500 winkels (onder andere door overname van de VS-winkels van Super Club, toen in handen van Philips) en een marktkapitalisatie van meer dan 8 miljard dollar (243 miljard frank). Opbrengst van DeGrootes investering in Blockbuster : "2000 tot 3000 %," zei Huizenga ooit aan een journalist. Een donkere vlek in de carrière van DeGroote is een zaak rond vermoedelijk misbruik van voorkennis. In '91 een half jaar nadat hij was teruggetreden als hoofd van het Canadese afval- en schoolbusconcern Laidlaw (zie hoofdverhaal) leende DeGroote 27 miljoen Canadese dollar (548 miljoen frank) aan het Britse Seakist Overseas. Dat was enkele weken vóór Laidlaw tegenvallende resultaten bekendmaakte, iets wat DeGroote moet hebben vermoed. Seakist gebruikte het geld voor short selling van Laidlaw-aandelen. Een short seller anticipeert op een verwachte koersdaling door aandelen, die hij nog niet bezit, te verkopen op termijn. Op het ogenblik van levering koopt hij de aandelen waarvan de koers intussen hopelijk is gezakt op de contantmarkt en strijkt winst op. Laidlaw maakte effectief slechte resultaten bekend. Seakist maakte een winst van 16,5 miljoen Canadese dollar (335 miljoen frank). De opdrachtgever van de transactie zou de Vlaamse ondernemer Rik Herbots zijn geweest, een vriend van DeGroote. De Ontario Securities Commission (OSC), het controleorgaan van de Canadese aandelenmarkt, gaf DeGroote de keuze : ofwel een openbaar verhoor, ofwel een minnelijke schikking met daarin een boete van 23 miljoen Canadese dollar (467 miljoen frank). DeGroote koos voor de minnelijke schikking. "Openbare hoorzittingen zouden minstens twee jaar van mijn leven hebben gevergd : nu eens een week, de maand daarop weer tien dagen enzovoort," zegt DeGroote. "En dat alles om te bewijzen dat ik niets verkeerds deed. De OSC heeft mij trouwens nooit beschuldigd. Maar soms verdraait de pers de zaken zodanig dat mensen iets anders lezen." DeGroote leidde toen Republic Waste Industries dat problemen had (zie hoofdverhaal). "Ik had daar al mijn tijd en aandacht voor nodig," zegt DeGroote. "Dus koos ik voor de boete. Ik wilde vooruit in het leven."